Maandelijks archief: augustus 2016

Over en thuis

Nu is het toch echt klaar, over en uit, om, afgelopen, voorbij, verstreken en basta met die vakantie. Alle scholen weer begonnen en iedereen weer met frisse tegenzin aan het werk. Eindelijk. Structuur, ritme, ordening en regelmaat, langzaam sijpelen ze weer binnen. Heerlijk of heimwee? Heimwee waarnaar dan precies? Bedenk het volgende…

          Geen ongemakkelijk gehang in een doorgezakte tuinstoel meer

          Geen ‘ik wil een ij-hijsje!’ meer

          Geen te kleine snoetenpoetsdoekjes voor te grote ijsjes meer

          Geen gegok met buitenlandse menukaarten meer

          Geen ‘wat is hagelslag in het Zweeds?’ meer

          Geen zwarte zaterdagen meer

          Geen ‘wat kan mij het schelen, na de vakantie ga ik weer lijnen’ meer

          Geen verplichte selfies meer

          Geen ‘’t Is maar een buitje…’ meer

          Geen sanitaire verrassingen in verband met hygiëne meer

          Geen ‘let jij nou ook es op de kinderen’ meer

          Geen tergend langzame zonsondergangen meer

          Geen ‘interessante’ excursies meer

          Geen ‘hèhè, lekker hier’ meer

          Geen ‘neehee, je krijgt geen ij-hijs meer’ meer

          Geen gezoek naar wifi op de camping of de hotellobby meer

Gewoon weer lekker thuis. Want thuis is….

home is

 

 

 

 

 

 

Advertenties

Het sprookje van Vrouwtje Vrolijk

vrolijke dame

Er was eens, in een land hier niet zo ver vandaan, een vrouwtje. Omdat zij altijd vrolijk was noemde iedereen haar Vrouwtje Vrolijk. Vrouwtje Vrolijk was echt altijd vrolijk. Ze lachte, zong en danste de hele dag van vrolijkheid. Zelfs als ze ’s nachts lag te slapen zag je een glimlach om haar mond. Ze droeg graag vrolijke kleren in vrolijke kleuren. Het liefst lange rokken met vrolijke patronen. Oranje met rode hartjes, roze met gele fietsen of groene met blauwe draakjes. Soms kon ze niet kiezen en dan trok ze gewoon twee rokken over elkaar aan. En omdat ze altijd zo vrolijk was kwam er vaak en veel visite in haar huisje met de vrolijke gordijntjes, de vrolijke meubeltjes en het vrolijke servies. Als je bij haar een kopje grapjesthee had gedronken en daarbij een zelfgebakken giecheltje uit de moppentrommel kreeg, kon je niet anders dan vrolijk over het tuinpad huppelend het huisje weer verlaten. Vrouwtje Vrolijk had ook een huisdier; een schaap. Het arme dier was door soortgenoten verstoten omdat zij niet ‘Bè-hè-hè’ riep maar ‘Ha-ha-ha’. Het schaap was door Vrouwtje Vrolijk liefdevol opgenomen en ze noemde hem Blijheid. Samen lachten ze wat af.

Tot op een dag alles anders werd. Blijheid stikte van de lach en viel morsdood op haar linkerzij. Vrouwtje Vrolijk lachte eerst nog vrolijk omdat zij dacht dat het een grapje was. Maar al snel bleek dat Blijheid echt dood was. Vrouwtje Vrolijk was ontroostbaar. Ze kon helemaal niet meer lachen. Voordat Blijheid een keurige en treurige begrafenis kreeg schoor ze alle wol van Blijheid af en legde dat in het kolenhok. Nadat ze zeventien dagen gehuild had stopte ze er mee. Ze wilde iets doen ter nagedachtenis aan Blijheid. Vastberaden stapte zij naar het kolenhok, verzamelde alle wol, spon er garen van en ging fanatiek zitten breien. Eerst een sjaal voor haarzelf zodat ze Blijheid dichtbij haar voelde. Toen een tafelkleedje. Toen een gordijntje en een treintje, een theemuts en een slaapmuts, een schaapje en een aapje, hondenbrokken en koffiemokken.

Een jaar later was er weinig meer over van het vrolijke huisje. Alles was grauw van kleur en Vrouwtje Vrolijk werd een Vrouwtje Grauwtje. De visite bleef weg. Er was geen vrolijkheid meer te beleven. Er viel niets meer te lachen, te zingen of te dansen. En zo zat Vrouwtje Vrolijk uiteindelijk helemaal alleen in haar grauwe huisje met de grauwe spullen in haar grauwe kleren.

Omdat sprookjes altijd een happy end hebben kwam er op een dag een pauw op doorreis langs het huisje. Hij klopte aan en vroeg waar Vrouwtje Vrolijk woonde want hij was op zoek naar haar. ‘Dat ben ik’ zuchtte Vrouwtje Vrolijk. Eenmaal binnen schrok de kleurige pauw van de treurige saaiheid en vroeg wat er gebeurd was. Toen ze alles verteld had riep hij concluderend: ‘Aha! U heeft van Blijheid iets droevigs gemaakt!’. Ze knikte instemmend. ‘En denkt u dat Blijheid dat leuk gevonden had?’. Ze dacht even na en schudde toen haar hoofd. Ze riep wanhopig ‘Ik heb het helemaal verkeerd aangepakt! Maar wat moet ik nu doen?’. De pauw, die ooit een cursus binnenhuisarchitectuur succesvol afgerond had, adviseerde haar om alle wol te gaan verven. In vrolijke kleuren natuurlijk. En opeens  kreeg Vrouwtje Vrolijk weer energie voor tien. Ze bedankte de pauw vriendelijk en een maand lang was ze bezig om alles wat ze gebreid had en wat grauw was, in vrolijke kleuren te verven. Het hele huisje knapte er van op. Ze werd er zelf ook weer helemaal vrolijk van. Ze zette weer grapjesthee en bakte verse giecheltjes. Visite kwam weer dolgraag op visite. Er werd weer uitbundig gezongen en gedanst. Zo kwam alles toch nog goed en Vrouwtje Vrolijk? Zij lachte nog lang en gelukkig!

Doodboulevard

lijkstoeten

Niet afhaken, dit wordt best een gezellig stukje.

Boulevard. Ik vind dit een twijfelachtig woord. Het klinkt mooi, daar niet van. Het eerste wat bij mij opkomt is de boulevard in Scheveningen. Maar meteen ook het woordje boel. Er zijn daar altijd een boel mensen. En een boel meeuwen. En een boel ijsjes.

Na wat onderzoek blijkt het woord boulevard een leenwoord te zijn uit het Frans, wat voor de fransen in eerste instantie een leenwoord uit het Nederlands is. Volg je het nog? Oorspronkelijk was het een ‘wandelpad op het bolwerk’, dit verbasterden de fransen tot boulevard en nu lenen wij dat woord weer van hen. Dus die boule heeft niets met boel te maken. Wie zei dat taal saai is!

Maar toch, als je denkt aan de woonboulevard. Een boel winkels op een rij…met vaak een boel mensen die tegelijkertijd met een boel auto’s komen.

Een boel auto’s zie je ook op de Boulevard Pèripheric in Parijs , met een boel claxons, een boel zenuwen en een boel gescheld.

In Enschede bestaat een sportboulevard, daar kun je o.a. voetballen maar ook tafeltennissen en ook wielrennen. Een boel sporten dus. Er bevindt zich daar ook een fysiotherapeut…voor een boel sportblessures.

Hoe vaak zie je niet dat tegenover het restaurant met de gele M een restaurant met een oude man met kippenvleugels staat en ernaast een restaurant dat zich de Koning voelt? Een snackboulevard!

Ik zag laatst in één straat, pal naast elkaar, achtereenvolgens een uitvaartcentrum, een natuursteenwinkel en een drukkerij. Heet dit dan een doodboulevard? Of moet er dan nog een cateringbedrijf bij voor de cake en de tapas? Of een houtzagerij? Een pottenbakker wellicht? Eventbureau? Er wordt hier een boel geregeld door een boel mensen voor iemand die er zelf helemaal niets van meemaakt.

Maar het blijft een mooi woord: boulevard.

Zo wild

(Dit verhaaltje heb ik ingestuurd voor de schrijfwedstrijd van Damespraatjes, met als thema ‘Wild’ . Het is wel een damespraatje geworden maar ik betwijfel of ze deze wildheid bedoelen… ;-))

george

Ik fiets door Amsterdam op weg naar een afspraak waar ik helemaal geen zin in heb. Veel liever ga ik ergens anders heen en vooral met iemand anders. Vanmorgen zag ik in de krant een aankondiging van het bezoek van George Clooney aan onze hoofdstad voor een of ander goed doel. Kijk daar zou ik nou wel een afspraakje mee willen hebben. Iedereen fantaseert toch welk eens over een date met een filmster? Of ben ik de enige? Stel je toch eens voor…

Hij geeft me natuurlijk een van zijn vele creditkaarten. Voor de kapper en schoonheidsspecialist. Voor een beeld van een jurk met bijpassende en hoogst gevaarlijke schoenen. Hij komt me halen in een limo. Hij ziet er tiptop uit en trakteert me onderweg op een glaasje bubbels. Hij complimenteert me met van alles en overhandigt me een langwerpig doosje. Op het donkerblauwe fluweel  flonkert een zilveren armband met heel veel glitterstenen me tegemoet. Het sieraad past me precies. Even later stoppen we voor het theater. Zodra we uitstappen worden we verblind door flitsers van fotografen. Sjors glimlacht en knikt vriendelijk en hij leidt mij trots door de haag van nieuwsgierigen. We hebben de beste plaatsen. In de intieme loge legt hij achteloos een arm om mij heen. Met zijn andere hand reikt hij mij nog een glaasje. Ik vind zijn ogen veel interessanter dan de voorstelling. Na afloop prikken we nog een vorkje in een privéruimte van het meest chique hotel  van Amsterdam. Hij eet pizza, zijn lievelingsgerecht. Ik vergeet te eten. We hebben zoveel te bespreken, te vragen, te vertellen en te ontdekken van elkaar. Dan kust hij mijn vingertoppen en vraagt of ik nog goeie ideeën heb voor de rest van de avond…

Gloeiende, gloeiende!!! Opeens val ik bijna van mijn fiets! Nog net kan ik voorkomen dat ik tegen een grote glanzende zwarte auto klap. Voornemens een batterij scheldwoorden los te laten op deze belabberde chauffeur, zie ik een achterraampje van getint glas langzaam openzoeven. Ik kijk recht in de bruine ogen van…George Clooney! Met zijn warme stem vraagt hij ‘Are you allright?’. En wat doe ik? Nu ik mijn idool zomaar in het wild tegenkom? Nu ik in een dusdanige positie verkeer dat ik hem kan chanteren? Dat ik een date kan afpersen? Dat ik die malle Amal met d’r jaloersmakende schoonheid en irritante intelligentie kan doen verbleken? Welke kans grijp ik met beide handen? Ik bloos. Ik knik. Ik ben mijn stem kwijt. Ik ben mijn hersens kwijt! Nog één verblindende glimlach en George glijdt mijn leven uit.

Ik was ook nog eens te laat voor die vervelende afspraak.

Oeps!

oeps 1

Ja, ik had vandaag een oepsmomentje. Geen oepsmomentje zoals in de reclame, waar een Française (waarom een Française???) opschept: ‘iek trek et moi niet aan!’.  Een gewoon oepsmomentje zal ik maar zeggen…

Ik zie in de verte een mevrouw lopen. Een meter of drie van haar vandaan ligt een klein wit hondje. Ze loopt er naar toe en geeft er opeens een ferme schop tegen, echt zo eentje met een uithaal. Het rolt als een bolletje verder. Ontsteld houd ik mijn adem in. Wat moet ik doen? Politie? Brandweer? Dierenambulance? Zelf op de vuist? In totale ontreddering ben ik. Totdat er een jongetje aan komt rennen. Hij pakt het bolletje op en tilt het boven zijn hoofd. Triomfantelijk roept hij: ‘Nou heb ik de bal, Oma!’. Oeps…

Stoelenpensioen

6 stoelen

Laat ik voorop stellen dat het niet altijd meevalt om mij te zijn. In het begin is het fantastisch hoor. Het vrouwtje en het baasje hebben mij uiteindelijk met zorg uitgezocht. Ze hadden de keus uit duizenden maar ze wilden mij. Perse. Ze vonden me mooi, stevig en gezellig tegelijk. Met vijf broertjes en zusjes werd ik aan een tafel geschoven. Mijn sierlijke poten werden gewaardeerd, mijn rug was lang genoeg , mijn bekleding paste zo keurig bij de rest en bovendien ik zat gewoon lekker.

Door de jaren heen ben ik met mijn eigenaars meegegroeid. Ik diende als houvast voor de eerste wankele stapjes. Mijn zitting kreeg heel wat te verduren door de knokige knietjes met de schoentje roffelend tegen mijn rug. Mijn poten werden kalig door het geklos van de grote sneakers. Een enkele keer werd ik zelfs in grote verontwaardiging als gevolg van een of andere heftige discussie hardhandig achterover tegen de grond gegooid.

Ook heb ik ontelbaar verschillende zitters op mijn schoot gehad. Zitters die ik met gemak aankon maar ook zitters die mijn onderdelen vervaarlijk lieten kraken. Hoe harder ik kraakte hoe harder het baasje riep dat ik weg moest. Maar even zo vaak stak het vrouwtje daar een stokje voor. Ze knapte mij met zachte beschermende hand op. Mijn poten wisselden regelmatig van kleur en mijn zitting werd steeds weer stevig opgevuld. Mijn bekleding varieerde van vrolijke stippen tot klassieke strepen. Maar mijn rug, ja dat werd echt een probleem…

Ik heb intussen wel de pensioengerechtigde leeftijd. Mijn broertjes en zusjes zijn er al niet meer. Ik ben bibberig, onzeker en voel me vaak krakkemikkig. Bang ook. Want wat gaat er met me gebeuren? Moet ik weg? En waarheen dan? Na mijn laatste kermende hernia-aanval  won het baasje de discussie. Het vrouwtje bracht me zelf naar een tochtige loods vol met andere bejaarde en ontheemde spullen. Ze fluisterde nog zacht ‘Bedankt!’. Was dit het dan? Moest ik hier eindigen, na jaren trouwe dienst?

Op een dag keerde het lot en nam een jong vrouwtje mij mee naar huis. Liefdevol werd ik gesopt en geaaid. Mijn zitting werd van een rozenstofje voorzien. Ik sta nu al een tijdje op de gang met een versleten beer op mijn schoot. Als er visite komt worden we beiden smachtend aangekeken. Het vrouwtje is trots. Dit houden wij wel vol. Samen gaan we nog heel lang genieten van onze oude dag.

Er klopt iets niet

Wat een beeld soms met je doet. Je ogen registreren en weten meteen. Je weet dat Maxima er altijd super uitziet. Door dat uiterlijk weet je dat zij niet dakloos is.  Je weet dat Albert Heijn blauw is, de Jumbo geel en een brandweerauto rood. Bij een foto van Limburg geen zeezicht. Zonsondergang hoort bij romantiek. Wat je ogen zien klopt met de werkelijkheid. Maar niet altijd…

1. appeltaart bij de kipboer 

Ik kwam dit tegen in het brave Barneveld. Een zaak met kipspecialiteiten (broodje kip, portie hete kip, kippensoep, kippenboutjes, kippenvleugels, kipsateetje)  maakt reclame voor koffie met appelgebak? Ik zie eerst de koffie (oké, eerst het gebak…) en kijk om me heen waar het restaurantje is. Gewoon de gebradenkiplucht volgen dus.

8. massai klederdracht

Op de markt zag ik dit. Let wel op de Oud Veluwse Markt in Barneveld. De markt met Nederlandse klederdracht en oeroude Nederlandse ambachten. En opeens zie ik een kledingstuk voor een Maasaikrijger. Klederdracht…dat wel. Oeroud waarschijnlijk ook wel. Maar splinternieuw voor Barneveld.

bakker de vries

Tja, wat hier niet klopt? Doorgaans wordt de foto gemaakt voorafgaand aan het eten. Hier heb ik het al op. En nu gelooft niemand dat daar een broodje gezond in gelegen heeft…

Soms geven de oren een verkeerd beeld. Bij diezelfde bakker zaten twee dames een discussie te voeren over wat nou toch wel de mooiste muziek van de hele wereld was. Een van hen zei ‘Doont kraai for mie Ansjelina vinnik het allermooist!’. Waarop de ander reageerde ‘Dat was toch voor Maxima?’ Begrijp je hoezeer ik in de war was…?

 

Kijken maar

mensen kijken

Als je de gemiddelde terrasbezoeker vraagt wat het leukst is aan op een terrasje zitten, scoort het antwoord ‘mensen kijken’ het hoogst. Dat is dan ook de voornaamste reden dat ik graag op een terrasje zit; dan hebben ze wat te kijken. En als ik er dan toch zit kijk ik zelf ook even. Ik kijk, zie, hoor en vraag me dingen af.

In deze tijd van het jaar zie ik opvallend veel vermoeide grootouders. Naast me een oma met een tienerkleindochter. Oma doet haar uiterste best er iets gezelligs van te maken maar de tiener denkt er duidelijk heel anders over. Haalt als antwoord op elke goedbedoelde vraag onverschillig haar schouders op. Als Oma door haar vragen heen is zitten ze stilzwijgend beiden een andere kant uit te kijken. Het zal de laatste logeerpartij zijn vrees ik.

Twee tafels verder maakt een kleine jongen zijn ouders dol door op steeds hardere toon te roepen dat hij poffertjes wil. Ze bezwijken om hem rustig te krijgen. Hij lacht triomfantelijk. Als na een kwartier de warme hapjes eindelijk komen valt hij er begerig op aan. De ouders kijken elkaar glimlachend aan over zijn bezwete hoofdje. Totdat de lieverd het eerste poffertje uitspuugt en het bordje ver van zich afschuift. ‘Dees bedoel ik nie kwil die grote!’. Even later sleurt zijn vader hem het terras af.

Drie tafels links doet mij denken aan een recent onderzoek dat uitwees dat Nederlanders steeds langer worden door de goede voeding die onze koters krijgen. Die boodschap heeft de vorige generatie kennelijk gemist. De man is minstens twaalf maanden zwanger van een drieling. Zijn vrouw, dezelfde generatie, bestelt nog ‘één cappuccino met slagroom en een klein stukkie kwarkgebak met slagroom’. Op zijn vragende blik antwoordt ze ‘Ik ben van de week een ons afgevallen hoor en ik moet wel op krachten blijven natuurlijk’.

Dan verschijnt er een grote troep kinderen. Een beetje smoezelig, een beetje onuitgeslapen maar toch vechtend om het hoogste woord. Twee doorgeschoten pubers hebben klaarblijkelijk de leiding en commanderen de eerste vier tafels bij elkaar te trekken. Met veel getrek en geduw wordt de opdracht uitgevoerd. Een meisje blijft verlegen aan de kant staan, duidelijk een buitenbeentje. Niemand kijkt naar haar om. Hopelijk houdt ze geen trauma over aan deze kinderzomerkampvakantie.

Zoveel mensen zoveel levens, op die paar vierkante meter terras. En maar kijken. Het wordt trouwens komend weekend prachtig terrasweer…

 

Mededeling

Hoewel het meeste communicatieverkeer via mail, Facebook, whats app, en dergelijke verloopt is het soms onontkoombaar mededelingen kenbaar te maken via het aloude ambacht ‘Schrijven met de hand’. Met een stift op een bord of karton of op een klein papiertje. Dit valt niet voor iedereen mee want soms is de boodschap niet meteen helemaal duidelijk…

IMG_20160611_141349190Deze is wel duidelijk, het is een uiterst vriendelijk verzoek de loodzware stukken boomstam te laten liggen…

kopenDeze is in eerste instantie verwarrend. Ga ik om keelpastilles? Zo’n bord brengt je uiteindelijk wel op geweldige ideeën… Bij allerhande winkels in te zetten ook!

licht uit

Deze is echt onduidelijk met twee keer hetzelfde verzoek het licht uit te doen. De letters worden steeds groter, de boodschap wordt dringender. Als er een stem bij was klonk die steeds harder. Maar … als de deur openstaat hoeft het licht toch niet aan?

bloggenDeze vind ik nu vreselijk verwarrend…voor €5,- mag ik een bijl en een schop stelen??!!!

oplaadpuntKijk! Deze snappen we allemaal in 1 keer maar ja…dit lijkt dan toch wel weer verdacht veel op een computer….