Tagarchief: kerstkaarten

Goeie kerstdag

roltoeter

Zo, klus geklaard! Het is even doorzetten maar dan heb je ook wat. Opgelucht kijk ik naar de wiebelende stapel voor me op tafel.  Kijk, kerstkaarten zelf maken is niet zo moeilijk als je kunt knippen, plakken en glitter strooien. Dat lukt me dus wel. Maar dan komt het moeilijke: wat schrijf je er op of in? Er bestaan stickers en stempels met teksten maar dat vind ik dan weer te onpersoonlijk.

Prettige dagen. Tja, ik weet het niet. Het doet mij altijd meteen denken aan pret, vette pret, pretletters. Aan roltoeters en kartonnen feesthoedjes met knellende elastiekjes. Aan lichtelijk beschonken polonaises met ongewilde handtastelijkheden. Om dit nu twee dagen te doen?

Gelukkig Kerstfeest. Dat is pas vermoeiend! We weten nu toch wel dat geluk gevormd wordt door een momentopname. Door een onverwacht gelukt gerecht, een cadeau dat precies jouw maat blijkt te zijn, het vroegtijdig vertrek van tante Mies, het onopgemerkt vals spelen tijdens het sjoelen. Maar twee dagen lang constant gelukkig zitten wezen?

Zinvolle feestdagen. Oké, ik ben wel principieel tegen het overslaan van welk feestje dan ook maar om er nu meteen een diepere zinvolle betekenis aan te geven is mij een stap of wat te ver. Gewoon gezellig slap kletsen, simpel spelletje spelen, onverstandig snoepen, zingen (ja, ik doe dit heel zachtjes) met als enig doel de zin van het leven even te vergeten.

Inspirerende kerstdagen. Dit vind ik wel meteen kunstzinnig of zweverig klinken maar het kan, als je even oplet, echt iets nuttigs opleveren. Je krijgt namelijk de perfecte inspiratie voor volgend jaar op een presenteerblaadje aangereikt! Dan maak je namelijk hetzelfde geslaagde gerecht, dan nodig je tante Mies niet eens uit, je zegt dat je een wol-allergie hebt en jammer genoeg geen rendiertrui kunt dragen.

Ik houd het maar op ‘Goede dagen’. Het meervoud van ‘Goeiedag!’. Dat lijkt mij het belangrijkst, dat je aan het eind van een Kerstdag kunt zeggen ‘Ja, dit was een goeie dag! Het was af en toe prettig, ik voelde mij op diverse momenten gelukkig, een onvoorbereid zinvol gesprekje in de keuken heeft me zomaar inspiratie gegeven.’

En nu ga ik glitter opruimen en kerstzegels plakken.

Advertenties

Kerstvoordeuren

Met een flinke stapel kerstkaarten ben ik op weg naar de brievenbus een paar straten verderop en ik kijk mijn ogen uit. Was het versieren van je huis in kerstsfeer jaren terug al voornamelijk een Amerikaanse bezigheid, intussen houden ook wij, koele Nederlanders, behoorlijk van versieren, decoreren  en opleuken.

Nog niet zo heel lang geleden zagen de huizen die ik passeer er allemaal precies hetzelfde uit. Net opgeleverd, met dezelfde buitenkant, identieke voordeuren en dezelfde tuin-of-anders-te-bepalen ruimte voor het huis. Nadat er bewoners ingetrokken waren werd er verschil gemaakt door de raambekleding of het vervangen van de oorspronkelijke kleur. De voordeuren bleven echter eender. Als je er goed over nadenkt lijkt van alle deuren in een huis  de voordeur toch wel de belangrijkste.

Of het nou een deur is met houten of glazen panelen, of het nou een dichte deur is met één rond ruitje of met twee langwerpige stroken glas, met drie kleine raampjes naast elkaar of vijf stuks onder elkaar; de functie blijft hetzelfde. De voordeur van een huis maakt het verschil tussen binnen en buiten. De voordeur maakt het verschil tussen uit en thuis. Het verschil tussen warmte en kou. Tussen veilig- en onveiligheid. Buiten- of binnengesloten voelen.

Er zijn deuren die vaak wijd open staan. Er zijn deuren die dicht gaan als de herberg vol blijkt te zijn. Er zijn staldeuren die op een kier staan. En er zijn deuren die knarsend en piepend opengaan.

De kaarten zijn gepost, ik loop terug naar huis en bedenk ‘toon mij uw voordeur en ik vertel u wie u bent’. Want wat te denken van een voordeur versierd met een grote krans van grove takken met uitbundige knipperverlichting of een ster van zachte stof in pasteltinten; wat vertelt dit over de bewoners? Zes Kerstmannen bungelend aan een touw  of een krans gemaakt van zoveel belletjes dat niemand meer naar binnen kan sluipen duidt naar mijn idee op een vermakelijk staaltje ‘burenbluf’. De deur volgeplakt met Disneystickers verraadt medebewoners onder de zeven jaar. Mijn oog valt zelfs op een stel schaatsen en als ik bijna thuis ben zie ik een dikke groene krans met zoveel losse  sneeuw er op dat bij iedere beweging van de deur een klein wolkje sneeuwpoeder neerdwarrelt.

Geen deur is meer hetzelfde, we versieren het ieder op onze eigen persoonlijke manier. Onhollands? Niet meer. Overdreven? Nee. Er is niks mis met versieren want versieren is vieren en vieren is goed!