Tagarchief: treinreis

Perrongelukje

Al geruime tijd volg ik de Facebookpagina ‘Perrongelukjes’, geschreven door Marcel Rutten. Hier staan treinverhalen, persoonlijke ontmoetingen die in de trein plaatsvinden en elk verhaal bevat wel een andere emotie. Echt een aanrader. Toen ik laatst met de trein naar Berlijn was probeerde ik ook zo’n Perrongelukje te schrijven. Marcel plaatste het direct…. Voor wie het nog niet gelezen heeft, hier nog maar es 😉

Aan de boemel

Eerlijk gezegd reis ik nooit met de trein, maar opeens kreeg ik het idee om me per spoor te laten vervoeren naar Berlijn. Als superfan van de Facebookpagina Perrongelukjes hoopte ik ook meteen op een interessante ontmoeting!

Ik zit derhalve met een spiedende blik, een luisterend oor, en een opschrijfboekje in de aanslag. Er valt genoeg te beleven. Een mevrouw aan de andere kant van het gangpad leest een grootletter e-book: ze blijft swipen! In het bagagerek boven haar hoofd ligt een schepnet!? De overige reizigers kan ik niet zien, daar zet ik andere zintuigen voor in. Iemand heeft een naar hoestje. Iemand snurkt zachtjes. Iemand heeft zijn telefoon te hard staan. Meerdere mensen hebben krakende zakjes met eten mee.  Een groep middelbareschooljongens loopt langs. Ze ruiken ze naar te goedkope aftershave, na gebruikmaking van de restauratie ruiken ze naar opgewarmde pizzabroodjes. Iemand eet mandarijntjes. Er hoest nog steeds iemand. Maar een persoonlijk verhaal is me na vijf en een half uur niet gelukt.

Na een weekje ben ik voor de terugreis een half uur te vroeg op Hauptbahnhof Berlin en kijk mijn ogen uit. Eerder genoemde jongeren gaan ook weer terug, zien wit van moeheid en dragen dezelfde trui met opschrift ‘I hartje Berlin’. Er zijn stoere reizigers met een rugzak achter en ook eentje voor, heet dat dan een buikzak? Etende zakenmannetjes met driekwartjas en tablet, een spoor van croissantkruimels achter zich latend. Modebewuste mensen waarvan de haarkleur nauwkeurig overeenkomt met hun blauwe schoenen. Giechelende dames, duidelijk een dagje samen op pad. Echtparen, zij wijst links, hij rechts.

Hoopvol stap ik in. Pas twee haltes voordat ik moet uitstappen gebeurt het toch! Er verschijnt een dame en ze gaat aan de andere kant van het gangpad naast me zitten. Ik schat haar halverwege de vijftig, ze draagt een niet erg afkledende spijkerbroek met wijde pijpen, suède laarsjes die vast heel mooi waren bij de aanschaf en een zwart-witgeruit jasje dat een kilo of acht te klein is. Rode wangen en een vochtig randje haar doen haar hormonale fase vermoeden. Ze is druk met allerlei tassen dus ik kan nog even onopvallend kijken en opeens zie ik het: ze lijkt sprekend op Loes! Je weet wel, Loes van die hilarische filmpjes op YouTube ‘Met Loes’, gespeeld door Loes Schnepper. Zelfs haar stem lijkt op die van Loes. Ze neemt namelijk direct haar telefoon ter hand en ik hoef alleen maar te luisteren. Bijna zonder adem te halen werpt ze haar verhaal slachtofferig door de trein.‘Zo, ik ben vertrokken, ik dacht ik laat het je even weten. Meer kan ik er echt niet bij hebben hoor. Nee hè, wat zijn we nu aan het doen dan? Ik ben vooral pissig over die opmerking over… Uitgerekend nu wordt er iets omgeroepen! Welke opmerking? Heeft ze ruzie met haar man? Gaat ze hem verlaten? ‘Sorry daar kan ik heel boos om worden. Hé, graag of niet, ik heb er geen behoefte meer aan. Bel jij d’r anders even. Ik kan er niets meer aan doen. Ze snapt me niet en ik moet maar en ik moet maar, maar ik moet helemaal niks! Ik ben gewoon boos, begrijp je’. Aha, geen man, maar ruzie met een vriendin? En dat ze boos is dat begrijpen we allemaal luid en duidelijk. ‘ Sorry hoor, maar ik moet dit ook kwijt. Dit vreet energie. En ik ben al zo moe de laatste tijd. Weet je, ik ga deze reis gebruiken om los te komen. Even weer leuke dingen. De trein rijdt gelukkig de goede kant op, haha, richting leuke dingen. Nou lieverd ik ga je hangen en leuke dingen doen. Groetjes aan Jo hè!  Doehoeg!’ Wat denk ik nu? Wat een positieve vrouw? Zo snel schakelen! Of houdt ze zich flink? Ik ben bereid iets vriendelijks tegen haar te zeggen, iets bemoedigends, voordat ik uitstap. Ik draai me naar haar toe met mijn jas en mijn ‘I hartje Berlin’-tas en hoor haar opeens gniffelen. Ze appt als een razende en heeft een vilein lachje om haar mond, zichtbaar genietend van een doos chocolade op haar schoot. Is ze eigenlijk wel slachtoffer? Zo te zien heeft ze niets vriendelijks van me nodig, ze troost zichzelf prima!

Zo’n treinreis, het is een wonderlijke verzameling van werelden, van levens, van levensverhalen, van verleden en toekomst. Misschien toch eens vaker doen.

 

 

Wie de schoen past

Met een schrijfvriendin loop ik in de buurt van een treinstation in Zoetermeer. Ze stoot me aan en zegt, wijzend naar het blauwe kleinood op straat: ‘Daar moet je een foto van nemen, kunt je een mooi verhaal van maken!’ Aangezien ik uiterst braaf en volgzaam ben (soms) doe ik wat zij zegt.

IMG_20160502_190036764

Maar nu zit ik er toch een beetje mee. Er spelen verschillen scenario’s door mijn hoofd. Hoe los ik dit op?

Niet!

Jij, lieve lezer, lost het maar op! Ik maak er een meerkeuzevraag van.

Vraag: wat is hier gebeurd?

Antwoord a:

Ik zit prinsheerlijk in mijn wandelwagentje. Ik hoef niet te lopen. Mijn moeder vindt dat ik te langzaam ga. Nou, dan blijf ik toch lekker zitten. Ik heb mijn speen, mijn boekje en mijn rammelaar. Ik hoef maar een kik te geven of Mama geeft mij snel een koekje. In de trein vond ik het ook wel grappig. Veel mensen lachten zomaar naar me en zeiden dan tegen Mama dat ik lief ben. Mama zuchtte maar eens. Mama zucht best vaak. Verder zorgt ze goed voor me hoor. Ik krijg op tijd eten en drinken en regelmatig nieuwe kleren. Net als deze schoenen. Prachtig om te zien maar… ze zitten helemaal niet lekker. Ze knellen. Toch eens proberen of ik ze uit kan krijgen. Mama is druk met haar smartphone en ziet niet dat ik hulp nodig heb. Maar ik kan het best zelf, ben best al groot. Even rekken. Nog een klein stukje Ja! Zo. Gelukt! Nu die andere nog.

Antwoord b:

Ik zit prinsheerlijk in mijn wandelwagentje. Ik hoef niet te lopen. Mijn Papa vindt het lastig als ik wel eens een andere kant uit ga. Nou, dan blijf ik toch lekker zitten. Het is papadag en we zijn samen met de trein naar de grote stad geweest. Mama had hem een lijstje meegegeven. Dus gingen we naar de Hema, de Blokker en naar Xenos. We ging ook nog naar een café. Of dat ook op het lijstje stond weet ik niet helemaal zeker. Papa nam een biertje en ik kreeg een ijsje. Mama zal wel zuchten dat ik er weer helemaal onder zit. Twee mevrouwen vonden mij en mijn vader wel leuk en poetsten mij weer een beetje schoon. Als laatste ging Papa nieuwe schoenen voor mij kopen. Ik ben niet zo van de merken maar hij wilde perse Nikes. Ik vond ze ook prachtig maar…we waren veel te groot. Ik wiebelde wat heen en weer. En toen had ik er nog maar één.

Antwoord c:

Ik zit prinsheerlijk in mij wandelwagen. Ik hoef niet te lopen. Mijn oma wordt zenuwachtig als ik los loop. Eerlijk gezegd denk ik dat ik een stuk harder kan lopen dan mijn oma. Dus ik blijf braaf zitten. Om de tien meter komt oma voor de wagen staan en knijpt mij in de wangen. Ze roept steeds ‘Waar is oma’s grote jongen dan?’. Ik weet ook niet waarom. Om te checken of ik nog leef of zo? Opa was namelijk op een dag dood in zijn stoel blijven zitten. Of wil ze zichzelf er van overtuigen dat ze heus nog wel weet wie er in de wandelwagen zit. Oma vergeet wel eens wat. Gelukkig gaan we de goede kant op naar huis. Oma houdt ook niet van verspillen. Mijn nieuwe Nikes vond ze prachtig maar…zwaar overdreven. Omdat ze bang was dat iemand die mooie schoenen zou stelen heeft zij ze in haar jaszak gestopt. Dat vond ik dan weer overdreven. Maar goed, zij is de oudste en aannemelijk de wijste. Als zij in haar tas rommelt om haar ov-pas op te bergen in een geheim vakje en te controleren of de huissleutel nog wel in het andere geheime vakje zit, zie ik het gebeuren: mijn mooie blauwe rechter Nike vliegt op de grond. Als ik het kenbaar wil maken stopt oma mijn speen in mijn mond. Nou ja, ik kan toch nog niet praten. Maar Oma heeft wat uit te leggen thuis.

Antwoord d:

Iets anders.

Het lijkt wel examen. Maar het fijne is dat deze keer alle antwoorden goed zijn! Gefeliciteerd!