Vrienden?

(Dit verhaal heb ik ingestuurd naar de schrijfwedstrijd ‘Ik dacht dat we vrienden waren’, georganiseerd door ‘Monument of Life’. Dit is een online platform waar je verhalen kunt insturen die verwoorden hoe mooi, bijzonder, waardevol en intens het leven is. De titel geeft naar mijn mening al meteen veel weg, dus heb ik het aangepast. Geen prijs maar wel een overdenking hoe dicht liefde en haat bij elkaar liggen.)

 

haat

Zevenentwintig minuten. Zolang duurde het. De tijd die hij nodig had om zijn trillende handen tot bedaren te brengen, zijn knikkende knieën stil te krijgen, de rillingen uit zijn lijf te krijgen.

Gehuld in zijn grijze vest waar nog steeds een knoop aan ontbreekt zit hij achter zijn laptop. Langzaam, alsof hij eigenlijk niet echt wil, zoekt hij de politiepagina. Niets bijzonders. Verdorie hij heeft het nog koud. Hij schenkt zichzelf een whisky in. Het is nog vroeg maar hij heeft het nú nodig. Twee glazen later krijgt hij een tweet ‘De Doetichemse politie heeft in de vooravond langs de Kanaaldijk het stoffelijk overschot gevonden van een man. Het zou gaan om de directeur van een plaatselijk aannemersbedrijf. De man is waarschijnlijk door geweld om het leven gekomen. De politie roept getuigen op zich te melden bij….’ Een kleine voorzichtige glimlach kruipt over zijn gezicht.

‘Waar bleef je nou?!’ de zoveelste beschuldiging vliegt hem om de oren. Haar gezicht ziet er vlekkerig uit, ze heeft rode ogen en een schrale neus. Toch heeft ze zich de moeite getroost een splinternieuw zwart designer jurkje aan te trekken. De perfect treurende dochter. ‘Je moet me wel steunen nu Pappie er niet meer is. Ik kan toch niet alles alleen beslissen! Er moet nog zoveel geregeld worden. Waar was je nou eigenlijk? Toch niet weer zo idioot hardlopen als gisteravond hè. Zo idioot dat je uren nodig hebt om bij te komen… Kom ik wil dat je nu eerst naar de lijst van genodigden kijkt!’. Hij zucht geluidloos ‘Natuurlijk schat’.

Vijf dagen na de begrafenis verschijnt er een brief van een vooraanstaand notariskantoor. Als zijn vrouw dit ziet begint ze opnieuw met lange uithalen te huilen ‘Ik wil geen erfenis, ik wil Pappie!’. Hij neemt haar in zijn armen en troost ‘Natuurlijk schat’. En dan alsof hij het plotseling bedenkt ‘Als het voor jou te zwaar is liefje, dan ga ik wel alleen naar de notaris. Het is nu eenmaal een formaliteit die moet gebeuren. Ik denk dat het niet uitmaakt wie er van ons tweetjes gaat’ dan pakt hij haar kin en tilt haar hoofd wat op daarbij dwingend in haar ogen kijkend ‘en ik doe het graag voor je!’. ‘Wat ben je toch een lieverd en wat zorg je toch goed voor me. Bijna net zo goed als Pappie! ‘snift ze ‘Maar ik ga mee, dat ben ik aan Pappie verplicht!’.

‘Goedemorgen aanwezigen. We zijn hier bij elkaar om het testament van wijlen ….’ De naam van de overledene kan niemand verstaan door het hartverscheurende snikken van zijn dochter. ’Sorry’, zegt ze, ’gaat u verder met lezen’. ‘Tja’ zegt de notaris ‘uw vader heeft de nadrukkelijke wens geuit na zijn dood dit aan u te laten zien’. Hij houdt een dvd zichtbaar omhoog en stopt hem dan in de gereedstaande dvd-speler. Opeens vult de kamer zich met de aanwezigheid van de verdronken aannemer. ‘Pappie!’ roept ze terwijl ze slap in haar stoel hangt. ‘Dag lieve dochter, mijn notaris en ik hoop mijn schoonzoon. Dat jullie dit zien betekent dat ik er niet meer ben. Dood. Vermoord. En ik wil graag uitleggen hoe dit komt. Mijn allerliefste kleine prinsesje, mijn enige dochter, de zon in mijn leven; alles maar dan ook alles had ik voor je over. Ik heb mijn uiterste best gedaan je tegen alle kwaad van de wereld te beschermen. Dit is mij aardig gelukt moet ik zeggen.’ Hier heeft de spreker het even te kwaad en snuit luidruchtig zijn neus.

‘Toen je ging trouwen ging ik er van uit dat jouw man dit naadloos van mij zou overnemen. Al vrij snel heb ik hem als een eigen zoon in ons gezin opgenomen. Met liefde en vertrouwen heb ik hem een plaats gegeven in mijn bedrijf. Ik voelde zelfs een warme vriendschap voor hem.’ Hier valt een onheilspellende stilte. ‘Tot een jaar geleden. Ik betrapte hem op oneerbare zaken, hij weet precies waar ik op doel maar uit liefde voor jou heb ik hem geholpen. Overigens niet voor de laatste keer bleek later. Ik  kon jou, mijn oogappel,  geen pijn doen met  te vertellen wat een vreselijke kerel die man van je was en nog steeds is. Ik kan je niet eens vertellen hoe vaak ik hem het afgelopen jaar niet de hand boven het hoofd heb gehouden door zijn smerige zaakjes te camoufleren of voor hem op te lossen’.

Ze kijkt hem aan ‘Waar heeft Pappie het over?’. ‘Ik weet het echt niet schat, hij was vast moe en in de war!’. ‘Zal ik de band stopzetten?’ vraagt de notaris. ‘Nee!’ klinkt het uit twee monden. ‘Dus om kort te gaan, bij deze onterf ik mijn schoonzoon en afgezien van een paar legaten gaat de rest van mijn vermogen naar mijn dochter. Mijn schoonzoon heeft mij vermoord terwijl ik dacht dat we vrienden waren.’

‘Hé Marcel, je moet wat voor me doen! Weet jij waar ik donderdagavond de 16de was!’ smeekt hij zijn vriend. ‘Donderdag de 16de zeg je? Even in mijn agenda kijken. Ik zie het al, toen zijn we ’s avonds gaan sporten. Ja, ik weet het nog goed want jij moest je weer eens zo nodig ongenadig uitsloven dat we bang waren dat je een hartaanval kreeg. Ik heb je nog met de auto thuisgebracht. Jongen wat was je er beroerd aan toe, haha!’.

 

6 gedachten over “Vrienden?

Laat een reactie achter op jeanette Reactie annuleren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s