Tagarchief: paasstukjes

Stoffig

Hier in Apeldoorn is op maandagmorgen een halve markt. Geen halve kramen maar de helft van het Marktplein wordt tijdelijk bevolkt door marktkooplui met hun uitpuilende kramen.

Er staat een notenkraam, gerund door een besnorde Egyptenaar. Een snor met omhoog krullende punten. Alsof hij constant lacht. Zijn ogen lachen niet mee. Die hangen een beetje. Maar ja, op maandagmorgen kopen de mensen geen weekendmix. Of dadels, per vijf kilo. In een mooi kistje met een prachtig plaatje van een warm Egypte er op. Hij stampvoet. Hij heeft het koud. Of heimwee.

Er staat een Amsterdamse bloemendame ‘de laatste paasstukkies’ aan te prijzen voor ‘enkelt ses euries’! De Apeldoorners willen op maandagmorgen geen paasstukjes, ook niet voor die prijs.

Verder staan er nog zeven stoffenkramen. Zeven! Goed voor de concurrentie. En het is er druk. Vrouwen met lange gewaden houden zwierige lappen bij hun hoofddoek. Lappen met felle kleuren, lappen met gedekte kleuren, lappen met glinsterende draden en pailletten, lappen met kwastjes en spiegeltjes. De vrouwen glinsteren mee, ze aaien de stoffen, draperen het bij elkaar over de schouders en uiten hun goedkeuring in hun eigen taal. Een van de dames wenkt de koopman, ze wijst een groene stof aan en vraagt ‘Blauw?’. Hij denkt de leukste te zijn en roept: ‘Wat jij wilt moppie, als jij dit blauw vindt vind ik het ook!’ Hij slaat zichzelf op de knie van pret. Maar de dames zijn niet van gister en lopen naar de volgende kraam, ze storten zich kraaiend op een rol blauwe stof.

Geen halve maatregelen op de halve markt maandagmorgenmarkt!