Maandelijks archief: januari 2013

Strooigoed in januari

Nee, dit is geen schrijffout, het gaat over strooigoed en niet over strooizout. Strooigoed kennen we eigenlijk alleen van ons Sinterklaasfeest in december. Plus van alle maanden daarvoor als het al in de winkels verkrijgbaar is maar nooit van daarna. Hoogstens nog een kleine week in de aanbieding maar dan zijn de schappen hard nodig voor de kerstartikelen. Strooigoed in januari is alleen te vinden bij de voedselbank.

Hoe dit precies werkt legt Ruud Mons graag uit. Vanaf het allereerste begin in 2004 is hij coördinator van uitdeelpunt Noordhove. ‘Distributiepunt Haaglanden levert wekelijks de pakketten die gevuld worden door bedrijven uit heel Nederland. Dit klinkt simpel maar er gaat een hele organisatie achter schuil. Er vindt ook uitwisseling plaats met andere regio’s, soms rijden koelwagens af en aan en zo is het elke week een verrassing wat er in het pakket zit.’

Deze zeer actieve coördinator heeft zelf ook lijntjes uitgezet om het pakket, dat door de crisis ook minder is geworden, aan te vullen. Zo is daar een kerkenactie waar iedereen op een afgesproken datum een of meerder blikken groenten mee neemt. Wat te denken van de actie in winkelcentra waar bezoekers gevraagd wordt iets extra’s te kopen en dit direct te deponeren in de daarvoor bestemde dozen. Of de jaarlijks terugkerende actie waar overgebleven kerstpakketten van grote bedrijven worden afgestaan aan de voedselbank. Dit zijn slechts enkele voorbeelden.

Een andere vorm van bijdragen is het ter beschikking stellen van een opslagplaats voor de door acties geleverde goederen. ‘Mijn vrouw is hier ook erg blij mee, er is weer een logeerkamer beschikbaar’ lacht Mons. Heel iets anders zijn de aangeboden kortingsbonnen voor restaurants of vakanties, ze kunnen mensen die het moeilijk hebben zoveel vreugde geven. En dan zijn er nog de financiële giften, hiervan kunnen door Mons aanbiedingen gekocht worden, van vlees tot tandenborstels. Afgelopen donderdag nog kwam er een afvaardiging van de vereniging ‘Vrouwen van nu’ in de persoon van Heleen de Lange een cheque ter waarde van 150 euro overhandigen. Dit bedrag is door de vereniging bij elkaar gebracht door een collecte te houden tijdens het Kerstdiner. Eten en anderen laten eten dus.

Omdat de voedselbank dus altijd afhankelijk is van wat de bedrijven over hebben is het te begrijpen dat de goederen altijd achter de feestdagen aanlopen. Kerstkransjes en cranberrysaus in februari, paaseitjes in mei, oranjesaus na de EK en chocoladeletters en strooigoed in januari. En wat blijkt? Net zo lekker!

Zopie

De inwoners van Zoetermeer hebben in het derde weekend van 2013 de keuze uit twee bezigheden. Enerzijds kan men binnen blijven, thuis, warm bij de kachel. De tijd doorbrengen met gemoedelijk gekeuvel, een gezelschapsspelletje, een passend muziekje en drankje erbij, dit alles het liefst met een knapperend haardvuur op de achtergrond.

Anderzijds hebben de ijsbanen, al of niet kunstmatig aangelegd door de gemeente, op velen een hele grote aantrekkingskracht. Buiten in de frisse winterkou, een gesprekje aanknopen met onbekenden, die hetzelfde schaatsspelletje liefhebben, een passend muziekje en drankje erbij, dit alles het liefst bij een knetterende vuurkorf.

Het drankje lijkt de overeenkomst te zijn tussen deze twee bezigheden, daarom iets meer hierover. Bij ijsbanen is vaak een koek-en-zopie tent te vinden. Deze gewoonte is terug te voeren tot de 17de eeuw. Toen was ‘zopie’ een drankje dat bestond uit bier vermengd met rum. Dit moest de verkleumde schaatsers voldoende opwarmen. Het feit dat de tent altijd op het ijs stond had ook een reden. De wetgeving bepaalde destijds alleen alcoholverkoop aan land. Aangezien een bevroren vijver of sloot geen land is zagen de slimme verkopers een maas in de wet. Zij namen de kans waar en verkochten drank op het bevroren natuurijs!

Later, in de 19de eeuw werden eieren, kaneel en kruidnagelen toegevoegd aan de zopie en in de 20ste eeuw verkocht men vooral warme punch. Tegenwoordig hoeft de tent niet meer op het ijs te staan en is het assortiment aardig uitgebreid. Men kan (bijna niet) kiezen tussen warme chocolademelk, snert, glüwein en gevulde koeken.

Voor wie thuis het wintergevoel van vroeger wil proeven volgt hier het originele recept van zopie.

Benodigdheden :

–          1 liter bier

–          1 pijpje kaneel

–          2 kruidnagels

–          2 plakjes citroen

–          125 gram bruine basterdsuiker

–          2 eieren

–          1 dl. Rum

Bereiding :

Breng het bier met kaneel, kruidnagels en citroen aan de kook en laat het 20 minuten op een zeer zacht pitje doortrekken. Roer de suiker en de eieren los en bind hiermee het bier. Voeg op het laatst de rum toe. Heet drinken! Proost!

Drie maanden later

Begin oktober 2012 is winkelcentrum Oosterheem geopend. Naast het grootse officiële openingsfeest had elke winkel ook nog een eigen feestje. Ballonnen en stuntaanbiedingen waren de grootste lokkers om klanten op deze nieuwe locatie te wijzen. En met succes want de eerste weken wordt het winkelcentrum druk bezocht. Tijd voor een herhalingsbezoek.

De enige manier om het winkelcentrum met de auto te kunnen bereiken is nog steeds over die lelijke en ongelijk liggende betonnen rijplaten. De toegangsweg is smal, in een vreemde bocht gewurmd langs allerlei bouwketen en naast die platen ligt altijd modder. Er wordt dus nogal wat van ieders stuurmanskunst gevergd. Wel praktisch is dat de fonkelnieuwe ondergrondse parkeergarage goed bereikbaar is, waar twee uur parkeren gratis is en waar voor alle bezoekers voldoende plaats is. Ook op zaterdagmiddag.

Het eerste verschil met oktober is in ieder geval de temperatuur; een snijdende wind giert tussen de torenhoge gebouwen. Er hangt sneeuw in de lucht. En ‘kou’ lijkt meteen het thema van dit tweede weekend in januari te zijn. Een wandelingetje langs de etalages laat zien dat alle panden nu bezet en gevuld zijn, dit in tegenstelling tot oktober. De door het hele centrum identieke kerstverlichting mag nu wel opgeruimd worden en de snoepwinkel mag de kerstkransjes nu wel uit de aanbieding halen, maar het heeft nu wel een compleet beeld van een heus winkelcentrum. Bij de huishoudwinkelketens worden flessen antivries en sneeuwschuivers vooraan gezet. De kledingwinkels zijn ook gericht op de winter, alsof men wist dat het drie dagen later zou gaan sneeuwen. Veel dikke met bont gevoerde laarzen, gebreide mutsen met of zonder flappen, sjaals zonder begin of eind en handschoenen waar je ook nog je ipod mee kunt bedienen, liggen in de ‘actuele aanbiedingen’ bak. De slijterij leurt met ‘hartverwarmertjes’ die alleen ijs- en ijskoud moeten zijn. De drogisten helpen mee in de strijd tegen de griep met drankjes, dropjes en poedertjes. Bij de schoenmaker kun je je schaatsen vlijmscherp laten slijpen voor vijf euro en voor nog eens vijf euro krijg je een paar antiglijijzers, hetgeen toch wat tegengesteld over komt. Het reisbureau biedt ontsnappingsmogelijkheden aan de kou evenals de horecagelegenheden; de een adverteert met cocktails  en de ander met snert.

Maar over het geheel genomen is het op straat wel een stuk levendiger dan drie maanden terug. Je merkt dat mensen elkaar kennen, elkaar hebben leren kennen en maken een praatje. Zo is het winkelcentrum ook een soort ontmoetingsplaats geworden voor de Oosterhemers. En dit is goed. Over zes maanden nog maar eens kijken; dan lekker vanaf een terras. Brrr.

Triest of niet

De bel gaat. ‘Mevrouw, heeft u nog een kerstboom?’. Ik moet de 1 meter 25 teleurstellen. We hebben een nepperd die we twee dagen terug ingeklapt op het vertrouwde plekje op zolder legden naast het groeiend aantal dozen vol met goedbedoelde versieringen. Ik geef hem de tip op de geheime kerstbomendumpplaats te kijken. Even later zie ik hem stralend langskomen, twee naaldloze skeletten met zich mee slepend. Hij wil naar me zwaaien maar ook onder geen beding de buit loslaten dus het wordt een hoofdzwaai en een vette glimlach. Er staat nogal wat op het spel. Bij de Lijnbaan is een inleverpunt waar elke boom een ipod waard is….als je tenminste de loterij wint. Goed initiatief van de gemeente die voor een koopje heel wat rommel verzamelt op deze manier.

Intussen snakt de lege woonkamer naar opvulling. Naar het tuincentrum aan de Voorweg dan maar. Zijn daar niet de kamerplanten in de aanbieding? We zijn niet de enigen en net als de laatste acht weken worden we eerst de hele nog steeds aanwezige Kerstroute door gestuurd. Is er iets te bedenken wat nog triester is dan een kerstmarkt op vijf januari? Een restant vreemd gekleurde ballen, een engel met gebroken vleugels, servetjes die nergens bij passen en een best wel aardig servies, maar dat zelfs met de 40% korting nog niet te betalen is. Een trieste aanblik. En  alles, maar dan ook alles, zit onder die hardnekkige glitter. Je zou er triest van worden.

En toch. Als we even later in het restaurantgedeelte aan de koffie zitten, is er toch wel enige vorm van positivisme te bespeuren. Een oudere dame rommelt met een tevreden gezicht in haar mandje; toch weer een leuk vaasje gevonden en een prachtige zijdebloem. Ze heeft al bedacht waar ze het straks thuis een plekje zal geven. Een jong stel met twee kinderen heeft een reusachtig schilderij gevonden en zijn daar overduidelijk mee in hun nopjes. Twee echtelieden van middelbare leeftijd hebben een kar vol met vrolijk gekleurde bakjes. Midden in de bakjes zijn kleine groene sprietjes te zien die uiteindelijk een bloemenzee beloven. We gaan na de feestdagen dus gewoon door. We hebben er zelfs weer zin in; weg triestheid, we passen ons aan!

Thuisgekomen schud ik buiten de voordeur de laatste glitter van mijn jas en zie opeens ‘mijn’ bomensjouwer lopen. Hij heeft weer een boom gescoord. Ook hij straalt iets positiefs uit ; oude bomen, nieuwe kansen!