Tagarchief: verslaving

Einde verslaving

(Met dit verhaal haalde ik afgelopen mei de derde plaats bij een schrijfwedstrijd. De prijs bestond uit een redactie van een 1000 woorden verhaal. Omdat ik meestal verhalen van 500 of 1500+ woorden maak mocht ik er twee van 500 inleveren 😉 Van het tweede verhaal moet ik de uitslag nog ontvangen…. Ik zal de naam van de uitgever niet noemen, want misschien heb ik gewoon pech, maar netjes vind ik het niet. Ook mochten de winnaars hun verhaal niet publiceren omdat de uitgever dat via eigen kanalen wilde doen, maar ook dat is nog steeds niet gebeurd. Daarom gewoon lekker hier te lezen 🙂 De opdracht was: ‘vrij en niet meer dan 500 woorden.’ Dan wordt het in mijn geval zoiets. )

Einde verslaving

Ik sta voor de spiegel en haal diep adem. Ik bekijk mezelf goed en schud langzaam mijn hoofd. Ik weet dat ik moet ingrijpen maar tegelijkertijd vind ik dat een hele stap. Niemand heeft het immers in de gaten. Het heeft wel even geduurd, maar ik geef het toe: ik ben verslaafd. En niet zo’n beetje. Echt behoorlijk verslaafd. Ik kan niet meer zonder. Vorige week heb ik het nog geprobeerd maar na twee dagen zat er geen nagel meer aan mijn vingers. En gaf ik me direct weer gretig over. Moet ik hulp zoeken? Of kan ik het best zelf? Oké, morgen ga ik stoppen! Dat betekent vandaag nog één allerlaatste keer. Ik haast me uit de badkamer en plof op de bank met mijn laptop. Ik surf hongerig door allerlei kledingsites. Hier en daar klik ik wat aan en gooi het in mijn virtuele mandje. Na de betaling en bevestiging leun ik tevreden zuchtend achterover.

Elke bestelling geeft mij kriebels. De laatste tijd slaap ik er zelfs onrustig van. Ik kijk veel te vaak op mijn telefoon om te zien waar mijn bestelling zich bevindt. Ho, wacht eens even, denk jij nou dat ik verslaafd ben aan online shoppen? Nee joh, dat heb je helemaal mis. Ik doe het graag en veel omdat ik Roberto dan heel vaak zie. De koerier! Wat een stuk is dat. Lang èn breed èn donker èn gespierd èn beleefd. Heel beleefd. Naar mijn zin soms te beleefd. Afgelopen zomer, met die vreselijke warmte, bood ik hem regelmatig iets te drinken aan, wat hij beleefd aannam, opdronk, om daarna met een beleefde hoofdknik weer te verdwijnen. Van de winter heb ik hem zelfs gelokt met warme chocolademelk. Steeds maakte mijn hart een sprongetje als zijn auto verscheen. Ik bestelde me suf aan pakketjes en had het er graag voor over de volgende dag alles weer terug te moeten sturen via het postkantoor. Op een gegeven moment had ik hem zover dat hij mijn huis als laatste bezorgadres plande, zodat we meer tijd hadden om met elkaar te praten. Soms wel drie keer in de week. En alle keren waren daar de onderhuidse spanningen. Was het een onschuldige flirt of was er meer? Van mijn kant zeker wel meer! Denk ik. Toch? Ik moet hier duidelijkheid in krijgen, anders word ik gek. Daarom besluit ik hem met de komende bestelling opnieuw binnen te vragen en hem te overrompelen. Maandagavond hijs ik me daarom in een sexy dingetje, zet overal kaarsen neer en doe een bedwelmend luchtje op. Zodra ik zijn auto zie aankomen schuif ik de gordijnen dicht en doe de lampen uit. Snel haal ik nog een hand door mijn haar en open met, wat ik denk, een zwoele glimlach de voordeur. Dan blijven de ingestudeerde woorden in mijn keel steken want in plaats van de knappe Roberto staat daar een onbekend slungelig  joch. ‘Waar is Roberto?’ vraag ik dwingend. ‘Eh…o…Roberto? Ik val voor hem in want hij is gisteren getrouwd.’

 

 

De Blik

Je mag blij dat je dit nog kunt lezen. Of beter gezegd ik mag blij zijn dat ik dit nog kan schrijven! Ik heb gisteren namelijk tot drie keer toe De Blik gekregen. De blik van ‘Mens, bemoei je er niet mee!’, de blik van ‘Verdwijn! Los op! Verlaat deze plek!’, de blik van ‘Als blikken konden doden’. Levensgevaarlijk dus. Op het nippertje aan de blikkendood ontsnapt.

Ik was die dag al zeker zes keer bijna van mij sokken gelopen, gefietst, gescooterd door zombies op zoek naar virtuele wezentjes. Zombies met verwrongen geesten, verkrampte handen en rode ogen die plotseling, onaangekondigd, blijven stilstaan om…eh…iets te vangen. Het gaat hier om kleine maar ook grote zombies, alle kleuren zombies, alle rangen en standen zombies. Van haastige kantoormeisjes tot huisvaders, van basisschoolleeftijd tot ver, heel ver, daar boven.

Nu kun je daar natuurlijk geagiteerd op reageren maar dat helpt niet. Je dringt niet door tot hun wereld. Daarom dacht ik er goed aan te doen me enigszins in te leven in hun belevingswereld en belangstellend over te komen. Zo vroeg ik een jongetje van een jaar of tien, die in opperste concentratie over zijn  scherm stond te vegen ‘Hoeveel heb je er al?’. Ik had namelijk gekoekeld naar het doel van het spel en in de beginnerinstructie staat vermeld dat je er 150 moet verzamelen/vangen. Dus dit leek mij een logische vraag. Het ventje schrok echter zo van mijn oprechte belangstelling dat hij vergat te vangen. Ik kreeg De Blik. Een veel grotere jongen, met een reuzenbaard en een Pokémon t-shirt, stopte opeens met fietsen. Hij veegde en veegde. ‘Hè, te laat’ zuchtte hij diep teleurgesteld. In een poging hem op te beuren opperde ik ‘Heb je al achter die boom gekeken?’. Ik kreeg wederom De Blik. Even later wilde ik een fietspad oversteken maar er stond een jongedame met een scooter. Ze wendde haar mobiel alle kanten uit, omhoog, omlaag, schuin achter. Als een regisseur die de juiste hoek zoekt. Ik dacht nog even dat ze een juiste positie voor een selfie zocht dus bood ik haar spontaan aan ‘Zal ik even een foto van je maken?’. Ik ontving voor de derde keer De Blik.

Mijn strategie werkte niet zoals bedoeld maar ik heb me een Snorlax gelachen.

snorlax