Tagarchief: rood haar

Verhalenslang 3/25

(De laatste zin van het vorige verhaal is de eerste zin van dit verhaal. Ze hebben niets met elkaar te maken.)

knoop 2

Het is een meisje met knalrood haar. Ze schaterlacht. Ze huilt. Ze daagt uit. Ze lacht. Ze is boos. Op de laatste foto ligt haar rechter wijsvinger op haar lippen en heeft één oog dicht. Alsof je deelgenoot maakt van een groot geheim. Hij gaat rechtop zitten en laat verwonderd de camera op zijn schoot rusten. Al zijn hebben en houden past precies op dit bankje, met wat ruimte voor zijn blikjes bier. Zo’n mooie vondst heeft hij nog nooit gedaan. Het ding lag zomaar op de bank. Zijn bank. Onder de grootste kastanje van het park. Hij draait de camera om en om en probeert een prijs te bepalen. Hoeveel zal Joop hem hiervoor willen geven. Het is een prachtig ding.

“Meneer, mag ik u iets vragen? Heeft u toevallig een camera gevonden? Ik denk dat ik hem hier ergens heb laten liggen!” De slungelige jongeman kijkt hem serieus aan. Aha, de camera is vergeten dus. Dan is het een gevonden voorwerp en mag hij er mee doen wat hij wil. Verkopen ook. Voor alcoholisch levensonderhoud. “Nee,” zegt hij: “Niet gezien. Maar ik wil je wel helpen hoor. Als jij nou daar verderop zoekt zal ik hier nog eens goed kijken.” De jongeman steekt aarzelend een hand op druipt af. Nogmaals bekijkt hij de intrigerende foto’s . Het meisje doet hem aan iemand denken. Zijn dochter zal nu van dezelfde leeftijd zijn. Ruim tien jaar niet gezien.

“Nou jongeman, je boft, ik heb een camera gevonden!”

“Echt! Ik ben u eeuwig dankbaar!’

“Maar kun je bewijzen dat hij van jou is?”

“Ja natuurlijk!” Hij ratelt alle details van het toestel op.

“Dus deze camera is van grote waarde voor jou?”

“Ja meneer, ik heb hem hard nodig voor mijn opleiding. Mag ik hem nu terug?”

“Wat zijn de laatste foto’s die er op staan?”

“Een fotoshoot met Belinda! Mooi meisje, beetje bleek maar dat heb je snel met roodharige. Ze had ze nodig voor haar portfolio. Gelooft u me nu?”

“Oké dan. Hier. Mag ik zeggen dat je mooie foto’s maakt? Maar hoe kan het ook ander met zo’n model. Doe de groeten aan Belinda!”

Hij raapt zijn spullen bij elkaar en sjokt weg. Naar een ander bankje. Dromend van een ander leven. Met een roodharige dochter. Het lege blikje rolt in het gras.

Verhalenslang 2/25

(De laatste zin van het vorige verhaal 1/25 is de eerste zin van dit verhaal en de verhalen hebben niets met elkaar te maken.)

Niemand ziet de Aziatische man achter de pilaar. En dat weet hij. Het is het enige plekje waar hij snel ongestoord zijn telefoon kan checken. Voor de derde keer toetst hij het nummer van zijn vrouw in. Voor de derde keer neemt zij niet op. Waarom niet? Had hij toch thuis moeten blijven? Waren die buikkrampen nou weeën of niet? Xue liet niet al teveel merken vanmorgen. Ze liet de laatste maanden sowieso niet veel merken. Sinds de constatering van haar derde zwangerschap leek het of ze in haar eigen wereld leefde. Hij wilde haar graag bijstaan, haar laten merken dat hij het geweldig vond en dat de afspraak het bij twee te laten helemaal van de baan was. Al die maanden kon hij niet tot haar doordringen, haar niet bereiken. Opeens breekt het zweet hem uit. Dat hij daar niet eerder aangedacht heeft! Haar zus! Driftig toetst hij een ander nummer. Dan valt de telefoon bijna op de grond  als hij een hand op zijn schouder voelt. Razendsnel draait hij zich om. “Gaat u die drankjes nou helemaal uit China halen?! We staan al uren  droog!”

Hij haast zich naar de bar en bezorgt de bestelling bij tafel 13. Daar gaat zijn fooi… Nog een geluk dat de baas het niet zag, anders werd het van zijn salaris ingehouden. Hij heeft een hekel aan zijn werk, ober in het Chinese restaurant van een achterneef, maar kan het geld niet missen. Zeker nu zijn gezin weer groter wordt. Op de automatische piloot voert hij de handelingen uit die van hem verwacht worden. Hij serveert, neemt bestellingen op, glimlacht zijn kaken stijf, deelt warme handdoekjes uit, zwaait klanten vriendelijk uit. Als eindelijk is de laatste gast is vertrokken fietst hij in een rap tempo naar huis, een rood stoplicht negerend en een kind op een driewieler ternauwernood ontwijkend.

Hijgend staat hij naast het bed van zijn vrouw. De verloskundige verlaat schichtig de kamer. In de armen van Xue ligt een klein bundeltje. Haar ogen kijken nog steeds naar binnen gericht. Ze hebben iets verdrietigs. Nee, eerder iets bangs! Is er iets niet goed met de baby? Is ze bang dat hij een derde zoon niet leuk vindt? Hij wilde heel graag een dochter maar op dit moment maakt het hem niets meer uit. Wat is er aan de hand?! Dan slaat ze het dekentje voorzichtig terug. De baby ziet er helemaal gaaf uit. Een meisje! Tergend langzaam schuift ze het mutsje van hun dochter. En dan ziet hij het. Het is een meisje met knalrood haar.

De verzamelaar

(Dit verhaal heb ik ingestuurd voor de schrijfwedstrijd georganiseerd door uitgeverij Ambilicious. Er kon een keuze gemaakt worden uit de onderwerpen ‘Rosa Maris’, ‘De verzamelaar’ of  ‘Wegversperring’. En het mocht niet meer dan 500 woorden bevatten. Ik heb gekozen voor de middelste en kwam uit op 498 woorden. Geen winnend verhaal maar leuk om te doen. )

Met gesloten ogen leunt ze even tegen de voordeur. Het is gelukt. Een diepe zucht. Met trillende handen maakt ze het pakket open. Het eeuwenoude gepolitoerde hout komt tevoorschijn. Haar ademhaling stokt als ze het hele meubel ziet. Precies wat ze bedoelde. Puntgaaf op wat charmante gebruiksspoortjes na. En ook een model dat nog niet in haar bezit was. Zo snel als het gewicht het toelaat sleept ze de secretaire naar het enige lege hoekje van de woonkamer. Perfect. Alsof het daar altijd al heeft gestaan.

‘Mooi?’ vraagt ze, zijn bedenkelijke blik volgend. Overbodig. Hij verzoekt haar al jaren geen ‘oude rommel’ meer te kopen. Hij begrijpt haar niet. Hoe interessant ze het vindt dat achter elk voorwerp een heel leven schuil gaat. Een leven van iemand anders. Waar ze zich moeiteloos in kan verdiepen. Een naam en adres in kinderlijk handschrift geschreven op het voorblad van een boek. Van wie kreeg de eigenaar dit boek? Een inscriptie op een zilveren lepel. Ter ere van wat? Een fijn porseleinen kannetje met een klein scherfje er af. Wat is er gebeurd? Zo ook deze secretaire. Van wie was het en waarom moest het weg. Ze prijst zichzelf gelukkig dit moois te bezitten.

Natuurlijk weet ze dat het compensatie is. Voor het gedrag van Marcel. Zeven jaar geleden biechtte hij op dat de relatie die hij met een collega had voorbij was. Ze wist nergens van. Wel werden de late avonden en werktripjes direct schrijnend helder. Ze was met stomheid geslagen, sprak een maand lang geen woord. Dubbend op wie de meeste woede was gericht. Op hem of op haarzelf. Hij ging door het stof voor haar. Probeerde haar te sussen met een antiek schilderij. Ze kende het schilderij. Al tijden stond ze verlangend voor de etalage. Eigenlijk was haar echte verzameldrang daar begonnen. Als vergelding. Voor wat hij haar aangedaan had. Ze kocht. En kocht.

Deze keer kijkt Marcel wel erg bevreemd. Meestal bemoeit hij zich niet met haar aankopen. Nu vraagt hij zelfs naar de herkomst. Ze geeft, zoals altijd, een vaag antwoord. Hij voelt zich teveel en verdwijnt naar boven. Dan kan ze zich helemaal overgeven aan haar nieuwste aanwinst. Ze trekt een stoel dichterbij. De klep gaat soepel open en dicht. De binnenkant toont verschillende vakjes en laatjes. Verwachtingsvol opent zij ze één voor één. In de laatste treft ze een dubbele wand aan. Haar slanke hand past er net tussen. De vingers tasten in het rond en stuiten op een stapel papier. Voorzichtig trekt ze de papieren uit het geheime vakje.

Het blijkt een stapel foto’s. Van een jongedame. Mooi is ze. Rood haar en groene ogen. Apart. Een vrouw die mannen mooi vinden. De tweede persoon op de foto is Marcel. Samen met de roodharige op het strand. Samen aan een chique gedekte tafel. Samen aan het paardrijden. Samen voor een open haard. Een verzameling van mooie momenten van verliefde mensen. Op de laatste foto zijn ze met z’n drieën, de baby in het midden.