Tagarchief: burenruzie

Gluren in Buren

Soms verfoei je de wetten in Nederland. Je mag niet buiten plassen en niet binnen roken. Je mag met je auto geen 60 rijden binnen de bebouwde kom maar ook niet op de snelweg. Je mag niet overal parkeren en waar het wel mag moet je betalen. Je mag overal de bloemetjes buiten zetten behalve als je anderen ermee lastigvalt. Mogen en moeten, bepaalt door wet of moraal, iemand moet erop toezien dat dit mogen en moeten naar behoren uitgevoerd wordt. Daar hebben we in Nederland verschillende instanties voor van opgeleide, getrainde en bewapende marechaussee tot de alerte buurtwacht met als enige wapens mensenkennis en contactuele vaardigheden. Omdat eerstgenoemde in de familie voorkwam, een bezoekje gepland naar Buren.

 

Het Marechaussee-museum, gehuisvest in een voormalig weeshuis, is zowel van buiten als van binnen adembenemend mooi! Naast heel veel uniformen, van Bromsnor tot onze jongens in Afghanistan, veel onderscheidingen en zelfs een replica van een ‘slikkertoilet’ zoals op Schiphol (hier worden de bolletjes van de bolletjesslikkers opgevangen…), stond er af en toe een paard in de gang.

Ook buiten het museum is Buren prima om aan te gluren. Veel oude pandjes, veel ongelijke stoepjes, veel monumentale huizen, veel spulletjes buiten, veel buren die op elkaars spulletjes letten. En natuurlijk Burense thee om gezellig met je Burense buren te drinken, in Buren.

       

 

Ook wel vreemde dingen gezien… Een slager die Knobbout heet? Die verkoopt bouten van het knobbelzwijn of de knobbelzwaan? Heerlijke knobbelbouten om aan te knabbelen? En waarom is hij niet open? Last van zijn eeltknobbel? En wat een bijzonder smeedijzeren hekwerkje om de regenpijp! Ik vind het prachtig maar zie het nut niet. Worden hier pijpen gestolen? En zijn daarom de pijpen gekooid? Ik zou eerder de pijpekooi stelen…

   

Deze laatste foto doet een burenruzie in Buren vermoeden. Zo van ‘Lekker puh, mijn voordeur is veel breder dan de jouwe!’ Maar niets is minder waar. In Buren komt burenruzie niet voor. Handhaving niet nodig. Het zijn namelijk twee deuren van een voormalig gasthuis. Door de rechter, brede deur werd je binnengebracht op een brancard en door de linker, smalle deur kwam je lopend weer naar buiten. Of in een kist.

Leerzaam dagje in Buren;-)

 

Op straat (5)

Dit vond ik,

en dit ging er aan vooraf.

Sinds de buurman van drie huizen verder de voetbal van onze Bram zachtjes heeft laten leeglopen botert het niet zo goed meer tussen hem en mij. Bram had die voetbal zelf gekocht van zelf gespaard geld. Van mij kreeg hij ze niet meer want ik kon wel aan de gang blijven. Dan lag er weer eentje op het dak van de schuur, dan weer in de sloot, dan kwam er een per omgeluk onder een vachtwagen of een ander kind ging er mee vandoor. Mijn vrouw en ik hebben nog meer kinderen die ook elke week wel iets nieuws willen. In overleg besloten we daarom dat Bram voortaan best zelfvoorzienend kon zijn wat betreft de voetballen. We vonden dit ook opvoedkundig verantwoord want wat bleek de jongen trots en blij en voorzichtig met zijn nieuwe voetbal. Hij haalde er zelfs een doekje over voordat de bal ’s avonds in de schuur verdween. Het maakte ons ook trots dat ons kind opeens een stuk bewuster met zijn speelgoed omging. Des te groter was de teleurstelling dat een volwassen man een voetbal van een kind afpakt en dan met een grijns op zijn gezicht die bal lek gaat steken. Dit is voor mij een stap te ver. Samen met Bram ging ik verhaal halen maar kwam niet verder dan moeten aanhoren dat ‘die rotjongens altijd zijn dure plantjes knakten met die rotvoetballen!’ Hij was niet voor rede vatbaar, wilde van geen excuus van Bram horen en, eerlijk is eerlijk, daarbij nog eens twee koppen groter dan ik. We keerden onverrichter zaken huiswaarts. We besloten dat we ons best gedaan hadden en het hierbij te laten.

Maar dan had ik buiten het geweten van Bram om gerekend. Het was altijd al een kind dat doordacht, een kind dat onrecht slecht kon behappen. Zeker een maand na het ongelukkige voorval kwam hij naar me toe met de vraag of ik met hem naar het tuincentrum wilde. Hij zou van zijn eigen geld een plantje kopen voor de buurman om hem in een beter humeur te krijgen. Ik vond niet dat de buurman dit verdiende maar wilde de vredespoging van Bram ook niet in de weg staan. Een dag later stonden we weer in de tuin van de buurman. Bram, met een in doorzichtige folie ingepakt plantje. Hoe vaak we ook op de bel drukten, de deur werd niet geopend. Wel zag ik een stukje vitrage bewegen. Bram stond even in tweestrijd. Uiteindelijk zette hij het plantje bij de voordeur en liep beteuterd het tuinpad af naar ons eigen huis. Ik wist even niets te doen en volgde Bram. Nog één keer keek ik om en meende beweging achter de vitrage te zien.

De volgende dag sprong ik op uit mijn stoel toen ik een schreeuw hoorde. Bram kwam opgewonden de kamer binnen rennen met in zijn handen een pakje. Het pakje was kogelrond en was ingepakt met herkenbaar papier van de speelgoedwinkel. Pas ’s middags zag hij het kaartje liggen. Hierop de woorden ‘Voor’ en ‘Van’ …