Tagarchief: barbecue

Slingers (8)

Kan ik eindigen?

Wat dacht ik vroeger ook alweer van een bejaardenhuis? Bingo en oude liedjes zingen! Meer was het eerlijk gezegd ook niet eigenlijk. Hoe anders is het heden ten dagen! Bewoners kunnen, als ze willen, elke dag wel aan een andere activiteit deelnemen. De frequentie van deze activiteiten varieert uiteraard, van dagelijks (koffie drinken, biljarten en bijkletsen) tot wekelijks (sportschool, schilderen, bloemschikken) tot maandelijks (lezingen over financiën, stoelmassage)  tot jaarlijks (high tea,bezoek van de mobiele kinderboerderij,  cultuur bij je buur, zomerbarbecue). Wat hier tussen haakjes staat zijn maar voorbeelden er gebeurt nog veel meer. Mooie actuele activiteiten. Tegenwoordig is het zelfs een volledige baan deze activiteiten allemaal te bedenken, te organiseren en met behulp van anderen uit te voeren!

Kan ik eindigen!

De jaarlijkse barbecue is een gewild evenement en vergt wat van de koks als er minimaal 150 mensen tegelijk komen eten. Eerste obstakel: hoe kunnen we de rollators vriendelijk doch dringend afhandig maken en in een strategisch gangdeel parkeren teneinde meer ruimte in het restaurant over te houden?! Tweede obstakel: hoe leiden we de mensen zonder rollator  en zonder ongelukken langs het buffet?! Derde obstakel: hoe leggen we snel en efficiënt uit wat er in al die verschillende pannen en schalen ligt? En toch lukt het allemaal dankzij grote inzet van personeel en vrijwilligers en zitten de meesten om 6 uur aan tafel, zoals gewend 😉

Kan ik eindigen!!

Het merendeel van de bewoners geniet, vindt het eten lekker en is overduidelijk in zijn/haar sas met de drukte en gezelligheid. Sommigen gaan echt uit hun dak en laten zelfs een tweede glas wijn aanrukken! Anderen hebben er wat meer moeite mee..

  • “Is er ook een gewone boterham?”
  • “Ik ben een beetje misselijk!”
  • “Wat betekenen die twee B’s op mijn servetje? Want de Q is van barbeque…!”
  • “Ik ga naar huus, heb er de buuk vol van.”
  • “Kan ik eindigen!!!” (mevrouw is allang uitgegeten en wil graag de maaltijd besluiten met een dankgebed, zoals gewend…)

Na een uurtje schuifelen de eersten al weer richting rollator, het is mooi geweest. De laatste mensen moeten na twee en half uur weggestuurd worden, ze smullen nog steeds uitbundig van de gezellige sfeer. De combinatie van opwinding en alcohol zorgt voor rode wangetjes, er wordt gezongen en af en toe wordt er gewoonweg geflirt 🙂  Maar als ook zij hun woning weer opzoeken wordt met man en macht het restaurant weer opgeruimd en gaan de barbecues weer de schuur in. Tot volgend jaar!

Ja, u mag eindigen hoor! 😉 

Advertenties

Milieuramp

(Dit verhaal heb ik ingezonden voor een schrijfwedstrijd georganiseerd door uitgeverij Ecmyk. Het bijzondere aan deze wedstrijd was dat de cover van het boek al bekend was, deelnemers moesten een verhaal schrijven dat hierbij past. Mijn verhaal werd goed genoeg bevonden en is geplaatst in het boek!)

schrijfwedstrijd ecmyk (Mobile)

 

‘Wanneer doen wij het nou eens?’ De vragensteller is 124 centimeter hoog, draagt een afgeknipte spijkerbroek en een smerig (alweer?!) supermanshirt. Om het verzoek kracht bij te zetten schuift hij zijn zusje naar voren ‘Zij wil het ook heel graag!’. Zijn grote broer staat op veilige afstand te luisteren. Die zet zijn gezicht op ‘Het interesseert me niets’ passend bij zijn leeftijd, maar blijft toch quasi nonchalant in de buurt hangen. Ik verbijt een glimlach en stuur hen alle drie door naar de andere ouder. Ze rennen. ‘Pap, wanneer…?’ Het gewenste antwoord blijft uit want vaderlief bromt ‘we hebben niet eens zo’n ding.’

Twee weken later. Gegiechel in de gang. Superman vraagt om een hoekje van de keukendeur ‘Mam, heb je nog plakband?’ Ik geef het hem, nog wat zuinigheid afdwingend, en meteen stormen drie paar kindervoeten de trap op. De oudste heeft duidelijk de leiding ‘Nee, ik knip, daar zijn jullie nog te klein voor’. Mijn nieuwsgierigheid bedwingend en allang blij dat ze even geen ruzie maken, begin ik aan het avondeten. Ook tijdens het eten wordt ik niet veel wijzer van het gegniffel en de geheime oogcontacten. Als vader mij over de sperziebonen vragend aankijkt haal ik stilzwijgend de schouders op. Na het eten verdwijnen ze, nog net niet hand in hand, weer naar boven. Er klinkt een schaterlach, een hard maar onverstaanbaar gefluister, een dreun, een ‘Pas nou op!’ en net als ik me niet meer wil beheersen roffelen ze de trap af. Met rode konen, schitterende ogen en de handen op de rug kijken ze samenzweerderig naar elkaar en hoopvol naar ons. ‘We hebben wat’ begint de oudste. ‘Zelf gekocht!’ voegt superman toe. Zusje maakt het af ‘en het is voor ons allemaal’. Er wordt een pakje tevoorschijn getoverd, ingepakt in…hé had ik dat tijdschrift al gelezen?…voorzien van een ruime hoeveelheid plakband. Het opgeplakte kaartje is duidelijk door superman geschreven ‘Vor ons alemaal’. Toch wordt het geheimzinnige pakketje overhandigd aan de vader. Voor de lol schudt hij het wat heen en weer maar staakt hier subiet mee als hij het vervaarlijk hoort rammelen. ‘Pak het nou ui-huit!’smeekt de oudste. Superman houdt het niet meer en verklapt schreeuwend ‘Het is een barbecue!!!’. Vader is duidelijk van de wijs want hij komt niet verder dan ‘Zo zo’.

Twee weken later. ‘Wanneer doen we het nou eens?!’, ‘ We hebben nu toch zo’n ding?!’, ‘Ja, voor ons allemaal!’. Een hulpzoekende blik naar mij. Ik knik, toe maar, je kunt het. ‘Even een schroevendraaier halen.’ De barbecue moet namelijk eerst nog in elkaar gezet worden. Na openen van de doos rollen er zevenentwintig onderdelen over de tuintafel. Vader kijkt, schat, past, past nog eens, schroeft en zucht ‘Een kruiskopschroevendraaier nodig’ Als er achtenveertig minuten en zeven lelijke woorden verstreken zijn lijkt het een klein beetje op een barbecue en zijn er nog maar vier onderdeeltjes over… ‘Pap?’, ‘Wat is er meisje?’, ‘Wat is dit?’, ‘Grmpf…de gebruiksaanwijzing!’ Het bouwsel wordt onmiddellijk gedemonteerd en binnen vijf minuten zit deel a aan deel b, past hendel f precies in gat z. ‘We kunnen!’ roept hij dan nog trots ook.

De barbecue wordt zorgvuldig op het gras gezet en gevuld met kooltjes en een aanmaakblokje. Voor de zekerheid twee aanmaakblokjes. Pap wacht, blaast, wappert en is al snel warmer dan het apparaat. De kinderen maken een vreugdedans en zingen ‘Ik wil een varken en een koe, op onze nieuwe barbecue!’. Omdat een en ander toch te langzaam naar vaders zin gaat liggen binnen de kortste keren alle dertien aanmaakblokjes tussen de kolen. Met als gevolg dat we nog geen kwartier later gezamenlijk zitten te hoesten als oude mannetjes behept met bronchitus. Zusje roept angstig ‘Mam waar ben je?’. Over de schutting verschijnt een wapperende handdoek ‘Zo buurman, volg je een cursus rookseinen?’. De kolen staan intussen in lichterlaaie. ‘Brand!!!’ roept superman verrukt. ‘Dit hoort zo hoor’ klinkt de verdediging. ‘Ik heb honger’ dreint de oudste. Ik doe een aanbod ‘Zal ik vast wat binnen wat wokken? Alleen voor de eerste trek natuurlijk.’ Tegen de tijd dat de kooltjes verast zijn steekt er een klein briesje op, genoeg om de kipsateetjes te voorzien van een laagje grijze spikkels. Dan geeft hij zich eindelijk over. ‘Kun je nog iets wokken? Binnen.’

Twee weken later. ‘Erg hè mam’ Ik kijk naar de nog steeds geblakerde rechthoek in het gras. Tja toch gauw zo’n halve vierkante meter natuurschoon nodeloos verwoest. De deurbel. ‘Goedemiddag mevrouwtje’, twee priemende ogen onder een politiepet richten zich op mij. ‘Wilt u hier eens naar kijken:

cover

Deze foto is twee weken geleden gemaakt en we zijn op zoek naar wie dit op zijn of haar geweten heeft. Weet u hier iets van?!’.

Vakantie? Mits!

(Dit verhaal heb ik ingestuurd voor de schrijfwedstrijd van J/M magazine, geen winnend verhaal maar wordt wel de komende zomer geplaatst op de online versie! )

 

‘Dag Mam, tot over twee weken!’.

Iets te vrolijk naar mijn zin worden we uitgezwaaid.  Voor het eerst laten we kind 1 thuis. Uiteraard heeft deze mam dit goed voorbereid. Er ligt voor twee maanden eten verspreid over de voorraadkast, de ijskast en de vriezer. Want op je negentiende kun je natuurlijk onmogelijk zelf pizza kopen of diepvrieskipsaté. Keihard werd ik geconfronteerd met een hiaat in de opvoeding maar probeerde dit op slinkse wijze te camoufleren  en te compenseren. Ik had een aardig boekwerkje geschreven met huishoudelijke do’s en vooral don’ts.  Tenslotte de achterblijver nog wat extra cash toegestopt, alsmede een uitgebreide telefoonkaart voor de bereikbaarheid.

Met kind 2 en 3 vertrokken we  naar een volgens de vakantiegids ‘schattig Frans huisje’, inclusief tv en barbecue. Er was (n)iets teveel beloofd. Het was schattig mits de bewoners de afmeting hadden van een kabouter . Onze kleinste is 1.80 m. De zithoek bleek hetzelfde als de eethoek: harde houten stoelen rond een tafel. De tv paste net niet op een barkruk en gaf alleen beeld bij een bepaalde wind. Kind 2 en 3 sliepen in een stapelbad mits ze plat bleven liggen. De ouders hadden meer slaapruimte op de vide, mits zij de ketel die slechts zeven keer per nacht aansloeg verwaarloosden.

Het weer was prima! Lekker buiten zitten mits je de houten picknicktafel lekker vond zitten en de beloofde barbecue bleek een verroest rekje te zijn dat al maanden in het gras verbleef. Dan maar even ontspannen in het overdekte zwembad maar de ‘overdekking’ bestond uit een glazen koepel die de warmte zo goed vasthield dat iedereen na twee minuten snakte naar frisse lucht.

Na een week hoorden we eindelijk iets van kind 1 ‘Ja sorry, beltegoed was op’. Tel daar bij op dat we onder de dakrand van het schattige huisje ook nog eens schattige overbevolkte zwaluwnestjes hadden. Na twee weken pakten we uitgeput de koffers en vertrokken huiswaarts. Onderweg een plagerig smsje sturen ‘Opruimen joh! We komen er aan’ . Dan volgt het antwoord ‘Mam hoe krijg je ook alweer pizza van het plafond?’.

Ik wil naar huis…mits!