Tagarchief: genieten

Gezellig

Het mag weer, gezellig op een terrasje een drankje doen, een lunch bestellen en lekker bijkletsen. Dat hoef je tegen mij maar één keer te zeggen: ik zit! Op een terrasje waar de 1,5 m. afstand goed te doen is weliswaar, anders loop ik door. Maar die afstand kan niet voorkomen dat ik het een en ander opvang van een ander tafeltje…

Er zitten twee vrouwen van rond de veertig. De een heeft een zijwindkapsel, dat wil zeggen dat de ene helft van heur haar langs haar gezicht hangt terwijl de andere helft met gel langs haar hoofd naar achteren is geplakt. Het oogt wat rommelig, wat halfslachtig, half opstandig , half onderdanig. Ze draagt een modieuze wijde broek en een leuke top, maar die passen niet bij elkaar, ook al halfslachtig dus. Alsof ze heel onzeker voor haar kledingkast gestaan heeft vanmorgen. Haar vriendin begon de dag een stuk zekerder met een ferme hoge paardenstaart maar die is ondertussen wat afgezakt, net zoals haar hele lichaam wat afgezakt is. Toch draagt ze de afgeknipte spijkerbroek, het te krappe shirt dat teveel informatie geeft alsof het zo hoort. Ze heeft duidelijk maling aan anderen. Ze heeft sowieso overal een duidelijke mening over, die vooral positief naar haar zelf uitvalt. Als Zijwind achter een kopje thee zit en Paardenstaart achter een halve liter latte macchiato, vraagt Zijwind nogmaals advies.

‘Welke vond jij nou het leukst?’

‘De derde!’

‘De tweede was toch ook leuk?’

‘Allemaal losse plinten!’

‘Dat zie jij dan weer hè.’

‘Ja joh, ik zie alles! Goed dat je mij mee had!’

‘Zeker. Die derde was wel leuk hè?’

‘Die is top! Locatie, ruimte, licht, afwerking en je kan het betalen!’

Op dit moment brengt de ober de bestelling; een salade voor Zijwind en een plateau  met soep, een broodje kroket, een brood gebakken ei en wat chips voor Paardenstaart.

‘Zal ik maar doen dan?’

‘Je moet het doen! Het is dat mijn vent wel oké is… nou ja, ook niet altijd hoor, pfffft!’

‘Hij zal wel opkijken.’

‘Net goed! Iets met eigen schuld!’

‘Zal ik het morgen maar vertellen dan?’

‘Nee, vanavond!’

‘Eh…vanavond al?’

‘Ja duh, morgen neem je dat huis!’

‘O ja. Ik zal maar voorzichtig zeggen dat ik over een eigen huisje nadenk.’

‘Ben je gek! Niks voorzichtig!’

‘Je hebt gelijk, ik zeg dat ik waarschijnlijk een eigen huis heb!’

‘Waarschijnlijk???’

‘Ik heb een eigen huis!’

‘Precies! Hè gezellig dit, nemen we nog wat?’

Ja hoor, het is weer reuze gezellig op het terras 😊

 

 

 

 

Stukkie lopen (2)

Dit stukkie hoeven ras-Apeldoorners niet te lezen, die kennen dit van haver tot gort.

Ik hoef maar 8 à 9 minuten  (afhankelijk van de wind) te fietsen om bij Paleis het Loo te komen. De grote trekpleister van Apeldoorn. Zoals je wellicht weet (of niet) staat het Paleis in de steigers, tenminste een deel ervan en is niet te bezoeken. Maar niet getreurd: de toegang tot het ernaast gelegen Oude Loo is wel geopend!

Hier zijn lanen nog echt lange lanen, met lentefris groene bomen en wordt de toegangspoort geflankeerd door levensgrote herten. Deze dieren verraden ook wel een beetje het doel van het oude Loo, het is namelijk een jachtslot. In het omliggend kroondomein werd vroeger naar hartenlust een hertje of wat naar de eeuwige jachtvelden geholpen en na afloop was het dan goed toeven in het jachtslot.

Het ziet er prachtig en ook wel romantisch uit. Een klein kasteeltje met een heuse slotgracht. Vandaag de dag wordt het gebruikt als buiten- en logeerverblijf door de Koninklijke Familie. Soms logeert Beatrix er met een vriendin, of de hele familie om iets te vieren, of buitenlandse gasten die het naar de zin gemaakt moeten worden. Ik wacht nog steeds op een uitnodiging… In de slotgracht wonen twee zwarte zwanen en opeens is het kinderversje over die smid heel reëel. Denk je nu dat je de familie in het wild zult spotten dan heb je het mis want het park is maar twee maanden per jaar open, uitsluitend in april en mei. Dit heeft natuurlijk een reden 😉 Dan staan namelijk de rododendrons en de azalea’s in bedwelmende bloei.

Foto’s doen afbreuk aan de pracht en de geur die overal om je heen is. Wel fijn dat wij, gewone stervelingen, er volop van kunnen genieten! Daarnaast staan de kastanjes opdringerig te prijken met hun kaarsjes. Waarom moet ik hier altijd aan Ot en Sien denken? En kun je je verwonderen over de tweelingbomen. Achter deze tweelingboom zie je trouwens een paardenwei waar de Koninklijke paarden koninklijk verzorgd worden. Gister waren ze de Koninklijke hort op dus geen beelden van de viervoeters.

 

Als extraatje is er op het terrein ook een keurig gerestaureerd houten theehuis te vinden, met bijpassende duiventil. Hier heeft Koningin Wilhelmina menig kopje thee gedronken en waar zij ook schilderde. Wat zou ik hier graag eens binnen een taartje willen eten. En een nog altijd in gebruik zijnd doolhof, beplant met hagen van beuken en een totale afmeting van 32 bij 44 meter. Persoonlijk vind ik de beelden op de hoekpunten het mooist…

Als je goed oplet kun je ook nog de ijskelder vinden. Laat je niet bedreigen door het kleine schattige huisje dat je ziet. Erachter zit een kelder van 7 meter doorsnee en 8 meter hoog. Vroeger werd er wild opgehangen om te besterven, zoals dit zo mooi (nou mooi…)heet. Later werd het als koelkast gebruik voor houdbare producten en dessertijs. Dit bereikte men door in de winter ijsblokken uit de vijvers te zagen en die in de kelder te leggen. Je ziet dat er veel bomen omheen staan, dit geeft extra koelte door de schaduw. Ook kun je, meer in het bos maar een stuk minder vrolijk, het paardenkerkhof aantreffen. De naam klopt niet helemaal want naast een aantal paarden liggen hier ook andere huisdieren zoals honden en katten. Het oudste is graf stamt uit 1886, hier ligt Baby, de pony van de toen 6-jarige prinses Wilhelmina.

Gelukkig staat er ook af en toe een bankje om te kijken en te luisteren en vooral te genieten!

Wil je ook op dit bankje zitten? Het kan deze maand nog, voor slechts €2 kun je het ook ruiken…

Apeldoornse groet 🙂

 

 

Op slot?

Ze zit voor het raam. Een hand rust op het dichtgeslagen boek op haar schoot, de andere hand ondersteunt haar hoofd. Haar ogen volgen het grillige regenspoor langs het raam. Ze ziet het amandelboompje in de voortuin beangstigend ver doorbuigen. Het zoveelste weekend achtereen met deze weersomstandigheden brengen haar bijna in een staat van depressie. Hoe lang duurt dit nog? Ze wil eruit. Naar wat warmte. Opeens gaat ze rechtop zitten. Als zij zo nodig weg wil hier dan moet ze daar zelf iets aan doen. Frankrijk! Daar waren ze vroeger zo vaak samen geweest. Met de kinderen ook nog wel. Ze springt overeind en haalt haar adresboekje tevoorschijn uit zijn oude bureau. Ze belt direct met de eigenaren van het zomerhuisje dat ze jaren terug vaak huurden en waar ze na zijn dood niet meer is geweest. Wat? Het land op slot? Eer ze van de schrik bekomen is zijn de regels aangescherpt en gaat haar stad op slot, haar straat op slot en zelfs haar huis op slot. Wat nu?

Ze loopt naar de verzameling oude lp’s en na enig speurwerk vist ze daar een hoes uit met een foto van mooie lachende jongedame. Even later klinkt het zwoele ‘Non, je ne regrette rien…’ door de woonkamer. Ze maakt danspassen en houdt haar armen zo alsof hij er in past. Ze kan de tekst woordelijk meezingen. Dan rent ze naar boven, trapt haar joggingbroek uit en gooit de sweater op haar bed om ze verruilen voor een zwierig zomerjurkje. Onderin de kast vindt ze nog een paar elegante sandaaltjes en ze zet er zelfs een kittig hoedje bij op. Ze huppelt weer naar beneden, knipoogt naar haar spiegelbeeld in de gang. Uit de ijskast haalt ze een stukje kaas en opent een flesje rode wijn. Onder een paraplu pakt ze snel een bistrostoeltje uit de tuin, droogt het zorgvuldig af en zet het naast de kachel voor het raam.

Ze zit voor het raam. Een hand houdt een glas rode wijn vast, de andere hand rust op het opengeslagen fotoalbum. Haar ogen glimmen van pret bij elke herinnering. Ze verwarmt nog wat croissantjes die ze om en om met de gevonden bonbons opsnoept. Een lavendelkaars brandt en op de achtergrond klinken de trage tonen van ‘La Bohème’. Zolang ze niet naar buiten kijkt waant ze zich in Frankrijk. Ze geniet zowaar. Oké, het land is op slot, de stad is op slot, de straat is op slot, haar huis is op slot, maar haar hoofd…. gaat nooit op slot!

Saatse

Een kleinkinderendagfragment

Situatie: Mama zit met Lieke (3 maanden) op de bank, opa er naast in de stoel. Emma (3 jaar) springt rond en Oma (iets ouder) kijkt een beetje verliefd toe.

Emma: Oma kom je met mij spelen?

Ik (opspringend): Tuurlijk! Wat gaan we doen?

Emma: ‘Met de bal!’

Ik: ‘Oké’

Emma: ‘Mama, Lieke en Opa, jullie moeten goed kijken! Dit is Oma (wijst op mij en ik maak een diepe buiging), dit is Emma (wijst op zichzelf en buigt ook) en dit is de bal (houdt een half lege opblaasbal omhoog).

Uitermate handig voor het publiek te weten wie wie is. Voor de zekerheid blaast ze de bal nog een keer op. Dit kan ze prima maar tegen de tijd dat het dopje er weer op zit ziet de bal er net zo lek uit als hij is. We gooien een paar maal over en weer totdat ze een ander idee krijgt.

Emma: ‘Saatse! Kom Oma jij moet ook saatse aan angers ga je vallen.’

Er wordt mij een denkbeeldig paar schaatsen aangereikt die ik, op de bank gezeten, denkbeeldig onderbind en begeef me wiebelend buiten het vloerkleed. Al snel heb ik de slag te pakken, schaatsen verleer je nooit. Ik zwier ik met de handen op de rug van keuken, langs eettafel, speelgoedkeuken, roze poppenwagen en schemerlamp, langs tv-kast met aquarium naar tuindeur, een soort elfplekkentocht. Als ik wil uitrijden blijkt de gangdeur dichterbij dan gedacht en ik roep: ‘Help, ik kan niet stoppen!’ Twee kleine handjes houden mij vast en de woorden: ‘Niet bang zijn, ik help je wel oma!’ behoeden mij voor een denkbeeldige ramp. We saatsen nog even verder. Dan wrijft ze met haar handen over haar armen en trekt de schoudertjes hoog op: ‘Koud hè oma?!’ ‘Nnnnou….!’, bibber ik. ‘Kom even zitten,’ zegt de spelleidster en huppelt naar de bank. Als ik naast haar neerplof: ‘Wel je saatsen uit doen oma!’ O ja… ‘Hier heb je wamme sokkolademelk!’ Dat helpt direct. We zitten heerlijk te smullen.

‘O oma kijk! Het water is weg!’

‘O jee, gesmolten?’

‘Nee weg oma!’

‘Dan kun je nu wel zwemmen!’

‘Ja!!!’

Met een ferme plons vanaf de rand van het vloerkleed duikt ze het water in. Ze spettert en spattert dat het een lieve lust is. Opeens gaat ze staan en maakt met haar handjes tegen elkaar een kommetje en zegt op huilende toon:

‘O oma, een kleine visje! Hij is verdrietig.’

‘Ach wat zielig, wat is er aan de hand?’

‘Hij is zijn moeder kwijt!’

‘O jee, en nu?’

Ik zie de tweestrijd in haar hoofd. Gooit ze hem terug met de woorden ‘zoek het zelf maar uit’ of gaat ze hem redden, maar hoe dan en waarmee?

Ze loopt naar haar eigen aquarium, opent het voederklepje en propt het denkbeeldige verweesde vissenkind in de bak.

‘Zo, hij mag bij ons blijven.’

Dit soort avonturen kan ze eindeloos lang volhouden en ik geniet daar zomaar van mee. De tegen de muur opgestapelde berg, vooral roze, speelgoed  lijkt op zulke momenten nutteloos. Ik houd ervan:

Een dag niets verzonnen is immers een dag niet geleefd!

Poehee

‘Het leven is een feest, wel even zelf de slingers ophangen’

Wie kent deze uitdrukking niet. Er wordt niet specifiek bij aangegeven wanneer of waar je dat precies of ongeveer moet doen… Waarschijnlijk mag je dat zelf weten?

‘Mijlpalen zijn er om slingers aan op te hangen’

Nog zo eentje. In eerste instantie lijkt het een mooie uitdrukking maar bij nader inzien vind ik hem best vermoeiend. Je moet dus eerst mijlpalen bereiken, minimaal twee anders kun je er niets tussen ophangen, en dan nog eens zelf die slingers ophangen.

Een mijlpaal is letterlijk ‘een paal die de afstand in mijlen aangeeft, tot een bepaalde stadspoort of tot de volgende mijlpaal’ maar figuurlijk wordt het gebruikt om aan te duiden als ‘iets belangrijks dat je bereikt’. Het heeft in elk geval iets gewichtigs, iets belangrijks, iets gedenkwaardigs. En ik blijf het mooi maar lastig vinden. Want wat is een figuurlijke  mijlpaal? Een zwemdiploma halen, een eigen boek uitgeven, een motie aannemen in de Tweede Kamer, een hoofdrol spelen in een film, zonder zijwieltjes fietsen? En waaruit bestaat een slinger? Een fijne verjaardag, een romantische bruiloft, geboorte van een kleinkind, een tropische vakantie?

Je moet best wel veel meemaken, poehee! Daarbij lijkt me dat wat voor mij een mijlpaal is, voor jou niet veel voorstelt en andersom. En wat voor jou een slinger is, vind ik helemáál niet belangrijk. Daarom was ik zo uitermate blij met dit theezakje…

Geen grootse en meeslepende dingen zijn nodig om gelukkig te worden. Gewoon van de kleine dingen genieten. Niks geen palen slaan of op trapjes klimmen met slingers. Maar genieten van het moment dat ik de juiste schoenen vind, het eten een keer niet laat aanbranden, een paddenstoel ontdek, een opgestoken hand van de buurvrouw zie, als de buschauffeur wel op me wacht, het moment dat de zon mijn neus nog net raakt, het moment dat ik dacht nog één bonbon te hebben terwijl er drie liggen, de tandarts niets kan vinden, het draaiorgel mijn favoriete liedje draait, mijn lievelingsluchtje in de aanbieding is, mijn paraplu heel blijft in een storm, als de extra kassa voor mij geopend word, mijn taart precies op het plaatje lijkt, een slinger achter een raam, het moment dat je kind belt als je aan hem denkt. Momenten waarop je een knipoog van het leven krijgt. Dat is pas belangrijk. Iemand nog thee? 😉

 

Oud

Ja hoor, het was weer zo ver: de eerste jaarlijkse antiek- en curiosamarkt in Apeldoorn! Uren kan ik langs de kramen dweilen. Pak af en toe iets op, draai het quasi geïnteresseerd om en om en zet het vervolgens weer terug. Genietend van de entourage, de mensen, de handel, het geheel. De een noemt het ouwe meuk, de ander antiek, weer een ander grootmoeders spul. Met dat laatste heb ik een beetje moeite…  Zelf ben ik ook grootmoeder maar het meeste spul heb ik echt niet gebruikt hoor, dus om wiens grootmoeder gaat het hier eigenlijk? En wat me diep raakte was dit:

Dat Barbie, op haar zestigste, in haar blootje, in een kartonnen doos op een antiekmarkt moet eindigen! Ik ben nog ouder, wat komt er van me terecht?! Misschien komt het nog goed want ik kreeg van een voorbijganger toch nog een oneerbaar voorstel! Ik stond deze oude wieg te bewonderen:

Prachtig hout, twee halfronde houten schommelpoten eronder en aan het hoofdeind een stok waarmee de wieg in beweging gebracht kon worden. Maar ook nog met een oog in die stok waar een touw doorheen kan zodat moeder (of vader) vanuit haar eigen stoel aan het touw kon trekken ten einde de boreling lekker te wiegen. Gezien mijn leeftijd opperde ik er beter een plantenbak van te maken. Word ik opeens door een wildvreemde man in mijn arm geknepen: ‘Nee joh, het is toch veel leuker om eerst een baby te maken en die er dan in te leggen, hebbie twee keer lol!’  Op de markt is de humor onbetaalbaar 😃

Er waren opvallend veel kramen met zilverwerk en als eksters komen vrouwen daar op af. Zo ook een dame die met een piepklein zilveren stoeltje met daarop een piepklein zilveren hondje in haar hand stond. Ze was er echt weg van. Ze vroeg de prijs. ‘Tis wel een echt oudje hoor mevrouw, dus deze kost €37,50.’ Mevrouw schrok zichtbaar, zette het kleinood met tegenzin weer terug en antwoordde verontschuldigend: ‘Als ik straks met mijn neus omhoog lig, dan weet ik het wel, dan ligt het heel snel bij de kringloop.’

Dit vond ik ook een mooie. De verkoper had geen zin overal zo’n plakkerig prijsje op te doen en wilde toch graag van de handel af. Hij dacht: weet je wat, ik doe alles voor 5 euro weg! En zijn vrouw maakte een keurig bordje àlles voor €5

Totdat er natuurlijk een bijdehante leukerd langs kwam die zei: ‘Is goed, geef mij alles maar, dan krijg jij vijf euro!’ Gelukkig had de handelaar nog een rode viltstift meegenomen.

En over prijsjes gesproken. Meestal dat plakkerige dingetje dus, soms ligt er een los papiertje naast en soms moet je er naar vragen. In het laatste geval bepaalt de verkoper ter plekke de prijs, afhankelijk van zijn bui, zijn thuissituatie, jouw gezicht en het verloop van de dag in het algemeen. Deze had ik nog niet eerder gezien…

Nou moet ik er bij vertellen dat deze uitstalling tegen een muurtje stond, dus VOOR je kijken kon sowieso niet, maar wat een weergaloze tekst: Prijs Vragen Kijk Achter U. Taalkundig klopt het niet maar je staat verbaasd hoeveel mensen direct achterom keken zodra ze dit lazen.

Bezoekers van deze markt komen overal vandaan maar toevallig stond hier een Amsterdammer naar de dobbers te kijken van een Amsterdamse koopman.

  • Benne mooie dobbers, haha!
  • Ja meneer, ’t sijn oudjes hè.
  • Net als wij seg maar…haha!
  • Dat hep u goed gesien!
  • Je hep er seker een dobber an om ze te verkopen, haha!
  • O u hep verstand van vissen?
  • Ikke wel!
  • Vooral achter het net seker, haha!

Ja, het was weer een heerlijk dagje markten, als vanouds…

 

 

 

 

Oppasdagfragment

Ik lig op mijn rug. In een knalgeel kinderbadje. Zonder water. Niet erg comfortabel. Maar de kleine dame naast me heeft me zover gekregen.

‘Oma, kom je met me spelen?’ ‘Tuurlijk, wat gaan we doen?’

Ze sjouwt kussentjes van de tuinbank en dekentjes uit de poppenwagen in het gele badje. ‘Kom Oma, we gaan slapen!’ Een van mijn lievelingsspelletjes. Dus ik vlei mij gracieus in het bedachte bed. Nou dat vleien moet je ook maar bedenken… Na veel gekreun en gesteun lig ik met mijn hoofd op een kussentje. Mijn voeten steken ver buiten het badbed. Ik wil een dutje doen. Maar dat gaat zomaar niet!

‘Oma, je moet wel onder de deken!’ ‘O ja, natuurlijk!’

Ik trek het kleinood naar me toe en weet ternauwernood mijn schouders te bedekken. Naast mij hoor ik tevreden snurkgeluidjes. Dit hou ik wel een poosje vol.

‘Oma, je moet wel je lampje uit doen!’ ‘O ja natuurlijk!’

En ik druk met een vinger op de rand van het badbed. We snurken samen om het hardst tot we de slappe lach krijgen.

‘Oma, kijk jij eens buiten of het nog onweer is!’ ‘Tuurlijk, doe ik, nee het onweer is afgelopen.’

Ik denk rustig door te kunnen tukken maar kennelijk is het weer dusdanig goedgekeurd, dat andere activiteiten gedaan kunnen worden. Zo zit ik even later op de rand van het gras met een stokpaardje tussen de benen. Let wel: met de kop van het paard tussen de benen en de stok vooruit. We zijn aan het vissen! Ze bijten niet erg vandaag dus het spel is snel afgelopen. Mijn speelmaatje loopt wat heen en weer en slaakt opeens een afgrijselijke gil!

‘Oma!!! Help!!!’

Ik smijt de hengel aan de kant en snel naar haar toe. Met één handje voor de mond wijst ze met haar andere handje naar een pop die op de tuintegels ligt.

‘Poppie ligt in de modder! Jij moet helpen. Poppie wil eruit!’ ‘Tuurlijk! Snel!’

We pakken allebei een arm van Poppie en trekken haar langzaam los uit de diepe modderlaag. Het valt nog niet mee maar gelukkig, het lukt ons. Om het te vieren gaan we op zoek naar wat lekkers. We eindigen met een beker vol pepsils. Ze deelt makkelijk, samen knabbelen we vergenoegd. Opeens krijgt ze weer een nieuw idee. Ze pakt drie pepsils waarvan ze er eentje tot de helft opeet.

‘Kijk Oma, dit is Papa, dit is Mama en dit is Emma.’ ‘Goed van jou zeg! En waar is Oma?’

Toch wat beducht dat ze mij al opgegeten heeft, of dat ik geen slanke pepsil ben maar een stuk worst, of dat ze me niet lust, pakt ze een nieuwe uit haar beker.

‘Hier ben je, Oma!’ ‘Ja, Oma is hier!’

Wat een heerlijke, oneindige, ik-hou-d’r-zo-van, fantasie…

 

 

Slingers (8)

Kan ik eindigen?

Wat dacht ik vroeger ook alweer van een bejaardenhuis? Bingo en oude liedjes zingen! Meer was het eerlijk gezegd ook niet eigenlijk. Hoe anders is het heden ten dagen! Bewoners kunnen, als ze willen, elke dag wel aan een andere activiteit deelnemen. De frequentie van deze activiteiten varieert uiteraard, van dagelijks (koffie drinken, biljarten en bijkletsen) tot wekelijks (sportschool, schilderen, bloemschikken) tot maandelijks (lezingen over financiën, stoelmassage)  tot jaarlijks (high tea,bezoek van de mobiele kinderboerderij,  cultuur bij je buur, zomerbarbecue). Wat hier tussen haakjes staat zijn maar voorbeelden er gebeurt nog veel meer. Mooie actuele activiteiten. Tegenwoordig is het zelfs een volledige baan deze activiteiten allemaal te bedenken, te organiseren en met behulp van anderen uit te voeren!

Kan ik eindigen!

De jaarlijkse barbecue is een gewild evenement en vergt wat van de koks als er minimaal 150 mensen tegelijk komen eten. Eerste obstakel: hoe kunnen we de rollators vriendelijk doch dringend afhandig maken en in een strategisch gangdeel parkeren teneinde meer ruimte in het restaurant over te houden?! Tweede obstakel: hoe leiden we de mensen zonder rollator  en zonder ongelukken langs het buffet?! Derde obstakel: hoe leggen we snel en efficiënt uit wat er in al die verschillende pannen en schalen ligt? En toch lukt het allemaal dankzij grote inzet van personeel en vrijwilligers en zitten de meesten om 6 uur aan tafel, zoals gewend 😉

Kan ik eindigen!!

Het merendeel van de bewoners geniet, vindt het eten lekker en is overduidelijk in zijn/haar sas met de drukte en gezelligheid. Sommigen gaan echt uit hun dak en laten zelfs een tweede glas wijn aanrukken! Anderen hebben er wat meer moeite mee..

  • “Is er ook een gewone boterham?”
  • “Ik ben een beetje misselijk!”
  • “Wat betekenen die twee B’s op mijn servetje? Want de Q is van barbeque…!”
  • “Ik ga naar huus, heb er de buuk vol van.”
  • “Kan ik eindigen!!!” (mevrouw is allang uitgegeten en wil graag de maaltijd besluiten met een dankgebed, zoals gewend…)

Na een uurtje schuifelen de eersten al weer richting rollator, het is mooi geweest. De laatste mensen moeten na twee en half uur weggestuurd worden, ze smullen nog steeds uitbundig van de gezellige sfeer. De combinatie van opwinding en alcohol zorgt voor rode wangetjes, er wordt gezongen en af en toe wordt er gewoonweg geflirt 🙂  Maar als ook zij hun woning weer opzoeken wordt met man en macht het restaurant weer opgeruimd en gaan de barbecues weer de schuur in. Tot volgend jaar!

Ja, u mag eindigen hoor! 😉 

Loense Moandag

Ik vertel je niets nieuws als ik zeg dat ik van markten houd. Niet omdat ik koopziek ben maar omdat ik me kan verwonderen over de mensen die er rondlopen en de spullen die er te verkrijgen zijn. Vandaag is het volgens de recreatiekrant Loense Moandag, een ponymarkt, een jaarmarkt en een kofferbakverkoop ineen, in het pittoreske Loenen. De levendige handel in pony´s, inclusief handjeklap, begint al om zes uur ´s morgens. De rest van de dag kun je een ritje maken op de rug van een pony. Er staat een aantal stands die alles wat te maken heeft met toerisme in en rond Loenen aan de toerist willen brengen. Er zal een smid aanwezig zijn om het oude ambacht nieuw leven in te blazen. En diverse stands met eten en drinken.

Ik ga op tijd, voor de ergste hitte uit. Maar met mij nog vele, heel vele anderen… De ponymarkt heb ik gemist, te vroeg. Nu blijkt dat ik een ritje ook misloop: in verband met de warmte zijn alle pony’s lekker naar huis. Evenals de smid. Ook te warm.

De rest was er gelukkig wel, de broden, de worsten, het kleurrijke speelgoed, de zonnejurkjes, de voetbal-outfitjes, de klompen, de supersonische snoeischaar, het wereldberoemde brillendoekje, de enige echte anti-aanbak-pan, de ontzagwekkende hoeveelheid die uit een kofferbak lijkt te komen (uitgestald op het dekzeil van de aanhanger…), de zelfgebreide poppenkleertjes, de I LOVE VELUWE tas…

       

Zo ook de palingroker die lekker op zijn koelbox paling zat te rijgen, terwijl hij onder de rook van zijn eigen rokerij zat en de toeschouwers hem al hoestend bewonderden.

Om de bezoeker extra te prikkelen werd er soms een stunt uitgehaald: een wool stunt warmers stuntprijs!!! 

De aanbieding dat het tweede artikel goedkoper is, zou hier ook moeten gelden: Ik kost €45,= per stuk en heb ook nog een zwart-bont zusje!!! 

De marktbezoekers vermaken zich, geven geld uit, vooral aan eten en drinken en soms: “Ja maar mam, soms heb ik zo’n behoefte om iets kinderachtigs te kopen!” Ik bots constant tegen een rijstballon op, ieder kind schijnt er opeens eentje te hebben, of tegen een bierblik die elke man opeens wil drinken om 11 uur ’s morgens, of tegen een te stevige dame die wanhopig aan haar strapless-shirtje sjort, of tegen een paniekerige oma die haar kleinkind sommeert naast haar te blijven lopen.  Ik word ook regelmatig gezellig toegesproken door een marktmeester: ‘Goedemorg’n daames en her’n, ik zie datter weer nieuwe gast’n op onze markt zijn aangekom’n en ik wil een ieder hart’lijk welkom het’n op onze Loense Moandag! Nog een vriend’lijk verzoek, wilt u alleen rok’n op de terras’n in verband met de droogte, dus niet tuss’n de kram’n. Dank u,’ 

Ja, in Loenen weten ze er iets van te maken hoor!

Lekker weg

Lekker een paar dagen weggeweest. Vertoeven aan de kust, de Zeeuwse kust. Een knus huisje op een park. Een park dat merendeels gevuld werd door jonge ouders met kleine kinderen en opa’s en oma’s die dan ook mee ‘mogen’. Aangezien wij de enigen waren zonder kinderen dan wel kleinkinderen bij ons, waren we in de perfecte gelegenheid de anderen eens ongegeneerd te begluren.

Vooral die kinderen… Die zo overprikkeld zijn dat ze helemaal niet gezellig in het o zo gezellige familierestaurant willen eten. Die de ballen uit de ballenbak gooien. Die de lego in de rondte smijten. Die de draaimolen mollen. Die de kleurplaten alleen maar willen krassen. Die ‘daar’ heen gaat als Papa ‘hier’ roept. Die de duikbril perse op willen houden tijdens het eten. Die de fietshelmpjes perse niet op willen tijdens het fietsen. Die steeds over hun eigen voetjes struikelen van moeheid. Die constant natte haren hebben, van het zwembad of van boosheid. Boos omdat ze niet op oma’s nek mogen. Boos omdat ze naar huis gaan. Boos omdat ze nòg niet naar huis gaan. Boos omdat ze nog een ij-hijsje willen. Boos omdat ze niet meer weten wat ze willen.

Vaders die lege buggy’s voor zich uit duwen. Behangen met opblaasfiguren. Met natte handdoeken. Met tassen. Heel veel tassen. En voor de zekerheid ook nog met schepjes, emmertjes en vormpjes voor in de zandbak. Vormpjes waar elk kind mee speelt behalve hun eigen kind. Soms slepen ze moedeloos hele bolderkarren met zich mee. Voor de ene helft gevuld met boodschappen, voor de andere helft met dreinend nageslacht.

Moeders die zuchtend maar consequent de andere kant opkijken met een blik van ‘Hé ik heb óók vakantie!!!’

Opa’s en oma’s die er handenwringend achteraan sjokken. Zich afvragend: ‘Grijpen wij hier in? Nee, het zijn onze kinderen niet!’

Maar ’s avonds… ja dan! Het grut gebruikt na een onvrijwillige douche, na een overgeslagen tandenpoetsbeurt, na een uiteindelijke compromis in alleen de pyjamabroek, na nog één boterham met eigen pindakaas, na nog één glaasje water, na nog één laatste en nog één allerlaatste verhaaltje de slaapkamer toch waar een slaapkamer voor bedoeld is. Een allesoverheersende stilte daalt neer. Het water strijkt glad. De zeemeeuw zwijgt. Opa en Oma zitten innig tevreden met een kopje koffie buiten voor het huisje. Knikkebollend boven hun breiwerkje en de Kampioen.  En de jonge vader en moeder? Die lopen innig verstrengeld met elkaar over het strand om samen te genieten van de romantische zonsondergang. Niet te ver want morgen is er weer een dag.