Tante Cora

(Dit verhaal heb ik ingestuurd voor de schrijfwedstrijd van Schrijverspunt. Het genre was helemaal vrij maar er moesten op de een of andere manier de woorden ‘onder de boom’ in voorkomen. Stond er een gouden stoel? Een kabouterhuisje? Lag er een dronken man? Was er juist iets verdwenen? Wat was er gebeurd? Dit heb ik er van gemaakt. Mijn verhaal viel niet in de prijzen maar de uitdaging was weer geweldig.)

Tante Cora

Mijn tante Cora is dood en ik sta versteld. Naïef van mij natuurlijk want iedereen gaat een keertje dood. Maar ze kwam op mij altijd over als een onsterfelijk type. Hoewel het lieve vrouwtje al 89 was, stond zij nog midden in het leven, was van allerlei zaken op de hoogte en vond van veel dingen gefundeerd iets. Zo vaak heb ik bij haar gelogeerd als kind. Later als studente ook nog, vriendinnen mee, het was nooit een probleem. Terwijl zij niet eens een bloedverwante tante was. Ik weet eigenlijk niet meer hoe we aan haar gekomen zijn, maar in mijn beleving was ze er altijd al. We hadden een bijzondere band. Misschien was ik wel de nooit gekregen maar zeer gewenste dochter. Ze kookte belabberd maar compenseerde dit ruimschoots met haar prachtige verhalen. Spannende verhalen hadden haar voorkeur. Vertellen kon ze, iedereen hing aan haar lippen. En als er niemand was om mee te praten las ze. Geen boek bleef onbesproken en op verjaardagen bleef het cadeau geen raadsel. Omdat zij altijd een boek zocht dat bij precies bij de jarige paste werd het toch nog een verrassing. Vreemd genoeg kreeg ik nooit een boek van haar realiseer ik me opeens. De zelfgebreide sjaals waren me echter even dierbaar.

Mijn tante Cora is dood en ik ruim haar huis uit. Samen met mijn moeder, haar vaste mantelzorger, hebben we er veel werk aan. Zoveel luie stoelen, want iedereen moest lekker zitten. Pannen in alle soorten en maten, want iedereen moest kunnen mee-eten. Stapels zelf gebreide omslagdoeken, want niemand mocht het koud hebben. Als de boekenkast bijna leeg is vind ik op de onderste plank een zware doos. Met een zwarte viltstift staat er in mijn tantes handschrift ‘Cora’ opgeschreven. Wat is dit? Waarom zou mijn tante haar eigen naam op die doos zetten? Mijn nieuwsgierigheid wint het en ik open de doos. Dan zie ik allemaal pakjes, keurig ingepakt in gebloemd papier. Typisch tante Cora, al haar cadeautjes zaten in gebloemd papier. ‘Bloemen kunnen altijd’, beweerde. De pakjes zijn verschillend van formaat maar aan de vorm en het gewicht te voelen zijn het allemaal boeken. Op elk pakje zit een witte sticker met daarop een jaartal. Het gaat terug tot 25 jaar geleden. Mijn geboortejaar. Hé wacht es! Er zitten 25 pakjes in de doos en ik word over drie weken 25 jaar. Toch begrijp ik er niets van en stapel de pakjes weer in de doos. Als ik de doos wil sluiten zie ik opeens een envelop geplakt op een van de flappen. In de envelop zit een brief.

Lieve Corine,

Allereerst gefeliciteerd met je verjaardag. Wat was ik blij toen jij geboren werd. Je vader was foetsie maar geloof me, daar misten we niets aan. Je moeder liet me toe in jullie leven, om te helpen waar ik kon. Er was maar één regel: ik mocht je niet verwennen. Daarom kreeg je elk jaar voor je verjaardag een zelf gebreide sjaal van mij, terwijl ik niet eens van breien houd,  maar dat vond ik te weinig. Omdat ik weet dat je ook zo dol bent op boeken kocht ik elk jaar een boek voor je dat ik voor jou bewaarde. Nu je 25 bent geworden vind ik het tijd dat je moeder zich er niet meer mee bemoeien mag en geef ik alles in één keer. Een doos vol verhalen. Verhalen om je in te verliezen, verhalen die iets bij je losmaken, verhalen om te onthouden en verhalen om door te geven. Het laatste boek is een bijzonder boek, net zo bijzonder als jij voor mij bent. Ik blijf je moeder eeuwig dankbaar dat ze de moeite nam jou naar mij te vernoemen. En ik blijf jou eeuwig dankbaar dat je mij als tante wilde zien. Ik hoop van harte nog heel lang jouw tante te mogen zijn. En voortaan krijg je gewoon een boek op je verjaardag.

Je tante Cora.

Er zigzagt een traan over mijn wang. Van ontroering, door dit uiterst lieve gebaar. Van frustratie, ik had het zo graag uit haar eigen handen ontvangen. Van boosheid, waarom is ze er niet meer?! Van gemis, hoe kan ik haar nu ooit nog bedanken. Opeens voel ik een arm om me heen. Mijn moeder zit geknield naast me op de grond. ‘Wat heb je gevonden?’ Ik laat haar de brief lezen. Ze glimlacht, bijt dan op haar lip en er ontsnapt een snik uit haar mond. ‘Wat mis ik haar. Ik weet niet wat er van ons terecht gekomen zou zijn als zij er niet al die tijd was. En deze doos, echt iets voor haar. Altijd in de weer voor een ander. Terwijl ze het zelf financieel niet makkelijk had hoor. Iets met schulden uit het verleden, ik weet het niet eens precies. Ze weigerde steevast er maar iets over los te laten. En nu zullen we het nooit weten.’ Er valt een aangename stilte in de lege kamer als we schouder aan schouder, ieder in onze eigen gedachten verzonken,  samen naar buiten kijken. Het enige geluid komt van de takken van de kastanjeboom die zwiepend door de wind zachtjes tegen het raam tikken. Dan sta ik op en trek mijn moeder ook overeind. ‘Kom, ze zou niet willen dat wij hier een potje zielig zitten te doen. Ik neem de doos mee naar huis en misschien pak ik vanavond wel 24 pakjes uit. De vijfentwintigste pak ik over drie weken uit, zoals tante Cora het bedoeld heeft.’ Mijn moeder knuffelt me en samen tillen we de doos in mijn autootje.

Mijn tante Cora is dood en ze is voor het eerst niet op mijn verjaardag. Mijn moeder wel en een paar goeie vriendinnen ook. Een gebloemd pakje ligt al de hele dag op tafel. Ik kan er niet toe komen het uit te pakken. Het is alsof ik verwacht dat ze zelf nog hier binnen zal stappen om het aan me te geven. Mijn vriendinnen verwennen me met geurige badkamerpakketjes, met afspraken voor een high tea, met foute romcom dvd’s en mijn moeder verrast me met ‘een jaar lang elke vrijdag een boeket bloemen’. Ik serveer koffie en taart. Ik deel thee en chocola. Ik schenk wijn. Ik sta in de keuken om hapjes te bereiden. Ik schenk nogmaals wijn. Ik dribbel weer naar de keuken. Als ik terugkom houdt iedereen opeens zijn mond. Mijn moeder neemt het initiatief en dwingt me te gaan zitten. Ze drukt het pakje van tante Cora in mijn handen en knikt. Nu moet ik wel. Ik draai het pakje om en om, peuter dan heel voorzichtig een hoekje los en uiteindelijk glijdt het bloemetjespapier op de grond. In mijn handen houd ik een boek, het is een zelf gemaakt fotoboek. Er staan 25 foto’s in van mij. En van mijn moeder. Als baby in mijn moeders armen, als peuter op haar nek, als tiener naast haar. De laatste is van twee maanden terug; mijn moeder zit bij mij op schoot, we gieren van de lach. Op alle foto’s zitten we op hetzelfde bankje. Het bankje van tante Cora. De kastanjeboom er achter groeit op elke foto mee. Weer stromen de tranen over mijn wangen. Als ik het boekje sluit zie ik pas de titel: Geluk onder de boom.

Mijn tante Cora is dood en mijn herinneringen zijn springlevend.

Advertenties

12 gedachten over “Tante Cora

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s