Tagarchief: Sofamonoloog

Sofamonoloog

(Dit verhaal heb ik ingestuurd voor een schrijfwedstrijd georganiseerd door ‘Op Ruwe Planken’. Deelname verliep op een speciale manier. Ik heb mij aangemeld en kreeg toen via de mail ‘een ‘psychiatrische aandoening’ toegewezen. Vanuit die aandoening moest ik een monoloog schrijven vanaf de sofa van de psychiater. Ik kreeg ‘narcisme’ toegewezen en vond dit moeilijk want waarom zou iemand die zichzelf zo geweldig vindt ooit naar een psych gaan…? ) narcist

Sofamonoloog van een Narcist

“Ja, meneer de psychiater, dit is nog eens wat anders hè! U heeft op deze mooie dag iemand op uw sofa liggen zònder problemen. Geinig bankje wel. Zelf heb ik ook zoiets maar dan groter en met een stevigere stof. Handgemaakt in Milaan. Ik houd nu eenmaal van mooie dingen. Ze passen me. Vinden de vrouwen meestal ook mooi. Hoewel mijn laatste relatie er niet veel aan vond. Ze zag de schoonheid er van absoluut niet. Had trouwens sowieso wat moeite om kwaliteit van rommel te onderscheiden. Verder was ze wel oké om mee te leven hoor. Dat wil zeggen in het begin. Ik ontmoette haar op een verplichte vernissage en hoefde er, zoals gewoonlijk, niet veel werk van te maken. Heb ik wel vaker. Maar je wilt je toch van je charmante kant laten zien en daarom gaf ik haar regelmatig elegante boeketten met mijn favoriete bloemen. Nam haar mee naar stijlvolle restaurants waar ik een graag geziene gast ben. Gaf haar smaakvolle sieraden die ik zelf voor haar uitzocht. Ja, ik heb er heel wat ingestoken. Maar daarna, op het moment dat ik wat dingetjes voor mezelf opeiste gaf mevrouw opeens niet thuis. Ik bedoel, ik kan het toch niet helpen dat ik tijdens een weekendconferentie even gebruik maakte van een andere bedgenote. Waar staat geschreven dat dit niet mag. Het enige wat ik van haar verlang is dat ze mijn lievelingseten bereidt, mijn sokken op juiste kleur in mijn kast legt, dat soort kleine dingen. Dat is toch niet teveel gevraagd zou je denken. Echt, op een gegeven moment deed ze niets meer goed. Ik ergerde me kapot. Ik moest wel ingrijpen. Heb haar flink de waarheid gezegd. Laat dat maar aan mij  over. Meteen janken natuurlijk. Janken!  Man, ze hield niet meer op. Bedenk wel dat ik ook nog een zaak draaiende houd hè. Mijn eigen zaak, waarover ik als directeur en tevens eigenaar belangrijke beslissingen moet nemen. Personeel heb ik niet, dat geeft alleen maar gedoe. Maar ik heb voldoende talenten en ervaring om succesvol te blijven. Door het unieke concept, dat ik natuurlijk zelf bedacht heb, komen klanten van heinde en verre  speciaal voor mij . Dus je begrijpt dat ik haar gezeur er niet bij kon hebben. Uiteindelijk heb ik haar weggestuurd naar een of ander deftig hotel waar extra vrouwendingen georganiseerd werden. Had ik eindelijk rust thuis! Toen ze terug kwam was het kermen afgelopen en ging het een poosje goed. Ze voldeed een korte periode prima aan mijn wensen. Totdat het opnieuw uit de hand liep. Ze ging teveel haar eigen weg, liet mij teveel links liggen. Door haar gedrag dreef ze me als het ware in de armen van onze nieuwe buurvrouw, die al vanaf de eerste kennismaking een oogje op me had. Op en een of andere manier kreeg mijn wijze van denken geen vat op haar. Zegt natuurlijk meer iets over haar dan over mij. Hé! Ik heb opeens een geweldig idee meneer de psychiater…ik wil een afspraak bij je maken voor háár! Zij is hier duidelijk degene met een probleem. En laat daarna maar even weten of je nog meer klanten wilt, ik ken er genoeg.  Mensen doen graag iets voor me. En zo is dit werk voor jou ook een stuk spannender want zoals ik al zei ´niet iedereen gaat zo probleemloos door het leven als ik´.”