Tagarchief: geweldpleging

Verhalenslang 15/25

(De eerste zin van dit verhaal is de laatste zin van het vorige verhaal. Beide verhalen hebben niets met elkaar te maken.)

Dan zie ik niks meer door de tranen. Ik bijt op mijn lip. Ik wil niet dat ze me ziet janken. Ze weet precies hoe ze me raken moet. En waar.  Al vijftien minuten beukt ze genadeloos overal op mijn lichaam en telkens als ik dubbelklap van de pijn stoot ze haar knie tegen mijn neus. Het bloed druipt op de witte vloerbedekking wat haar een nieuwe woedeaanval bezorgt. Van het een op het andere moment houdt ze op en loopt weg. Een dreun van de voordeur geeft aan dat ze naar haar werk vertrokken is.

Ik kruip de trap op naar de badkamer en schrik van mijn verwrongen spiegelbeeld. Ik zak kreunend neer op de deksel van het toilet en huil zonder inhouden. Van pijn. Pijn aan mijn lichaam. Mijn ribben. Mijn neus. Maar vooral van onmacht. Om de situatie waarin ik me nu bevindt. Welke vent laat zich nou in elkaar slaan door zijn vrouw. Waar is de Veronique gebleven waar ik verliefd op werd. Waarom kan ik nooit iets goed doen. Ik kon het echt niet helpen dat haar thee niet de juiste temperatuur had. Als ik het bloed van mijn gezicht verwijderd heb probeer ik het tapijt schoon te maken.

“Goedemorgen, wat heb jíj gedaan?!” Ik probeer vruchteloos collega’s te vermijden maar heb een verhaal klaar. Een verhaal over mountainbiken en daarbij een ongelukkige smak maken. Ik zie Peter zijn wenkbrauwen fronsen. Gelukkig zegt hij niets. In mijn bureaulade vind ik nog een aangebroken strip pijnstillers en neem er direct een paar in. Met mijn hand voor mijn ogen wacht ik tot de pillen hun werk doen. Daarna probeer ik te werken, het wordt niet meer dan wat heen en weer schuiven van mappen en staren naar het beeldscherm van de laptop. Ik kijk op mijn horloge en zou de tijd willen tegen houden. Zodat het moment van weer naar huis gaan zo lang mogelijk uitgesteld wordt.

Opeens krijg ik een mailberichtje van Peter. Met als onderwerp: ‘Lees dit!’ Een bijgevoegde link leidt me naar verhalen over mishandelde mannen. Naar blijf-van-mijn-lijf-huizen voor mannen. Naar ervaringsverhalen door mannen. Mijn ogen scannen de informatie, ik zuig de verhalen op. Een traan rolt over mijn  gehavende wang. Toch sluit ik met een klap mijn laptop en storm naar de kamer van Peter. ‘Waar bemoei jij je mee! Er is helemaal niets aan de hand tussen Veronique en mij!’, schreeuw ik naar hem. ‘Zo te merken zit ik op het juiste spoor’, antwoord Peter rustig.’Laat je helpen Maarten, dit hoeft niet, dit mag niet eens. Het ligt niet aan jou.’ ‘Hou je kop en stop daarmee!’, bijt ik hem nog toe voordat ik me omdraai en de deur met een daverende knal dicht gooi.

Ik heb op tijd het avondeten klaar maar Veronique verschijnt een paar uur later. De badkamer boven heb ik net een laatste grondige schoonmaakbeurt gegeven. Met uitgestrekte armen komt ze op me af. ‘Ach schatje toch, wat zie je er uit! Kom maar hier, dan zal ik je beter maken.’ Zodra ze mijn gezicht probeert aan te raken trek ik me schielijk terug. Fout. Direct zie ik de flikkering in haar ogen opgloeien. Haar ademhaling versnelt en ik zie haar rechterarm tergend langzaam naar achteren bewegen. Dan doe ik wat ik nog nooit gedaan heb: ik ontwijk haar. Zodra haar vuist richting mijn gezicht gaat duik ik naar beneden. Ze heeft zo’n krachtige aanval gepland dat ze om haar as draait als ze doel mist. Ze doet nog een poging zich ergens aan vast te grijpen maar klapt dan met haar hoofd naar beneden de trap af. In een vreemde houding en met een bloedspoor uit haar oor blijft ze bewegingsloos liggen. Achter me gaat een deur langzaam open. Een paar grote blauwe  kinderogen kijken me aan.