Pietertjepiep (2)

Pietertjepiep blaast zijn adem langzaam uit. Niemand heeft hem gezien. Poeh, dat ging maar net goed. Hij voelt hoe de zak wordt opgetild en meegenomen. Hij hobbelt vreselijk door elkaar en wordt een beetje misselijk. Even vraagt hij zich af of dit wel zo’n goed idee was. Dan wordt de zak met een klap neergezet. “Het cadeau voor Anne moeten we hebben!”, hoort hij Hoofdpiet roepen. Er wordt aan de zak gerommeld en opeens verschijnt er een hand in de zak. De hand woelt door de pakjes. Pietertjepiep duikt en springt om de hand te ontwijken. “Hebbes!” hoort hij. En de zak gaat weer dicht. Wat wilde hij nou eigenlijk bereiken? Nu zit hij alleen maar te schudden en te hobbelen in de zak. Opnieuw gaat de zak open en deze keer is Pietertjepiep te laat. De hand pakt hem.

“Pietertjepiep! Wat doe jij nou hier?!” roept Hoofdpiet verbaasd. ‘Ik…eh…ik…wil alleen maar helpen!”, stottert Pietertjepiep. “Je bent veel te klein en veel te eigenwijs. Ga daar maar op de nok zitten, dan kunnen wij ons werk doen.” Pietertjepiep zit beteuterd op het dak. Opeens waait er een stevige windvlaag en Pietertjepiep rollebolt van het dak naar beneden! Op het nippertje komt hij in de dakgoot terecht, maar ook daar heeft hij geen houvast. Hij buitelt om en om door de bladeren, het mos en een restje vogelnest. Hij kan niet meer stoppen en maakt de ene koprol na de andere! Totdat hij in de regenpijp valt! Woesj! Wat is het hier donker! En nat! Dan valt Pietertjepiep plat op zijn pietenbillen in het gras. Hij schudt verdwaasd met zijn hoofd. Zijn glimmende lakschoentjes zijn helemaal dof, zijn muts zit scheef voor één oog en er kleeft een stukje mos op zijn neus. Gelukkig zag Uitkijkpiet  precies wat er gebeurde, hij snelt naar beneden en neemt de geschrokken Pietertjepiet weer mee het dak op. Hij overhandigt hem aan Hoofdpiet, die zucht nog maar eens en stopt het kleine pietje dan zichtbaar geïrriteerd in zijn jaszak.

Pietertjerpiep kijkt voorzichtig over de rand van de jaszak en geniet volop van wat hij ziet. Alle pieten zijn keidruk aan het werk. Sjouwpieten sjouwen met de zakken, Zoekpieten zoeken de cadeautjes, Werppieten werpen de cadeautjes door de schoorsteen en Hoofdpiet streept alles af. Dit is toch waar een Piet voor leeft! “Ho wacht eens even, nu hebben we een probleem!”, zegt Hoofdpiet opeens. Er staan wel 18 pieten op een kluitje rond een schoorsteen. Ze krabbelen zich achter de oren en halen een voor een de schouders op. Niemand weet een oplossing. De schoorsteen van Wouter is namelijk smal, heel erg smal. Hoe moet dit nou? “Laat mij gaan! Ik pas er wel doorheen!”, roept Pietertjepiep. Hoofdpiet snauwt dat hij zijn mond moet houden en denkt diep na. Hij kijkt nogmaals in de smalle schoorsteen en zucht dan: “Oké Pietertjepiep, jij je zin, jij mag deze doen. Maar verknal het niet hè! Cadeautje neerleggen, verlanglijstje en wortel meenemen. Meer niet. Begrepen?!” Pietertjepiep glimt van trots, dat snap je.

Gewillig laat hij een touw om zijn middel binden en neemt het cadeau, dat gelukkig ook door de schoorsteen past, in beide handen. Langzaam, stukje voor stukje laat Hoofdpiet hem zakken. De schoorsteen is lekker zwart en Pietertjepiep moet een keer niezen van het stof, maar hij voelt zich een hele piet. Dit is het echte werk! Na een poosje voelt hij vaste grond onder zijn voetjes en staat hij zomaar in de woonkamer van Wouter. Hij zet het cadeau zorgvuldig naast de schoen. Dat is alvast gelukt. Dan moet hij zich uitrekken om de wortel te pakken. Hij rekt en rekt en doet net alsof hij aan zijn balkon hangt. Ja hoor, daar heeft hij de wortel te pakken. Met de wortel onder zijn arm draait hij zich om en wil het verlanglijstje pakken. Maar de wortel is veel langer dan hij dacht en dan… o nee! Daar stoot hij de hele waterbak om! Zo over het verlanglijstje! Wat nu? Hij probeert het papier droog te wapperen, intussen heel hard blazend. Het helpt niet veel. Maar achterlaten kan ook niet. Ten einde raad doet hij het natte verlanglijstje onder zijn andere arm en trekt aan het touw. Hoofdpiet haalt hem weer snel naar boven…

Merkwaardig

Waar je ook woont, elke plaats, stad of dorp, zal zo zijn eigenaardigheden hebben. Dingen waarvan je denkt: wie heeft dit verzonnen? Of: wat dacht je toen je dit maakte? Ik schrijf vaak lyrisch en lovend over Apeldoorn, alsof er helemaal niets mis mee is, alsof ik niet begrijp dat jullie hier ook niet dolgraag willen wonen. Maar laat ik eerlijk zijn. Drie voorbeelden…

  1. Ons geweldige marktplein wordt voor miljoenen verbouwd terwijl instellingen als de voedselbank en de speelgoedbank het razend druk hebben?! 
  2. Als er publieke prullenbakken geleegd moeten worden komen er drie(!) man, 1 leegt en vervangt, 2  kijkt toe, 3 houdt de motor van de auto draaiend?!
  3. Afgelopen weekend zijn er 50 deelscooters in de stad geplaatst, nu liggen die verspreid in de bosjes, maar wel trots zijn dat de we de derde stad in Nederland zijn die dit hebben?!

Je voelt de wrijving, het onbegrip, je denkt had ik maar iemand die deze mysteries voor me zou kunnen ontrafelen…die zijn er in Apeldoorn: de ontrafelexperts! 🙂

Misschien kunnen die experts meteen ook uitleggen hoe dit volgende probleem in elkaar steekt. In het winkelcentrum de Oranjerie staan voldoende afvalbakken. Het mooie is dat je daarin direct je afval kunt scheiden! Linksboven werp je je plastic zakje van je broodje, rechtsboven je bonnetje van het broodje en midden onder de resten van het broodje, als je het toch niet zo lekker blijk te vinden.

Uitermate vriendelijk toch? En slim ook! En gelukkig lekker ecologisch en behoorlijk verantwoord. En… superdom als je het deksel optilt!

Zo heeft ieder huis recht op huisregels, geen problemen mee. Als jij niet wilt dat er in jouw huis gerookt wordt, is dat je volste recht. Of dat er in jouw winkel niet gegeten gedronken mag worden, snap ik ook prima. Maar zo kinderachtig dat je niet eens een mes of een pistool mee mag nemen zeg… Ik zal het nog es navragen bij de bewaking of dit echt klopt…

En dan…vind ik toch weer zo iets moois en positiefs in Apeldoorn! Nu wij al maanden de knuffels  en de kussen moeten missen zijn ze hier bezig een voorraad kussen te maken. In de Kussenmakerij! Is dat lief of niet! Er staat wel ‘entree’ op de deur maar echt open is hij nog niet. Dat komt later, als Mark en Hugo het goed vinden. Dan gaan we knuffelen en kussen en omhelzen en kussen en liefkozen en kussen. En ben je door je kussen heen, weet je waar je ze kunt halen! In het toch wel merkwaardig leuke Apeldoorn…;-)

Pietertjepiep (1)

Er was eens… Ho, dit wordt geen sprookje maar een waarverzonnen verhaal! Over Pietertjepiep. Ken je hem niet? Dat kan kloppen want er is niet veel over hem bekend. Dat gaan we bij deze veranderen. Pietertjepiep is namelijk het allerallerallerkleinste pietje dat je bedenken kunt. Je moet je voorstellen dat hij niet groter is dan een Playmobil poppetje, maar dan levend en lenig. Het is echt een schatje, met grote bruine ogen en als hij lacht verschijnt er een kuiltje in zijn rechterwang. Hij heeft veel in zijn leven goed op orde maar zijn geringe lengte zit hem nogal eens dwars. Lees maar eens mee.

Terwijl Sinterklaas nog wat in zijn kantoor werkt verzamelen de pieten zich bij de poort. Ze zien de maan al door de bomen schijnen en weten dat het de hoogste tijd is om de schoencadeautjes te gaan rondbrengen. Pietertjepiep zucht nog eens diep. Hij draagt zijn mooiste pietenpakje, een geel broekje en een paarse bloes. Naaipiet heeft dit speciaal voor hem gemaakt heeft. De gele muts past er precies bij. Eerst zat daar een grote paarse veer op maar dat bleek geen succes toen hij daar steeds over struikelde. Knippiet heeft de veer toen kleiner gemaakt. Met zijn glimmende zwarte lakschoentjes staat hij nu in de vensterbank en kijkt verlangend naar de andere pieten. Hij wil zo graag mee. Zo heel graag. Vanmiddag vroeg hij het nog aan Hoofdpiet: “Ah Hoofd, mag ik alsjeblieft mee vanavond?” Maar die moest alleen maar lachen: “Als je groter bent, Pietertjepiep!”

Met een plofje laat hij zich van de vensterbank glijden en beent teleurgesteld naar zijn huis. Dit klinkt misschien raar maar Pietertjepiep woont ìn een poppenhuis ìn het Sinterklaashuis. Zo piepklein is hij namelijk. Inkooppiet maakte vorig jaar een vergissing en bestelde per ongeluk 2389 poppenhuizen in plaats van 2388. Toen mocht Pietertjepiep het overgebleven huis hebben. Inbuspiet heeft het voor hem in elkaar gezet op de kamer van Snurkpiet, de enige die nog ruimte over had. Hoewel hij niet ondankbaar wilde overkomen schrok Piertertjepiep behoorlijk van het knalroze huis. Gelukkig heeft Stylepiet, die het roze zelf wel heel beelderig vond, hem goed geholpen met het interieur. Nu heeft hij zijn eigen woonkamer met een pietepeuterig bankje, en een eetkamer met een heuse kroonluchter. Ook een slaapkamer met priegelige kussentjes, een badkamer met minibadeendjes en zelfs een bibliotheek met boekjes.  Helemaal bovenin bevindt zich een lege zolder.

 In zijn huis doet Pietertjepiep vreselijk zijn best te groeien. Hij begint elke dag met een bordje gemalen pepernoten en een taaitaaismoothie. De lunch bestaat uit kruidnotenbrood met verse borstplaatspread. ’s Avonds geniet hij afwisselend van een heerlijk stuk gestoofd marsepein of van gebakken muizen en kikkers, voorafgegaan door een kruidig speculaassoepje. Als tussendoortje neemt hij regelmatig een chocolade miniletter. Om wat langer te worden hangt hij dagelijks een half uurtje te rekken aan het balkon. Op zolder doet hij driemaal daags zijn oefeningen: 10 x strooibewegingen, 26 x cadeauliften, 37 x letterwerpen en 98 x touwklimmen. Vooral in dat laatste is Pietertjepiep echt een kei geworden. Maar ja, nog steeds mag hij niet mee met de pieten.

Op een avond na het eten zit Pietertjepiep in zijn bibliotheek te lezen. Nou lezen…dat lukt niet erg. Hij zit te denken en te denken en te denken. Totdat hij opeens een geweldig idee heeft. Zo vlug zijn kleine beentjes hem kunnen dragen rent hij de kamer uit. Met zijn elektrische stepje racet hij door de gang. Gelukkig, daar ligt nog een zak die mee moet vanavond! De pieten zijn zo druk met regelen dat ze niet zien dat Piepertjepiep op de zak klautert en er even later zelfs helemaal in verdwijnt…

Speelgoedbank Apeldoorn ‘De Schatkist’ maakt er een feestje van

Voor Apeldoorn Direct mocht ik schrijven hoe die feestjes tot stand komen. Wat is het toch een fantastisch initiatief!

Speelgoedbank Apeldoorn ‘De Schatkist’ maakt er een feestje van

Door Carla van Vliet

Het lijkt zo vanzelfsprekend dat kinderen een cadeau krijgen met hun verjaardag of met de feestdagen. Maar voor kinderen uit gezinnen met een klein budget is dat helemaal niet het geval. Speelgoedbank Apeldoorn ‘De Schatkist’ zorgt er voor dat deze dagen voor kinderen toch feestelijk worden. Speelgoed is dan wel geen eerste levensbehoefte, maar door te spelen kunnen kinderen zich ontwikkelen. Volgens bestuursvoorzitter Angela Burgering: “Elk kind heeft het recht om te spelen, ongeachte de financiële situatie van de ouders.”

(voltallig bestuur ‘De Schatkist’, Angela Burgering 2de van rechts)

Hoe komen jullie aan het speelgoed?

“We zamelen goed en herbruikbaar speelgoed in. Iedereen kan dit inleveren, kijk even op onze website hoe dat gaat. Het speelgoed wordt door onze vrijwilligers grondig nagekeken en het wordt allemaal schoongemaakt. Waar kan wordt het gerepareerd en waar nodig van nieuwe batterijtjes voorzien. Dan wordt het schoon en heel in onze ‘winkel’ geplaatst. Vier keer per jaar mogen kinderen iets komen uitzoeken uit de winkel en uit onze boekenhoek, want lezen is natuurlijk ook belangrijk voor de ontwikkeling. Dit vinden ze vaak al echt een feestje! En wij zijn tegelijkertijd duurzaam bezig door het speelgoed een tweede kans te geven.”

In hoeverre heeft corona iets veranderd?

“Tijdens de eerste lockdown zijn we van maart tot aan de zomervakantie helemaal dicht geweest. Voor die tijd was het zo dat alle kinderen ieder kwartaal een keer De Schatkist konden bezoeken. We zijn drie keer per maand open en ze waren welkom op tijden die hen het beste uitkwam. Nu, vanaf september,  gaat alles op afspraak. Ouders moeten zich via de mail aanmelden en krijgen dan een link toegestuurd, via de link kunnen ze een tijdsafspraak maken. We laten twee gezinnen per kwartier toe. Juist omdat we zowel een speelgoedwinkel als een boekenhoek hebben, kunnen we de bezoekers goed verdelen en de 1,5 meterregel prima handhaven. Verder hebben we natuurlijk desinfectiepalen, looproutes, mondkapjesplicht en wachtvlakken buiten. En gelukkig houdt iedereen zich heel goed aan de afspraken.”

Op Facebook stond iets over een zomertassenactie? Vertel eens?

“Ja, dat was heel erg leuk. De kinderen mochten door corona zolang niet bij ons komen en dat vonden we best sneu. Daarom zijn wij naar hen toe gegaan. We hebben zo’n 140 tassen vol gestopt met speelgoed, daarbij uiteraard geprobeerd de inhoud zoveel  mogelijk af te stemmen op de belevingswereld van de kinderen. Met 10 vrijwilligsters hebben we op 1 avond alle tassen bezorgd. De reacties waren overweldigend, zo positief. Het bleek een prachtig alternatief. De actie werd deels gesponsord door het Armoedefonds, daardoor kon er ook nieuw speelgoed in de tas gedaan worden o.a. grote nieuwe waterpistolen.”

Er bestaat ook zoiets als de decemberuitgifte?

“Elk jaar mogen ouders op een avond in november bij ons, per kind, een tas vullen, zodat deze kinderen ook mooie cadeaus krijgen met de feestdagen. Ook dit jaar wilden we dit weer organiseren. Aan de gemeente Apeldoorn hebben we ons voorstel voorgelegd dit vier avonden te doen van 19.00 tot 22.00 uur. Hoewel de gemeente vond dat we er erg zorgvuldig over nagedacht hadden, zag zij  ons toch als een soort detailhandel en mochten we niet later maken dan tot 20.00 uur. Nu zijn we van 18.30 tot 20.00 uur open, waarin we 18 ouders per avond kunnen ontvangen, plus op de zaterdag van 10.00 tot 16.00 uur nog eens 72 ouders. Volgens afspraak komt er elke vijf minuten een ouder, die samen met een vrijwilligster een bepaalde route loopt en die onderweg zelf de cadeaus uitzoekt. Het kost ons best wel veel voorbereiding op deze manier, maar uiteindelijk verloopt het eigenlijk soepeler dan voorgaande jaren. In totaal is er vorige week voor ruim 275 kinderen speelgoed uitgezocht. En ouders zijn hier zo blij mee!”

Hebben jullie wel voldoende speelgoed?

“Ja wat dacht je, tijdens de eerste lockdown was iedereen aan het opruimen! We werden overspoeld. Ook dat heeft zich inmiddels een weg gevonden: speelgoed kan nu alleen op afspraak en in overleg gebracht worden. Donateurs moeten het zelf binnen neerzetten, daar laten wij het minstens een week onaangeroerd staan en daarna gaan we pas kijken en schoonmaken. Door het stramien van afspraken houden we tevens goed in de gaten in hoeverre de voorraad op peil blijft. Ook krijgen we nog steeds wel eens een aanbieding van een bedrijf dat nieuw speelgoed wil doneren, waar we natuurlijk heel blij mee zijn. Wel zijn we nog op zoek naar Schatbewaarders.”

Wat is een Schatbewaarder?

“Een financiële donateur. Wist je dat je voor maar €75 per jaar Schatbewaarder kunt worden van de speelgoedbank? Het zou fijn zijn als dit een vast aantal kan worden, van zeg 100 stuks, zodat de huur van ons pand veiliggesteld is. Het is bij ons echt niet een kwestie van alleen maar speelgoed doorgeven, wij moeten ook een pand huren, verzekeringen afsluiten, schoonmaakmiddelen kopen, enz. Misschien een leuk idee voor een bedrijf om Schatbewaarder te worden?”

Hoe ziet de toekomst van De Schatkist eruit?

“Hoe vervelend corona ook is, de regels die wij nu hanteren bevallen uitstekend. Misschien gaan we, qua afspraken maken, wel op deze voet door. De wachttijd voor ouders en kinderen kon soms echt wel oplopen tot een uur. In een speciale wachtruimte kon er iets gedronken en gesnoept worden maar een uur is best lang. Onze vrijwilligsters ervaren deze manier van werken ook als rustiger en prettiger. Het is nu nog niet te zeggen maar waarschijnlijk neemt het aantal kinderen volgend jaar wel toe door de coronaontslagen. Dus hoe het precies gaat lopen? We zien het wel. In elk geval is iedereen van harte welkom bij ons om nog vele feestjes te maken!”

Ode aan Emma(5)

Met de hand op mijn hart durf ik te beweren dat ik heel goed opgelet heb en toch ben je opeens 4 geworden! Hieperdepiep hoor! En wat ben je nog steeds leuk, leuker, leukst. Steeds denk ik: nu ben je op je leukst! Maar nee hoor, ik blijf bijstellen en dat doe ik met alle liefde.

Lastig hè, om met je vingers aan te geven dat je van drie jaar naar vier jaar gaat, hahaha! Ze raken bijna in de knoop. Gelukkig heb je al wel lang van te voren je eigen verjaardagslied geoefend: “Lang zal sie leven, lang zal sie leven…”  Je zit midden in je heerlijke roze Prinsessenfase. Je hebt een kledingrekje vol prinsessenjurkjes, van Belle tot Astepoetser, van Rapunzel tot Jasmine. Bij de laatste outfit heeft Tante een ‘vliegend tapijt’ gemaakt, waar je graag op zit, als een eilandje voor jezelf, met een goed boek en een pen…

Het is soms lastig kiezen, dan draag je gewoon twee jurkjes over elkaar. Sowieso ben je gek op jurkjes en rokjes, terwijl je ook heel graag klimt en stoeit en rent. En als Opa je dreigt te vangen roep je keihard: “Dàt dacht ik niet!”

Je blijkt een knutselkind en daarom kunnen we heerlijk uren aan tafel zitten met wc-rollen, kleurpotloden, lijm, stickers, scharen en kletspraatjes. We maken paddenstoelen en zodra ik verschillende afmetingen maak zet jij ze in een groepje van papa, mama, Emma en ‘Liekie’. Zo noem je je kleine zusje Lieke liefkozend. Je wilt alle paddenstoelen gezichtjes geven en tekent er een mond en ogen op. Ik wil nog uitleggen dat daarbinnen kabouters wonen maar … die ken je niet! Je weet niet wat kabouters zijn? “Nee Oma, dat heet dwergen net als bij Sneeuwwitje!” Aha. Als ik vraag of je even de lijm kan aangeven complimenteer je me met een duidelijk opvoedkundige hint: “Goed gevraagd Oma.”

Nu mag je eindelijk naar school, de echte school, iedere dag. En wat vind je het leuk. De allereerste keer was je van enthousiasme om half 7 je tas al aan het pakken en begreep je niet goed dat je nieuwe broodtrommel op woensdag niet mee hoeft. Maar tegelijkertijd vergeet je bijna Mama gedag te zeggen bij de schooldeur. Oeps. De eerste indrukken zijn zo overweldigend dat je nog niet veel loslaat, hooguit: “Ik had het druk hoor, eerst in de kring en toen nog gymmen en toen nog iets!” Ik heb bijna met je te doen. Zoveel uitdagingen liggen nog voor je en je neemt ze zonder schroom aan. Knap hoor. Hoelang duurt het voordat jij je gaat ergeren? Ter voorbereiding een cadeautje… 😉

Je taalgebruik was al prachtig maar wat wordt je wereld groter als je woordenschat dat ook wordt! Zo worden jouw verhalen steeds mooier. Tel daarbij op dat je dramatische acteergenen overduidelijk aanwezig zijn en dan… kun je zomaar een spannend verhaaltje maken van twee vliegtuigstrepen. Ik wees ze je aan, wilde uitleggen wat het was, maar jij wist het veel beter. Natuurlijk! “Dat is een raket Oma!” Stem daalt tot geheimzinnigheid: “ En daar zitten eeliejuns in….!” Ik huiver.  “Niet bang zijn Oma, want bij volle maan…” Dramatische pauze. “…zijn ze verdwenen!!!”  Ik zie geloof ik toch liever dat het over Astepoetser gaat.

Groei maar weer een jaar verder lief kind. Ik kijk toe, leer, ontdek, groei en geniet met liefde met je mee.

Sinterkerst!

Mijn sinterkersthart klopte opeens nog sneller toen ik dit verslag voor Apeldoorn Direct mocht maken…. 🙂

Sinter-kerstkringloopwinkel De Hofstad opent de deuren

Door Carla van Vliet

Kringloopwinkel De Hofstad aan de Kayersdijk 5, heeft er vanaf komende zaterdag, 14 november, een hele nieuwe afdeling bij: de Sinter-kerstkringloopwinkel (ingang aan Laan van Mensenrechten 590). Ben van der Velden is maar wat trots op ‘de leukste winkel van Apeldoorn’. Tijdens een rondleiding door het immense pand vertelt hij  hoe het allemaal begon.

Bij de ingang aan de Laan van Mensenrechten laat Ben zien door wie de bezoekers zaterdag welkom geheten worden: een levensgrote houten Sinterklaas en een opblaas-kerstman. Vervolgens is er een vaste looproute die je langs duizelingwekkend veel bomen, ballen, kransen, slingers, lichtsnoeren, waxinelichthouders, kaarsenstandaards, Kerstmannen, herten en sterren leidt. We meten hier  600 m2, waarvan de helft met kerstartikelen is gevuld en de andere helft met speelgoed voor hulpsinten.

Vertel eens, hoe is dit zo ontstaan?

“In onze kerk De Hofstad hielden we 2 keer per jaar een grote bazaar, maar door corona kon dit geen doorgang vinden. De spullen bleven echter wel komen. Gelukkig konden we in het pand aan de Kayersdijk terecht, dat momenteel een antikraakpand is. Een prima gelegenheid voor onze gewone kringloopwinkel. Voor de curiosa, meubels, serviezen en andere woonaccessoires. Later kwam er nog een stuk kleding bij. Stukje bij beetje breiden we dat uit. Maar ruimte voor een grote sinterkerstmarkt bleek er niet in te zitten. Daarom zijn we dik tevreden met de ludieke onderhandeling met Arie Tamboer: we mochten het pand waar kringloop Prins in gezeten heeft, voor de laatste 3 maanden van dit jaar gebruiken.”

Waar komen al die spullen vandaan?

“Vooral van onze gemeenteleden, maar intussen weten meer mensen ons te vinden. We hebben een eigen bus en aanhanger om spullen bij de mensen thuis op te halen. Ook na een overlijden worden we regelmatig goed bedacht met verkoopbare spullen. Met ruim 60 vrijwilligers wordt alles uitgezocht, schoongemaakt , gerepareerd,  gesorteerd en van prijzen voorzien. Nou werken we wel met kleurstickers hoor, dat is makkelijker. De prijzen in de sinter-kerstwinkel variëren van 10 cent voor een kerstbal tot het duurste artikel, een vintage kerstset van 25 euro . Daarna gaat het de winkel in, die we zo decoratief mogelijk hebben getracht in te richten. Er kan nog steeds gebracht worden want deze winkel duurt tot Kerst. Vooral bomen en guirlandes zijn welkom.”

Ons gesprek wordt onderbroken door een telefoontje van Hart van Nederland, ook die heeft belangstelling voor deze bijzondere winkel. Ben wijst nog even op de ruim 300 legpuzzels die te verkrijgen zijn, vooral een lust voor de coronapuzzelaars, en op de collectie boeken en CD’s/LP’s die speciaal voor sint en kerst zijn uitgezocht. Opvallend is de eenheid van kramen en de professionele uitstraling van de inrichting. Ben legt uit: “Toen Blokker aan de Adelaarslaan ging sluiten mochten wij alle schappen en rekken overnemen en mijn inzet voor Stichting WHOE leverde een flink aantal schragen en tafels op van de kofferbakverkoop ’s zomers langs het Apeldoorns Kanaal. Tel daarbij op dat onze vrijwilligers er oog voor hebben de boel leuk aan te kleden en neer te zetten.

Waar doen jullie al die moeite voor?

“Ons doel is drieledig. Ten eerste vinden we het bijzonder jammer als er spullen weggegooid worden, je geeft ze zo makkelijk een tweede leven. Ten tweede kunnen mensen met een kleinere portemonnee ook gezellig winkelen om hun huis leuk aan te kleden met de feestdagen en/of cadeautjes te kopen. En ten slotte spekken we de wijkkas van onze kerk, zodat er voor ouderen en eenzamen gezellige middagen en uitstapjes kunnen worden georganiseerd. Zolang corona nog heerst kunnen we ze een mooie attentie brengen. De opbrengst wordt in elk geval prima besteed.”

Zin in zaterdag?

“Ja, heel veel, maar ook spannend hoor. Komen de mensen wel? Vinden ze het leuk? Hoeveel komen er? We zijn in elk geval goed voorbereid. We hebben buiten een nummertjesapparaat staan om de mensenstroom te reguleren, er zijn verkeersregelaars en scherpe coronaregels:  een winkelmandje is verplicht, er zijn  er 30, anders buiten wachten. Er is een mondkapjesplicht en desinfectieplicht voor de handen. Je moet de looproute volgen, en let op 1,5 meter afstand, we hebben extra brede paden en bij de kassa staan strepen op de vloer. En belangrijk: we hebben een pinapparaat! Hopelijk gaat ‘ie veel gebruikt worden!”

De Sinter-Kerstkringloopwinkel is open op maandag van 9.00 tot 12.00 uur, op woensdag van 13.00 tot 17.00 uur, donderdag van 18.00 tot 20.00 uur en op zaterdag van 10.00 tot 14.00 uur.

Mantelzorgers in het zonnetje

Voor Apeldoorn Direct mocht ik weer een artikeltje maken, deze keer over de Dag van de Mantelzorg. Ver van mijn bed denk je? Dichterbij dan je denkt!

Mantelzorgers in het zonnetje tijdens de Dag van de Mantelzorg

Door Carla van Vliet

Zoals elk jaar wordt komende dinsdag, 10 november, weer de Dag van de Mantelzorg gehouden. Op deze dag laten we zien dat we de mantelzorgers  waarderen. Aangezien 1 op de 3 Nederlanders mantelzorger is hebben we het hier al snel over 4,4 miljoen mensen. In Apeldoorn zou je dan uitkomen op een gemiddelde van 50.000 mensen. Dat lijkt veel. Maar kijk eens goed om je heen en zie wie er voor een ouder of een ander familielid zorgt of voor een buurvrouw of eigen kind. Ervaringsdeskundige Regine Beijer zit in de organisatie om deze dag tot iets extra’s te maken, met een speciaal programma op zaterdag 14 november. We spraken haar.

Hoe ben jij dit initiatief terechtgekomen?

“Via mijn dochter Jonique, zij zat op Kiki/Bobo, therapeutische peutergroep vanuit Klimmendaal. Van hieruit ging zij naar speciaal onderwijs Het Kroonpad, waar we plaatsnamen in de OR. Daar leerde ik andere ouders kennen die ook een zorgintensief kind hebben. We maakten veel mee, leuke maar ook  minder leuke dingen. Na zelf een keer een verwendag te hebben gehad ontstond het idee om voor ouders/verzorgers van het Kroonpad ook een verwendag te organiseren. We hebben hierbij de hulp ingeschakeld van De Kap, Mee Veluwe en Truus Hermkens, combinatiefunctionaris vrije tijd. Dit was zo leuk! Omdat de groep mantelzorgers immers veel groter is dan die van bij ons bekende ouders van zorgintensieve kinderen, wilden we het breder trekken.  Van daaruit is een werkgroep ontstaan en organiseren we nu jaarlijks met elkaar iets feestelijks, zoals in 2018 een Tapasavond. Dit tot volle tevredenheid van de organisatie en de bezoekers.”

Waarom doe je dit?

“Het doel van deze dag is om andere ouders in contact te laten komen met elkaar. Maar ook in contact laat komen met organisaties als De Kap en MeeVeluwe. Dit is waardevol, omdat je de zorg deelt. En daardoor heb je niet alleen de ellende van de dagelijkse zorg maar kun je ook met elkaar lachen. Toen mijn dochter klein was heb ik iemand van De Kap uitgenodigd, niet om met Jonique te spelen maar om onze jongste zoon wat extra aandacht te geven, waar ik zelf niet aan toe kwam. De Kap kan op diverse manier ingezet worden waardoor je zelf kunt opladen.”

Waaruit bestaat het programma dit jaar?

“Ons uitgangspunt was: ‘het coronavirus houdt geen rekening met mantelzorgers. Wij wel!’ Daarom hebben we een leuke online activiteit bedacht: Theatergroep Bint geeft 2 voorstellingen. De middagvoorstelling ‘Overeind’ gaat over het dagelijks leven van een mantelzorger, dat met veel humor en herkenbaarheid gebracht wordt. De avondvoorstelling ‘Die ouders doen ook maar wat. Special!’ is herkenbaar en pakkend voor ouders van zorgintensieve kinderen. De voorstellingen zijn bedoeld voor alle mantelzorgers maar ook voor professionals en belangstellenden. Een leerkracht van mijn dochter is vorig jaar naar zo’n voorstelling geweest en het leverde een stukje erkenning op naar de ouders toe, het bleek een eyeopener te zijn en een ander, helderder inzicht te geven. Geïnteresseerden kunnen zich aanmelden via de website van De Kap.”

Stel dat er zich 50.000 aanmelden?

“Voor de online versie dit jaar is dit niet zo’n probleem maar dit aantal halen we niet, hoor. Dit komt omdat de meeste mensen geen idee hebben dat ze mantelzorger zijn. Als in een gezin 1 kind ziek is zijn alle gezinsleden mantelzorgers, niet alleen de ouders, ook het jongere broertje dat ‘gewoon’ naar school gaat. Als 1 ouder ziek is dan is dat niet alleen zwaar voor de partner maar ook voor de dochter die schijnbaar moeiteloos elke dag kookt. Dat zijn ook mantelzorgers.

Vorig jaar heeft De Kap, als onderdeel van de campagne ‘Heb oog en oor voor jonge mantelzorgers’ de theatervoorstelling ‘Roos Radeloos’ laten maken. Deze voorstelling is ook op scholen en in ziekenhuizen vertoond met als doel meer duidelijkheid te verschaffen over het begrip jonge mantelzorger. En daarbij is het vaak zo dat een groot deel van de doelgroep overbelast is en jammer genoeg niet eens tijd heeft voor deze activiteit.”

Hoe ervaar je deze tijd van corona?

“Het is drukker dan ooit. Jonique moesten we thuisonderwijs geven toen de scholen dicht waren. Aan de ene kant viel er een stukje druk weg ’s morgens, doordat er geen tas gepakt hoeft te worden en ze niet op tijd klaar hoeft te zijn voor de taxi. Maar aan de andere kant miste ze erg de structuur en was ze thuis veel sneller afgeleid. Begeleiders mogen mochten niet hier over vloer komen, dus de belasting van de ouders was veel hoger. Alles viel weg en dan moet je creatief worden.

Sporten hebben we via Skype op laten pakken en dat leverde ook komische momenten op. Ik geef typeles op school aan groep 7/8. Totaal 10 lessen en na het examen stopt mijn werk. Dit jaar was dit voor het eerst online. En mijn werkzaamheden bij de Julianakerk staan ook stil. Maar goed, naast Jonique hebben wij nog twee kinderen die natuurlijk ook met bijzondere school- en werkafspraken te maken kregen.”

Wie zorgt er nu eigenlijk voor jou?

“Haha, dat is een goeie. Ik krijg van dit geregel ook wel veel energie, hoor! En met dit groepje moeders volg ik een ouderschapstraining. Dit gaat via een spel met kaarten waar diverse vragen opstaan. Hiermee kun je het gesprek aangaan met andere ouders. Vragen als: Wat heb jij nodig? Bij wie kun je aankloppen voor raad? Wat wil je bereiken? Waar ben je het meest trots op? Dit is fijn, er wordt geen oordeel aan gehangen en je hebt eindelijk eens tijd om over jezelf te praten en na te denken. Dus ja, dat doe ik echt wel voor mezelf.”

Wat wil je uiteindelijk bereiken met de aandacht voor de mantelzorg?

“Voor nu wil ik graag bereiken dat mantelzorgers zich aanmelden bij De Kap voor die dag. Kun je die dag niet dan bestaat er ook de mogelijkheid de voorstellingen later gewoon thuis te bekijken. En als werkgroep Moeders willen we graag doorgeven dat mantelzorgouders van zorgintensieve kinderen het niet alleen hoeven doen. Het kan juist ook ontspannend zijn om anderen te ontmoeten. Er staan mensen klaar met een luisterend oor. Ik wil graag dat mensen weten dat de Dag voor de mantelzorg er is, voor iedereen!”

Rare tijden

Ik worstel me suf door deze vreemde periode. Als, sporadisch maar als, ik naar een winkel ga (ik kan niet alles aan een ander overlaten) loop ik in een constante alcoholroes. Ik grijp regelmatig naar de verkeerde fles: ik sop een mandje dat al schoon bleek, ik smeer een wagentje in met handgel. Oeps! Lichtelijk high draaf ik door de plaatselijke detailhandel. Door mijn beslagen brillenglazen lees ik briefjes met wanhopige verzoeken:

Ik doe mijn best en wil graag meedoen, maar heel soms wil ik de achterkant van iets even lezen om te kijken of ik het nodig heb…wat nu?! Oeps!

Kijk, dit raakt me dan weer direct: wij raken u, maar niet aan. Gelukkig staat de komma op de juiste plaats anders kon je lelijk geraakt worden. Elkaar of iemand raken met wat je doet of wat je zegt is nu soms van levensbelang, levensbehoud. Opeens zijn woorden dan niet overbodig. En moet je die arm om een schouder hardop zeggen. Aarzelen is wel een werkwoord dat ik vaak uitoefen tegenwoordig. Zal ik gaan? Zal ik niet gaan? Zal ik het aanraken? Of toch maar niet? ‘Aarzel niet’ betekent eigenlijk net zoiets als ‘durf wel!’

Wordt durven dan het nieuwe normaal? Ik zou het niet durven zeggen. Wat is nieuw? Wat is normaal? Voorlopig maar even pas op de plaats. Voorlopig braaf de regels hanteren is ook een vorm van de held uithangen. Preventief bezig zijn met zicht op later, met zicht op samen, niet op durven maar op doen, niet op alleen raken maar ook op aanraken. Doe het nou maar gewoon.

Daarom worstel ik maar dapper verder terwijl ik eenmaal weer buiten, snakkend naar frisse lucht, mijn mondkapje zwierig wil afdoen maar daarbij een brillenpoot en een oorbel meetrek. Oeps.

Apeldoorn, stad van hoop

We hebben er momenteel allemaal zo’n behoefte aan, aan hoop.

We willen zo graag dat wat we missen concreet maken (een knuffel, een concert, een terrasje pakken…)

Maar hoop is onzeker, je verwacht iets maar weet niet of het realiteit gaat worden (een grote geldprijs, een droomhuis…)

Apeldoorn, officieel geen stad maar een dorp,  heeft gelukkig een hoop te bieden.

Vooral in dit seizoen een hoop bladeren.

Niet zo gek natuurlijk, er zijn ook een hoop bomen.

Tussen die bomen bevinden zich een hoop hopen.

Je ziet ook een hoop opritten.

Maar er is ook een hoop humor: op een vlag bij de orthodontist staat

‘Lach…het staat je goed!’

We hebben ondernemers met een hoop internationale allures.

Uiteraard bevinden zich in Apeldoorn een hoop mooie huizen.

Dit is mijn favoriet, uit 1842.

Iets met geldprijs en droomhuis…

Alhoewel ik eerst de snackbar er pal naast zou wegkopen!!!

Een hoop gebakken lucht ook in Apeldoorn…

Nou ja, zolang het maar geen wanhoop wordt!

Hoop doet leven!

Hoop ik.

ZKV bundel!

De term ZKV heeft naar mijn idee altijd iets weg van een scheldwoord: achterlijke ZKV dat je bent! De term heeft ook niets van doen met de Zaandamse Korfbal Vereniging. Maar het betekent gewoon Zeer Kort Verhaal. Uitgevrij 1802 publishing schreef een wedstrijd uit met de vraag een tekst voor een ansichtkaart te schrijven. Eén ZKV mocht niet meer dan 100 woorden bevatten en het was toegestaan meerder ZKV’s in te leveren. Ik leverde er 7 in (coronatijd hè…;-)) maar uiteindelijk was geen enkele tekst geschikt bevonden voor op een ansichtkaart. Tien andere schrijvers  gingen er met de eer vandoor. Maarrrr ….de uitgeverij was dusdanig onder de indruk van de kwaliteit van de  ingeleverde teksten dat daarvan een ZKV-bundel gaat verschijnen! Van mijn hand komen er zelfs drie verhaaltjes in! Dat betekent vier stuks niet, die mag je dus hier lezen 😉

Eerst twee verhaaltjes waarbij de clou natuurlijk weer in de staart zit, mijn favoriete manier van schrijven.

Echte liefde

Oh, wat houd ik toch veel van je. Van hoe je ruikt, fris en zoutig tegelijk. Van hoe je klinkt, soms murmelend dan weer oorverdovend. Hoe je beweegt, van vloeiend tot onrustig. Je laat me lachen maar ook huilen. Je bent uitdagend maar straft ook onmiddellijk af. Je geeft me diepte maar ook vaste grond onder mijn onzekere voeten. Je omarmt me en laat me los. Je bent lieflijk en breekbaar maar ook opdringerig en aanwezig. Ik zal je altijd en overal herkennen. Mijn passie voor jou is grenzeloos intens, lieve zee.

Dagelijks.

Ik zie hen elke dag. Ze wandelen steeds hetzelfde rondje. Dat wil zeggen dat hij wandelt en zij een beetje sloft. Hij past zich aan haar tempo aan, elke maand een stukje trager. Aangekomen bij het bankje langs het water zegt hij: “Kom maar meisje, even uitrusten.” Hij kroelt wat door haar haren en zij kijkt liefdevol naar hem op. Soms is ze zo moe dat ze haar hoofd op zijn schouder legt. Een half uurtje later vervolgen ze hun weg. Ik kijk hen na, afvragend hoe lang ze nog samen zullen zijn, de man en zijn hond.

Toen bedacht ik dat ik ook wel wat spannends kon schrijven!

Gewoon

Ik stond er versteld van hoe makkelijk het ging. Ik bestelde het via internet en het kwam als brievenbuspakketje bij me thuis. Toen heb ik mijn koffer gepakt. Vervolgens heb ik de vuilnisbak omgekieperd in de keuken, een fles bleekwater over zijn kleding laten druipen en alle drankflessen geleegd op het dure parket. Toen ik tevreden was over de puinhoop ging ik boven op mijn bed zitten. Ik hoorde hem thuiskomen. Al vloekend liep hij door het huis. Toen hij even later tegenover me stond schoot ik hem dood. Ik stapte gewoon over hem heen en vertrok.

Naderhand dacht ik: wie stuur je nou een kaart met zo’n enge tekst? Hoe zou ik het vinden zo’n kaart te krijgen? Toen stapte ik maar snel over op een kerstkaart.

Kerst

Ik spring op een andere tak en de sneeuw dwarrelt naar beneden. Ik heb honger. Maar de man uit het kleine huisje in het bos komt niet naar buiten. Nooit meer. De vrouw is er nog wel maar vergeet steeds dat ik ook moet eten. Ze vergeet wel meer. Hoe laat de lampen aan moeten, vaak zit ze in het donker. Hoe de haard moet blijven branden, soms zie ik geen rook uit de schoorsteen. Gelukkig komt vandaag de jonge mevrouw, met een dennenboompje. Samen maken ze een slinger van popcorn, onder lamp, bij de brandende haard. Lekker!

Het is echt zo’n leuke uitdaging/bezigheid, zo’n ZKV. Probeer het ook eens! En verras je familie en vrienden met kerst, door een heel verhaal(tje) te sturen 😉