Maandelijks archief: september 2019

(On)eerlijk

Lastig, want was is precies eerlijk? Goede synoniemen zijn: echt, gemeend, ongelogen, zuiver, betrouwbaar, rechtschapen en fatsoenlijk. Om er maar een paar te noemen. Maar zie dit:

Is het eerlijk dit ik altijd zulke letters trek? Is het eerlijk dat ik dan af en toe een beetje oneerlijk ga spelen? 😉 Tot wanneer is het nog eerlijk? Het is maar een spelletje? Maar waar ligt de grens als het geen spelletje is maar menens…

Om iedereen een gelijke kans te geven zijn er advocaten aangesteld, dat is hartstikke eerlijk. Alle kanten van het ‘verhaal’ worden belicht en de rechter velt een daarover een eerlijk oordeel. De advocaat doet niets anders dan zijn cliënt helpen, een eerlijk proces aanbieden. Hoe oneerlijk is het dan dat juist de advocaat wordt vermoord. De advocaat die niet alleen maar advocaat is maar ook zoon, man, vader, vriend, buurman en collega.      Het rare, bizarre, oneerlijke (?) is, dat de dader daarvan ook weer een eerlijk proces krijgt… Maar eerlijk duurt het langst. Toch?

In Apeldoorn werd je vroeger in dit prachtige gebouw eerlijk berecht. Tegenwoordig is het een horecagelegenheid gerund door mensen met een beperking. Eerlijke mensen die geen vlieg kwaad doen en heel hard en netjes werken. In de voorste kamer hangt nog een groot schilderij van een beroemde rechter die vanaf de schouw goedkeurend op hen neerziet. In het indrukwekkende trappenhuis hangt nog immer een geur van angst.

Vandaag de dag is dit de rechtbank. Een stukje typische architectuur van Wegerif en het muurtje boven de voordeur en naast is inderdaad rond. Aan de achterzijde zitten twee grote silo’s want vroeger was dit gebouw een opslag voor graan. Daar werd vast en zeker (?) eerlijke handel gedreven. Als je de voordeur van heel dichtbij bekijkt zie je dit:

Het muisje heeft waarschijnlijk niets met strafzaken te maken in de trant van : dit muisje zal nog een staartje krijgen! Zoals ik in het begin dacht… Maar gewoon een muisje die het, eerlijk gezegd, heel erg naar zijn zin zou hebben in al dat (h)eerlijke graan.

Eerlijk of oneerlijk, aan welke kant sta jij?

 

 

Gieds en gids

Een week in de Belgische Ardennen leert je een heleboel. Ik dacht dat daar louter klimbossen en raftriviertjes waren… Wel veel bos gezien maar ook uitgestrekte maisvelden, grote meren met indrukwekkende stuwdammen. Een zucht van verlichting ontsnapte me: gelukkig geen survivaltocht 😉

Wat betreft kleine oude dorpjes kwam ik goed aan mijn trekken. Alhoewel sommige niet eens door de voorrondes van ‘Help mijn man is klusser’ zouden komen. Een betere optie zou zijn de vervallen panden te verkopen voor 1 euro aan bijvoorbeeld Spanjaarden of Italianen. Die het vervolgens dolenthousiast opknappen, op gepaste wijze gaan integreren, het dorp weer op de kaart zetten en zo de lokale bevolking een oppepper geven van heb ik jou daar. Laat dit alles gerust filmen door een tv-ploeg. ’t Is maar een idee.

Aan de andere kant ben ik ook dol op kastelen en grote landhuizen. In Chimay staat een kasteel om van te smullen. Zowel van buiten…

            

Als van binnen…

             

Bij binnenkomst krijg je bij je toegangskaartje een interactieve I-pad, zodat je heel handig alles ZELF kunt bekijken. Heldere uitleg in alle talen, slechts een kwestie van aanklikken. Toch stond er op de trap een keurig mannetje druk te gebaren. Hij riep: ‘Iek ben de gieds! U kunt mij alles vragen!’ Hij sprak alle g’s uit zoals wij het woord guillotine beginnen. Ik toonde hem glimlachend de I-pad, en dacht: ‘Laat me met rust!’ Maar hij bleef me achtervolgen en gaf te pas en te onpas uitleg. ‘Ier ies de groene kamer!’, ‘Ier ies de wapenkamer!’ Ben ik blind? Ik kan lezen hoor! Ik heb toch een I-pad! Jaartallen goochelde hij constant in het Frans te voorschijn zodat ik daar dan weer niets van begreep. Om half drie riep hij alle aanwezigen toe dat hij het theater ging openen, op een toon alsof hij ging roepen: ‘You get a car! You get a car! And you get a car!’ Met rollende ogen gaf ik hem zijn zin, totdat….ik het theater zag!

Alles was goud, rood fluweel, witte kaarsen, guirlandes, franjes, spiegels in en ereloge, barok all over the place! Wat een grandeur! Ik hou d’r van! Op het podium werd een film vertoond waar duidelijk werd dat dit prachtige theater heel veel te lijden heeft gehad, twee wereldoorlogen meegemaakt maar dit alles fier doorstaan heeft. Heden ten dage worden er zelfs nog concerten gegeven. Na de film sprong de gieds weer naar voren met een grijns op zijn gezicht alsof hij er persoonlijk voor had gezorgd dat het theater nog in leven was en riep: ‘Wie heeft nog vragen? Niemand? Maar iek ben gieds! Iek weet alles!’ Ik zwaaide nogmaals met mijn  I-pad en gaf hem applaus.

Twee dagen later stond Chateau du Fosteau op het programma. Op het terrein komen was al een uitdaging, maar als je door het smalle poortje was, dan had je ook wat! Het gordijntje naast de voordeur bewoog zachtjes heen en weer…

     

De voordeur ging open en een allerliefst ouder echtpaar heette ons welkom. Zij zei: ‘Bienvenue!’ Hij zei: ‘Je kunt gewoon Nederlands praten hoor.’ Ik mocht mee naar een deftige kamer met prachtige meubels en een gewelfd plafond met bloemetjesbehang. Ik wilde graag het toegangskaartje pinnen. Dit kon wel, maar eerst werd uit de lade van een 17de eeuws kabinetje de gebruiksaanwijzing gehaald van het pinapparaat. De rood onderstreepte stappen werden nauwkeurig gevolgd en de keurig gekapte en geklede dame slaakte een zuchtje toen de transactie succesvol verlopen was. Ik kreeg allerlei zelf getypte folders mee, van wat er te zien was, in het Nederlands, maar…meneer liep toch maar even mee. Stel dat ik iets zou overslaan of iets wilde vragen wat niet in de folder stond… Waarschijnlijk was hij blij zijn kennis weer eens te kunnen spuien. Zodra ik maar naar de folder keek begon hij weer. De uiterst vriendelijke en correcte heer had denk ik ook iets aan zijn stembanden waardoor er niet meer dan een naargeestig gefluister te horen viel. Met ingespannen oren onderging ik alles beleefd. Van de oorsprong in 1350 tot de drooglegging van de grachten in 1949, van 2004 toen er een latrine ontdekt werd in een van de dikke muren tot 2019 waar bezoekers nodig zijn om het pand te kunnen onderhouden. De kamers beneden mocht ik zelf bekijken, waarschijnlijk was hij wat vermoeid. De kamers liepen vanzelf in elkaar over en op sommige artikelen zat zelfs een prijsje. Je moet wat als eigenaren in nood.

     

Uiteindelijk werd ik vriendelijk uitgelaten door het echtpaar. Wederom paste de auto op een haar na door het poortje en er bewoog een gordijntje.

Was het toch nog een soort van survivallen…’hoe overleef ik de gids’…

Soms…

Soms denk ik wel eens…

…schreef ik maar boeken!

Maar boeken staan natuurlijk wel vol met uitsluitend woorden.

En wat moet ik dan met al die plaatjes die ik tegenkom…

Keuken salades?

Salades die je in de keuken moet opeten?

Moet die keuken dan ambachtelijk zijn?

Wat gebeurt er als ik die salade in de woonkamer voor de tv opeet?

Een kinder heuptas? Of een kinderheuptas?

Gaan kinderen hem dan ook zo onhandig en oncharmant schuin over de borst dragen?

Weet je hoe vreemd het eruit ziet bij een vrouw met een flinke voorgevel?

En nog vreemder als ze onderin dat tasje nog wat kleingeld denkt te hebben?

Waarom heet het dan een heuptas?

Beetje late vondst zo aan het eind van het terrasseizoen,

maar op deze simpele manier kun je toch besparen op het doorgaans duurder terras 🙂

Geweldig gevonden maar triest tegelijk.

 

Toch es nadenken over een boek…met plaatjes!

Einde verslaving

(Met dit verhaal haalde ik afgelopen mei de derde plaats bij een schrijfwedstrijd. De prijs bestond uit een redactie van een 1000 woorden verhaal. Omdat ik meestal verhalen van 500 of 1500+ woorden maak mocht ik er twee van 500 inleveren 😉 Van het tweede verhaal moet ik de uitslag nog ontvangen…. Ik zal de naam van de uitgever niet noemen, want misschien heb ik gewoon pech, maar netjes vind ik het niet. Ook mochten de winnaars hun verhaal niet publiceren omdat de uitgever dat via eigen kanalen wilde doen, maar ook dat is nog steeds niet gebeurd. Daarom gewoon lekker hier te lezen 🙂 De opdracht was: ‘vrij en niet meer dan 500 woorden.’ Dan wordt het in mijn geval zoiets. )

Einde verslaving

Ik sta voor de spiegel en haal diep adem. Ik bekijk mezelf goed en schud langzaam mijn hoofd. Ik weet dat ik moet ingrijpen maar tegelijkertijd vind ik dat een hele stap. Niemand heeft het immers in de gaten. Het heeft wel even geduurd, maar ik geef het toe: ik ben verslaafd. En niet zo’n beetje. Echt behoorlijk verslaafd. Ik kan niet meer zonder. Vorige week heb ik het nog geprobeerd maar na twee dagen zat er geen nagel meer aan mijn vingers. En gaf ik me direct weer gretig over. Moet ik hulp zoeken? Of kan ik het best zelf? Oké, morgen ga ik stoppen! Dat betekent vandaag nog één allerlaatste keer. Ik haast me uit de badkamer en plof op de bank met mijn laptop. Ik surf hongerig door allerlei kledingsites. Hier en daar klik ik wat aan en gooi het in mijn virtuele mandje. Na de betaling en bevestiging leun ik tevreden zuchtend achterover.

Elke bestelling geeft mij kriebels. De laatste tijd slaap ik er zelfs onrustig van. Ik kijk veel te vaak op mijn telefoon om te zien waar mijn bestelling zich bevindt. Ho, wacht eens even, denk jij nou dat ik verslaafd ben aan online shoppen? Nee joh, dat heb je helemaal mis. Ik doe het graag en veel omdat ik Roberto dan heel vaak zie. De koerier! Wat een stuk is dat. Lang èn breed èn donker èn gespierd èn beleefd. Heel beleefd. Naar mijn zin soms te beleefd. Afgelopen zomer, met die vreselijke warmte, bood ik hem regelmatig iets te drinken aan, wat hij beleefd aannam, opdronk, om daarna met een beleefde hoofdknik weer te verdwijnen. Van de winter heb ik hem zelfs gelokt met warme chocolademelk. Steeds maakte mijn hart een sprongetje als zijn auto verscheen. Ik bestelde me suf aan pakketjes en had het er graag voor over de volgende dag alles weer terug te moeten sturen via het postkantoor. Op een gegeven moment had ik hem zover dat hij mijn huis als laatste bezorgadres plande, zodat we meer tijd hadden om met elkaar te praten. Soms wel drie keer in de week. En alle keren waren daar de onderhuidse spanningen. Was het een onschuldige flirt of was er meer? Van mijn kant zeker wel meer! Denk ik. Toch? Ik moet hier duidelijkheid in krijgen, anders word ik gek. Daarom besluit ik hem met de komende bestelling opnieuw binnen te vragen en hem te overrompelen. Maandagavond hijs ik me daarom in een sexy dingetje, zet overal kaarsen neer en doe een bedwelmend luchtje op. Zodra ik zijn auto zie aankomen schuif ik de gordijnen dicht en doe de lampen uit. Snel haal ik nog een hand door mijn haar en open met, wat ik denk, een zwoele glimlach de voordeur. Dan blijven de ingestudeerde woorden in mijn keel steken want in plaats van de knappe Roberto staat daar een onbekend slungelig  joch. ‘Waar is Roberto?’ vraag ik dwingend. ‘Eh…o…Roberto? Ik val voor hem in want hij is gisteren getrouwd.’