Tagarchief: Apeldoorn direct

Da Capo

(Soms heb je van die powervrouwen, die kijken naar wat er NIET is en dan zorgen dat het er WEL komt. Marleen Hoogeboom is zo’n vrouw en ik mocht haar interviewen voor Apeldoorn Direct.)

Marleen helpt met Da Capo vrouwen opnieuw te beginnen

Door Carla van Vliet

Bij Stichting Da Capo, Molenstraat-Centrum 1, kunnen migrantenvrouwen al 5 jaar geholpen worden met opnieuw moeten beginnen in een nieuw land. Marleen Hoogeboom is de oprichter en projectcoördinator en bezit het nodige talent voor regelen en verbinden. Ooit woonde zij een periode in Peru en zette daar een project op voor kansarme jongeren, dat begon met wat opvang en eindigde in volwaardig onderwijs.

Zo’n 10 jaar geleden kwam zij terug in Nederland en zat na een paar jaar zelf zonder werk. Het liefst wilde ze weer iets sociaals beginnen. Om haar heen kijkend zag ze wat er niet was: iets voor migrantenvrouwen. Dus startte ze met taallessen, gegeven door vrijwilligers. Het bleek een schot in de roos. Al snel waren er diverse taalgroepen en daarnaast kwam er een naaiatelier. Nu is er ook een kookgroep en zelfs  fiets- en computerlessen. Alles met de doelstelling vrouwen weer actief deel te laten nemen in de samenleving of stappen te laten zetten richting de arbeidsmarkt. Marleen vertelt over de achtergrond van Da Capo en hoe ze de coronacrisis zijn doorgekomen.

Waarom alleen voor vrouwen?

“Ik zag dat veel migrantenvrouwen thuis zaten. Ze kenden de taal niet, hadden geen werk en waren daardoor erg afhankelijk van hun man. Nu ik terugkijk op de afgelopen 5 jaar merk ik dat een groep met uitsluitend vrouwen ook wel een fijne sfeer geeft. Je merkt dat vrouwen meer durven en minder naar de achtergrond verdwijnen dan als er mannen bij zouden zijn. Onze cursus Taal en Gezondheid vindt dan ook gretig aftrek. Dit gaat het over doktersbezoek, bijsluiters, verzekering en dergelijken, zaken die vrouwen toch meestal verzorgen. Sommige vrouwen worden door de gemeente gestuurd en vullen de zogenaamde talentplekken en anderen komen uit zichzelf. Sommige vrouwen komen puur om Nederlands te leren en gaan daarna weer weg, anderen blijven wel 3 à 4 jaar hangen. Die vinden bij Da Capo naast het leren gezelligheid, een sociale invulling of een vaste regelmaat.”

Over hoeveel vrouwen hebben we het?

“Er komen hier zo’n 150 leerlingen, van ongeveer 40 verschillende nationaliteiten. Variërend van Zuid-Afrika tot het Midden-Oosten, van Turkije tot de Oostbloklanden en dan nog van alles daar tussenin. Momenteel heb ik 52 vrijwilligers en dat is voldoende tenzij… ik weer iets nieuws bedenk, haha! Zo zijn we 1,5 jaar geleden gestart met een ochtend in de week een taalcafé te houden in het buurthuisje van Stimenz ‘Ut Huussie’, naast ons gebouw. Dit is het enige project waar mannen ook welkom zijn. Er wordt koffie gedronken en gekletst en er zijn 2 taalvrijwilligers bij. Het is laagdrempelig, het is gratis en er vindt geen registratie plaats zoals bij de taallessen. Graag zou ik een tweede ochtend willen organiseren maar dan heb ik dus 2 à 3 vrijwilligers meer nodig.

Uit het taalcafé is gebleken dat mannen ook wel beter Nederlands willen leren, maar het past nu eenmaal niet in het Da Capo-concept. Daarom heb ik een nieuw plan bedacht. Tijdens de coronacrisis heb ik op Facebook een oproep gedaan naar taalmaatjes én naar mensen (zowel vrouwen als mannen) die daar behoefte aan hadden. Die 2 groepen koppelde ik dan aan elkaar. Misschien ga ik later wel eens toetsen in kleine gemengde of mannengroepjes te werken. Plannen te over.”

Vertel eens wat meer over het naaiatelier?

“In het naaiatelier leren vrouwen de basiskennis van naaien en de naaimachine. Het is gezellig, maar we doen ook serieus aan recyclen. We begonnen met spijkerbroeken te veranderen tot tassen en kussens, maar het vinden van een goede afzetmarkt bleek nog lastig. Nu werken we vooral in opdracht. Zo kregen we een periode lang de kapotte tassen van de Apenheul en maakten daar souvenirs van, die in de shop van de Apenhueul weer verkocht werden. Momenteel hebben we opdrachten van iemand met een bannerfabriek die bannerstof levert, maar ook opdrachten van andere bedrijven doorspeelt. Op deze manier zijn we veel doelbewuster bezig. En daarnaast  maken we, heel actueel, ook nog wasbare make-uppads, groentezakjes, broodwraps en mondkapjes.”

Hoe is de kookstudio ontstaan?

“Als vrouwen bij ons komen hebben we eerst een intakegesprek. Uit het vragen naar hobby’s bleek dat bakken en koken regelmatig bovenaan stonden. Daar moest ik iets mee doen. Nu koken de vrouwen 2 keer in de week een heerlijke afhaalmaaltijd. Geïnteresseerden kunnen zich melden voor een wekelijkse nieuwsbrief waarin je met foto en al ziet wat er voor 5 euro op het menu staat. Met één klik is de bestelling gemaakt. Het bestellen is echt nodig want de aantallen kunnen uiteenlopen van 10 tot 50 maaltijden per dag. De vrouwen gebruiken hun eigen recepten en de kookvrijwilligster doet de boodschappen. Aangezien de Provincie buurtinitiatief ondersteunt denk ik hard na over een derde ochtend , maar dan voor buurtgenoten. Ik hoop ook een betaalde kracht aan te kunnen nemen die het geheel meer een werksetting kan geven, zodat vrouwen ook meer de horecakant leren kennen. En misschien na Da Capo zelf iets kunnen opzetten.”

Is het lastig om alles financieel rond te krijgen?

“Laten we het een jaarlijkse uitdaging noemen. De leerlingen betalen 10 euro per maand per cursus voor taallessen, het naaiatelier en de kookstudio brengen een paar duizend euro op jaarbasis op, maar hier red ik het niet mee natuurlijk. Gelukkig zijn er altijd wel fondsen die ons steunen, zoals het Oranjefonds al 5 jaar op rij, maar het blijft elk jaar opnieuw zoeken. Ik ben nu met een nieuw plan bezig, een structureel donatieplan: Vrienden van Da Capo. Ik moet het nog precies uitzoeken maar ik denk aan donateurs die jaarlijks 100 of 200 euro storten. Daar stellen wij dan tegenover: een gratis maaltijd, korting op artikelen uit het naaiatelier en misschien wel een gezellige ontmoeting met een leuke activiteit met de Da Capovrouwen. Dit wordt vervolgd.”

Hoe was het gedurende de coronacrisis?

“Allereerst wil ik zeggen dat ik echt trots ben op iedereen zoals we het gedaan hebben. Toen Apeldoorn helemaal stil viel op sociaal gebied was ik wel even verbouwereerd . Toen ben ik gaan onderzoeken in hoeverre we online verder konden gaan. Eerst heb ik de vrijwilligers benaderd, zij moeten tenslotte de lessen geven. Toen ik voldoende animo bemerkte heb ik de doelgroep benaderd en toen begon het gepuzzel. Een compleet nieuwe indeling moest er gemaakt worden, want niet iedereen deed mee (was ook niet verplicht natuurlijk) en lessen via Zoom werden een feit.

Na de versoepeling van 1 juni werd alles weer anders. Wie wil er wel of niet naar Da Capo komen? Wie wil liever online les? Da Capo moest coronaproof ingericht worden en de laptops moesten aan de digiborden gekoppeld worden. Gelukkig hebben we corona doorstaan en nu is het wel duidelijk dat de combinatie van fysiek en online lessen eigenlijk ook goed werkt. We houden dit nog wel een paar weken vol, want dan is het vakantie. En daarna? Dan passen we ons gewoon weer aan. Dat zijn we nu wel gewend bij Da Capo!”

 

 

Hartverwarmend

(Dit  interview met Maureen Roelofs mocht ik afnemen voor Apeldoorn Direct.)

Hartverwarmend contactloos contact

Door Carla van Vliet

Maureen Roelofs kruipt al zo’n 10 jaar met veel enthousiasme in de huid van contactclown Mau. Zij voorziet heel duidelijk in een behoefte en nu, in de coronatijd, doet ze er een schepje bovenop. Haar motto: ,,Ieder mens is het waard om contact te hebben.”

 

Je bent contactclown, hoe is dat zo gekomen?

,,Ik heb 23 jaar in het speciaal onderwijs gezeten en daar leerde ik al dat ik vooral moest werken vanuit mijn intuïtie en niet een al te vast stramien volgen. Eerst moest ik leerlingen op hun gemak stellen, hun vertrouwen winnen; pas dan ontstaat er een verbinding. Vanuit die verbinding kan je nieuwe dingen leren. Volwassenen hebben dat ook. Als je niet op je gemak bent, is er geen verbondenheid tussen hoofd en hart en functioneer je minder.

Naast het improvisatietheater dat ik al veel deed, volgde ik 10 jaar geleden een workshop Clownerie en ik was direct verkocht. Een clown werkt immers ook vanuit intuïtie. Een belangrijk onderdeel van de workshop was: ontwikkel je eigen clown. Toen ontdekte ik dat ik een ‘kleine’ clown ben. Geen circusclown met ingestudeerde kunstjes, maar een contactclown die voelt. Bij voorkeur werk ik met mensen met dementie of mensen met een verstandelijke beperking. Ik laat dingen gebeuren en werk niet met een vooropgezet plan. Bij dementerende mensen, waarbij bepaalde hersenfuncties zijn aangetast, zijn andere zintuigen juist extra versterkt, zoals voelen en aanraken. Sommigen hebben echt huidhonger, terwijl anderen liever minder fysiek contact hebben. Daarom werkt wat ik doe zo goed bij die groepen.”

Wat doe je dan precies?

,,Ik stap op een duidelijk zichtbare manier binnen in een huiskamer van een zorgcentrum, zonder plan. Dan laat ik de bewoners mijn energie voelen: hier ben ik. En tegelijkertijd voel in hun energie. Ik kijk en voel wat de ander nodig heeft. De zorgverleners seinen mij ook wel eens van tevoren in en vragen om extra aandacht voor iemand. Ligt iemand bijvoorbeeld al een tijdje onveranderd in foetushouding dan ga ik ernaast zitten. Soms aai ik diegene en soms ga ik alleen maar mee op de ademhaling. En dan opeens hebben we oogcontact, zie ik verwondering, we zijn dichter bij elkaar gebracht. ik heb niet meer nodig dan mijn stem, soms een klein speeldoosje, ik geef een handmassage en soms is mijn hand op die van de ander leggen al voldoende.

Zo vroeg het verzorgend personeel laatst aan me of ik bij een meneer wilde kijken. Meneer bood veel weerstand en was heel vaak heel boos. Ik ben naast hem gaan zitten en luisterde naar wat hij nodig had. Uiteindelijk vertrouwde hij mij toe dat hij boos was, omdat hij de leiding kwijt was. Leiding over zijn eigen leven, en daardoor ook een flink stuk eigenwaarde kwijt. Toen ben ik wat gaan zingen en heb hem tot dirigent benoemd. Ik deed precies wat hij dirigeerde, stopte zodra hij stopte, ging weer verder zodra hij verder ging en gaf hem daardoor weer een stukje leiding terug. Hij genoot.

Nog zo’n voorbeeld. Een mevrouw zat alleen in een kamer achteraan in de gang, deed niets anders dan snauwen en spugen.  Er was geen land met haar te bezeilen. Ik moest op afstand blijven, maar probeerde toch haar aandacht te vangen. Na een poosje zwaaide ze naar me. Mooi hè. Ik laat mensen voelen dat ze ertoe doen. En iedere vorm van contact doet er ook toe; een oogopslag, een glimlach of gewoon een zwaai.”

Over die afstand gesproken….hoe doe je dit in coronatijd?

,,Tja, ik kan nu natuurlijk niet naar binnen en toch heb ik het drukker dan ooit. Ik heb mijn bezoekjes aan verzorgingshuizen dan ook maar naar buiten verplaatst. Ik moet het nu hebben van het visuele aspect. Clown Mau komt de ramen zemen. Dit huishoudelijk klusje herkent iedereen. Gewapend met een trapje, een ragebol, vrolijk gekleurde emmers en doekjes voer ik een act op voor het raam. Hoe het precies verloopt bepalen toch uiteindelijk de bewoners. Soms zet ik de trap achterstevoren en dan komt er altijd wel iemand naar het raam toe met aanwijzingen. Soms wijst iemand nog een ‘vlekje’ aan dat ik overgeslagen heb. Als ik een glaasje water drink houden zij hun koffiekopje omhoog bij wijze van proost. Het lijkt door het raam contactloos, maar dat betreft uitsluitend het fysieke gedeelte. We maken oogcontact en ik zie mensen lachen. Het is voor mij veel moeilijker zo, minder intiem en veel uitbundiger, maar ik ben al blij dat ik hen iets kán bieden en dat is goed.

 

En gelukkig hebben we de foto’s nog. Er gaat steeds een fotograaf met mij mee, Margien de Vries. In het begin was ik er wat huiverig voor, omdat haar aanwezigheid zou kunnen afleiden, maar zij weet zich op een of andere manier onzichtbaar te maken en schiet intussen de mooiste foto’s. Deze foto’s worden na afloop toegestuurd naar het huis waar we opgetreden hebben en het verzorgend personeel kan de bestanden vervolgens op de Ipad zetten. Op deze manier kunnen alle bewoners het nog eens terugzien en er nogmaals van genieten.”

Hoe zien jouw toekomstplannen eruit?

,,Ik hoop dat ik nog veel vaker gevraagd zal worden als contactclown. Dat verzorgingshuizen zien dat ik, met mijn 10 jaar ervaring, iets waardevols kan toevoegen aan de zorg. Dat Clown Mau echt iets kan bereiken met bewoners waar al die lieve verzorgsters jammer genoeg geen tijd voor hebben. Het zou ook heel fijn zijn als ik dit voortaan als serieus en betaald werk kan doen.

Daarnaast ga ik door met workshops geven over ‘Op andere manier contact maken op de werkvloer.’ Voor alle soorten werkvloeren.

Ten slotte: omdat ik door de coronacrisis heel flexibel nieuwe ideeën opdoe, en ook veel nieuwe ideeën om mij heen zie om meer belevingsgericht te werken, hoop ik van harte dat iedereen na deze ellende wat flexibeler en grotendeels contactrijker uit de strijd komt. Dat zou nog eens mooi zijn.”

Wat geeft jou de meeste voldoening?

,,Dat ik een contactclown ben! Want contact maken is het mooiste wat er is!”

Waar ben je te bereiken?

,,Op de Facebookpagina Coronahulp Apeldoorn en omstreken, via maureenroelofs66@gmail.com en binnenkort op Contactclown Mau op Facebook.”

 

Dikke reclame

(Dit artikel/interview is op Apeldoorn direct geplaatst onder het hoofdstukje Cultuur en bedoeld om je over te halen zo snel mogelijk kaartjes te kopen voor dit prachtige concert! Doen hè :-)) 

Gospelkoor Goodnews haalt koor van wereldberoemde dirigent Martin Alfsen naar Apeldoorn

Woensdag 12 februari 2020

Door Carla van Vliet

 

Roelf Roelfs, dirigent van het Apeldoornse gospelkoor Goodnews, heeft geregeld dat het Noorse gospelkoor Reflex naar Apeldoorn komt. Op vrijdag 28 februari treedt het koor op in Menorah aan de Paslaan. Ook dirigent Martin Alfsen komt uiteraard mee. Roelf vertelt hoe dit precies zo is gekomen…

Hoe bijzonder is dit eigenlijk?

,,Heel bijzonder! Martin Alfsen is een grote bekendheid in de gospelwereld. Hij heeft heel veel gospelmuziek zelf gemaakt met een zekere herkenbaarheid in arrangement en een eigen karakteristieke kleur. Hij zorgt altijd voor een prachtige harmonie tussen tekst en muziek. Over de hele wereld zijn er koren die zijn muziek in hun repertoire hebben. En zijn gospelkoor Reflex is één van de Noorse topkoren waarmee hij nu op Europese tour is. Om aan te geven over welke orde van grootte we het hebben: Andraé Crouth, Richard Smallwood, Bebe & Cece Winans zijn zomaar wat grote namen die met hen opgetreden hebben. Best bijzonder, toch?!”

Het klinkt alsof jij Martin Alfsen persoonlijk kent?

,,Dat klopt ook wel. In februari 2008 bezochten we een concert van Reflex in Witten tijdens een tour van hen door Duitsland. In de pauze tijdens het koffiedrinken kwam Martin toevallig bij ons aan tafel staan. We spraken uiteraard over gospel en ik vertelde hem dat ik ook een gospelkoor had. Hij zei toen al dat hij een keer naar Nederland zou willen komen. Dat heb ik onthouden. Ook vroeg ik hem over zijn zelfgeschreven stuk ‘7  Døgn i Jerusalem’, of dat in het Engels verkrijgbaar was. Hij adviseerde het vooral in eigen taal te zingen.

Zodoende heb ik het in 2009/2010 vertaald in het Nederlands. Daarna heb ik dit ingestudeerd met een projectkoor en we zouden het uitvoeren in april 2012. Door ernstige ziekte van mij vond de uitvoering pas plaats in 2015. Maar tijdens dit vertaaltraject heb ik vaak contact gehad met Martin over de uitvoering en de muziek. Ook kwam ter sprake dat hij wel eens een workshop zou kunnen geven.”

Wat voor workshop moet ik me daar bij voorstellen?

,,In 2016 bestond Goodnews 10 jaar en dit hebben we groots gevierd met een muzikaal weekend met daarin een workshop van Martin en een jubileumconcert. De liederen die hij mij vooraf stuurde heb ik basic aan het koor aangeleerd en toen hij vrijdag arriveerde heeft hij diezelfde liederen op zijn eigen voortreffelijke wijze ingestudeerd en afgemaakt. Dit ging zaterdag zo door en ’s avonds dirigeerde hij het grootste deel van ons jubileumconcert. Iedereen was zeer positief over dat weekend en we kijken er met plezier op terug.”

Het gaat om gospelmuziek, wat is dat precies? Kan dit heden ten dage nog wel en wat heb jij ermee?

,,Gospelmuziek is een genre binnen de christelijke muziek en is tijdloos. Meer dan dertig jaar geleden is er een groot aantal gospelkoren opgericht, zoals ook destijds gebeurde in Duitsland en Nederland. De bekende Noorse groepen hebben vaak een voorbeeldrol vervuld dankzij hun ervaring en kwaliteit. Zoals Reflex dus.

Persoonlijk heb ik veel met gospelmuziek. Weet je dat het woord ‘gospel’ uit het oud-engelse woord ‘goö’ (goed) ‘spell’ (nieuws) komt en dus ‘goed nieuws’ of ‘blijde boodschap’ betekent? En juist die Boodschap in deze muzikale, veelal meerstemmige, vorm maakt me blij. Ik haal er troost uit en met mij vele anderen. Mijn eigen koor heet niet voor niets Goodnews en wij zingen ook zeer regelmatig liederen van Martin Alfsen.”

Hoe kan het dat Martin Alfsen naar Apeldoorn komt?

,,Martin Alfsen doet met zijn gospelkoor Reflex een tour door Duitsland, genaamd de ‘Gospel Celebration Tour’. Dit is eigenlijk ontstaan toen Martin Alfsen 60 jaar werd en dat vierde met een groot gospelconcert. Toen hij mailde deze tour door Duitsland te gaan doen kwam voorzichtig de suggestie om ook een concert in Apeldoorn te geven. Gezien de mooie herinneringen aan het fantastische gospelworkshop weekend was iedereen direct heel enthousiast. Met een aantal anderen hebben we een podium, onderdak en kaartverkoop geregeld. Nu kunnen veel meer mensen kennismaken met zijn muziek en hem persoonlijk in actie zien. Er zijn al kaarten verkocht aan mensen ver buiten Apeldoorn. Het is echt een uniek evenement.”

Wanneer en waar gaat dit plaats vinden en hoe kom ik aan kaarten?

,,Dit eenmalige concert vindt plaats op vrijdag 28 februari, in Menorah, Paslaan 11 in Apeldoorn en kaarten kunnen besteld worden via www.goodnewschoir.nl/reflex. Je mag dit eigenlijk niet missen!”

 

 

Chocolade-interview

(Bijdrage Apeldoorn Direct 4)

dscn5052

Ho! Stop! Voordat je nu naar de winkel rent met je kerstboodschappenlijst lees eerst dit eens. Ik durf te wedden dat je hierna nog wel iets aan de opsomming kan toevoegen. En neem van mij aan dat je hiermee goed scoort tijdens de Feestdagen. Ik heb het over BonBonSpecials een overheerlijke chocoladewebwinkel gerund door Marjanne Deelen. Ik had een gesprek met haar.

Hoe is BonBonSpecials.nl ontstaan?

Ik heb 20 jaar kantoorwerk gedaan. Op het laatst voelde het steeds meer als een harnas van protocollen. Ik wilde iets heel anders gaan doen en stuitte op een chocoladewebshop. Zo kon ik mijn grote passie gaan volgen: chocola, bonbons, maken en verkopen. Doordat ik goede contacten heb met de beste patissiers verkoop ik altijd echte, verse bonbons. Ik betrek mijn fairtrade chocola van Callebaut, een Belgische chocolatier die eigen cacaoplantages in o.a. Zuid-Afrika bezit en er streng op toe zit dat de cacaoboeren goed behandeld worden.

Zijn er dingen waar je tegenaan loopt met een eigen zaak?

Het is heerlijk om eigen baas te zijn maar het kost veel tijd om een gedegen netwerk op te bouwen. Daar ben ik druk mee. Ook met het volgen van cursussen om zelf chocolade te verwerken. Dat gaat me al aardig af. Laatst mocht ik 55 chocolade letters leveren. Een geweldig leuke opdracht maar omdat ik net begonnen ben heb ik nog niet zoveel mallen. Het maken duurt dan wat langer. Ik heb nu ook een printermachine waarmee ik logo’s of een tekst op een bonbon kan leveren. Leuk voor bedrijven maar ook voor bruiloften, winkelopeningen of andere festiviteiten. Chocolade is immers altijd feest.

Hoe promoot je de winkel?

Vooral via facebook en de nieuwsbrief waar mensen zich op kunnen abonneren via de site www.BonBonspecials.nl  Het eigen assortiment bestaat uit 24 verschillende bonbons maar door samen te werken met andere chocolatiers kan ik ook elk seizoen iets anders aanbieden, een ‘special’ die alleen via de website en nieuwsbrief te koop is. Verder sta ik op beurzen, Spirit of Winter fair bij Paleis het Loo en geef ik sinds kort ook workshops. Een chocolade pump maken op je vrijgezellenfeestje bijvoorbeeld. Voor een kinderfeestje zijn verschillende gietfiguren voorhanden. Het zijn altijd gezellige activiteiten.

Wat mogen we beslist niet vergeten in te slaan voor de komende feestdagen?

De Chocorosso! Dit is iets nieuws en zo leuk voor de feestdagen. Het is een rode mousserende wijn uit Zuid Duitsland met een chocolade aroma. Echt zo lekker! Je kunt het drinken bij een luxe dessert maar het is ook heerlijk op de bank met een stukje kaas.

Tot slot, hoe blijf jij zo slank?

Je weet toch dat chocolade heel gezond is! Er zijn vijf goed redenen om chocolade te eten. In goede chocolade zitten anti-oxydanten in, je krijgt er serieus een beter humeur van, het vermindert je stress, het aanwezige stofje endorfine maakt je gelukkig en met chocolade smaakt ALLES lekkerder.

Dit is dus een winkel naar mijn hart. De Chocorosso mocht ik proeven. Alle vijf redenen werden realiteit. Met een nieuwe fles onder de arm geklemd heb ik het pand nog net niet zingend verlaten. Maar wat een fijne winkel met een uiterst vriendelijke eigenaresse.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Winterburen

(Mijn derde bijdrage aan Apeldoorn Direct)

herfstboom

Uiteraard zijn er in Apeldoorn veel meer bomen dan in Zoetermeer. En veel daarvan zijn ook nog eens reuzegroot en stokoud. Stammen met een omvang waar ik met beide armen nog niet tot de helft reik. Toen ik hier aan het eind van het voorjaar kwam wonen waren de bomen al een beetje groen. Ik zag ze per dag groener en voller worden. De hele zomer genoot ik van het weelderige gebladerte. Zag vogels af en aan vliegen. Bij felle zon gaven de bomen heerlijke schaduwplekken. In de late herfst stonden de bomen in brand met hun geel-oranje-rood-tinten. De herfst was langdurig en zonnig dit jaar. Maar opeens waren alle blaadjes weg. De takken zwart en stakerig. De achtergebleven nesten als rommelige kluwens duidelijk zichtbaar.

En er is nog meer zichtbaar. Nu de bladeren zijn verdwenen zie ik dat ik overburen heb! Ik zie ze heen en weer lopen. Ik zie ze voor het raam staan, vermoedelijk kijkend naar hun overburen. Ik zie ze aan tafel zitten. De eettafel is lang, waarschijnlijk heel handig als de kinderen weer eens thuis komen eten. Deze tafel staat met de behoorlijk lange kant voor het raam en meneer en mevrouw zitten beiden aan een kopse kant. Op deze manier hebben ze allebei het beste uitzicht. Lekker dicht bij het raam en waarschijnlijk ook bij verwarming. Maar hierdoor zitten ze wel ver van elkaar vandaan! Ook tijdens het eten. Eerst dacht ik nog dat ze een inwonende butler hadden die het zout aanreikte van de ene naar de andere kant van de tafel, of de jus of de wijn. Nu denk ik dat ze alle twee hun eigen zout hebben. En jus. En wijn.

Gezellig hoor, buren die je alleen inde winter ziet. Zal ik..? Ja hoor, ik zwaai en ze zwaaien enthousiast terug. Nu kan het weer. Zwaaien naar je winterburen.